ECLI:NL:CBB:2026:79

ECLI:NL:CBB:2026:79

Instantie College van Beroep voor het bedrijfsleven
Datum uitspraak 03-03-2026
Datum publicatie 26-02-2026
Zaaknummer 24/531
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Den Haag
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:RBROT:2024:3932

Samenvatting

Telecommunicatiewet. Instemmingsbesluit van het college van b en w voor het plaatsen van telecomkasten. Kast geplaatst naast slaapkamerraam. Bij het verlenen van instemming mag het college van b en w alleen de in artikel 5.4 van de Telecommunicatiewet genoemde belangen betrekken.

Uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 maart 2026 op het hoger beroep van:

[naam 1] , te [woonplaats] ,

[naam 1]

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, (college van b en w)

uitspraak

zaaknummer: 24/531

tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 2 mei 2024, kenmerk 23/6768, in het geding tussen

(gemachtigde: mr. C.W. de Jong).

Procesverloop in hoger beroep

[naam 1] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam (rechtbank) van 2 mei 2024 (ECLI:NL:RBROT:2024:3932).

Het college van b en w heeft een reactie op het hogerberoepschrift ingediend.

De zitting was op 8 december 2025. Aan de zitting hebben deelgenomen [naam 1] en de gemachtigde van het college van b en w.

Grondslag van het geschil

Voor een uitgebreide weergave van het verloop van de procedure, het wettelijk kader en de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden, voor zover niet bestreden, wordt verwezen naar de aangevallen uitspraak. Het College volstaat met het volgende.

Met het besluit van 31 maart 2022 (instemmingsbesluit) heeft het college van b en w aan de Netwerk Exploitatiemaatschappij B.V. (Netwerk) instemming verleend voor het plaatsen van telecomkasten voor het glasvezelnetwerk in de [straatnaam] te [woonplaats] .

[naam 1] woont op het adres [adres 1] [huisnummer 1] in [woonplaats] . De instemming is onder meer verleend voor de locatie "nabij [adres 1] [huisnummer 2] " in [woonplaats] . De kast is geplaatst tegen de buitenmuur van het pand waar [naam 1] woont.

Met het besluit van 10 oktober 2023 (bestreden besluit), waartegen het beroep bij de rechtbank was gericht, heeft het college van b en w het bezwaar van [naam 1] tegen het instemmingsbesluit ongegrond verklaard.

Uitspraak van de rechtbank

2 De rechtbank heeft het beroep van [naam 1] ongegrond verklaard. De rechtbank heeft, voor zover voor het hoger beroep van belang, het volgende overwogen.

"5.1.3. Eiseres stelt […] terecht dat de instemming is aangevraagd en verleend voor de locatie [adres 1] [huisnummer 2] , maar dit is volgens de bijlage bij het instemmingsbesluit het nabijgelegen adres. Deze formulering laat, indien nodig, ruimte voor het kiezen van een afwijkende locatie. De telecomkast hoefde dus niet exact op het adres [adres 1] [huisnummer 2] te worden geplaatst. […]

Tijdens de hoorzitting […] is de technische noodzaak om in dit geval af te wijken van de locatie waarvoor instemming is verleend naar een andere locatie aan de orde geweest. Er lagen op de oorspronkelijke locatie al andere kabels, zodat Netwerk Exploitatiemaatschappij moest uitwijken naar een nieuwe locatie dan de oorspronkelijke, waarop het wél mogelijk was om de glasvezelkabels op de juiste afstand van de gevel te leggen. Die nieuwe locatie moest bovendien binnen 15 meter van de oorspronkelijke locatie liggen, omdat de telecomkast anders te dicht op de volgende telecomkast zou komen te staan. Gelet op het voorgaande is de motivering voor die afwijking naar het oordeel van de rechtbank begrijpelijk en voldoende. […]

6. Eiseres betoogt dat artikel 5 van de Telecommunicatieverordening Rotterdam 2015 bepaalt dat de aanbieder verplicht is omwonenden op de hoogte te stellen van de uit te voeren werkzaamheden. Eiseres heeft navraag gedaan bij de vereniging van eigenaren, maar daar was niets bekend. Zij heeft geen abonnement op een krant en was zelf dus ook niet op de hoogte. Eiseres vraagt zich af op welke manier zij op tijd geïnformeerd had kunnen worden zodat zij (eerder) bezwaar had kunnen maken.

Deze beroepsgrond slaagt niet.

Eiseres wijst op zich terecht op de voorlaatste pagina van het instemmingsbesluit. Hier staat:

“8. de bewoners/bedrijven langs het tracé c.q. nabij het werk tenminste één week voor aanvang van de werkzaamheden op de hoogte gesteld dienen te worden door middel van een met het betreffende Gebied overeengekomen bewonersbrief.” […]

Ter zitting heeft [naam 2] dit erkend. Hij heeft verklaard dat hij vermoedt dat de zogeheten bewonersbrief waarschijnlijk wel is verstuurd aan omwonenden rondom de oorspronkelijke locatie, maar dat de nieuwe locatie last minute - binnen een dag - moest worden gekozen en dat het kan zijn dat eiseres inderdaad niet is geïnformeerd.

Hoewel eiseres dus naar alle waarschijnlijkheid terecht klaagt dat zij niet is geïnformeerd, is dit een verplichting die op Netwerk Exploitatiemaatschappij rustte en niet op het college. Daarom kan het ten onrechte niet informeren van eiseres niet als onrechtmatig handelen van het college worden aangemerkt en kan dit niet afdoen aan de rechtmatigheid van het instemmingsbesluit. Ook deze beroepsgrond kan dus niet leiden tot vernietiging van het instemmingsbesluit. […]

8. Eiseres betoogt dat het college op de hoogte is van mogelijke overlast die de telecomkast aantrekt, maar ervoor kiest het selectief te negeren. In de criteria die het college hanteert zou minstens moeten staan dat een telecomkast niet naast een slaapkamerraam mag worden geplaatst. Verder geeft het college aan dat er geen onderzoeken bekend zijn die straling van een telecomkast aantonen. Eiseres vraagt zich af of de gemeente aansprakelijk is als over 25 jaar iets anders blijkt, zoals in het geval van asbest. Het college had de instemming namelijk ook kunnen weigeren als men meer onderzoek had gedaan.

Deze beroepsgrond slaagt niet.

Het college stelt in het verweerschrift terecht dat de genoemde overlast de rechtmatigheid van het instemmingsbesluit niet raakt. Met betrekking tot de overlast van hangjongeren stelt de rechtbank ten overvloede vast dat het college heeft aangeboden om een schuin “afdakje” boven het kastje te plaatsen, zodat er in ieder geval niet op kan worden gezeten. Ter zitting is gebleken dat dit nog niet is gebeurd. Eiseres stelt dat deze maatregel niet zal helpen, maar dit aanbod geeft naar het oordeel van de rechtbank wel aan dat het college bereid is om maatregelen te treffen om de overlast voor eiseres te verminderen.

Op de door eiseres gevreesde straling is tijdens de hoorzitting […] uitgebreid ingegaan. De rechtbank ziet geen aanleiding om het college niet te volgen in zijn standpunt dat glasvezel geen elektromagnetische straling afgeeft, omdat er alleen licht door de kabels heen gaat. Tijdens de hoorzitting is namens het college verwezen naar de website van het RIVM. Op die website staat volgens het college informatie waaruit blijkt dat er geen stralingsgevaar is. Als eiseres meent dat dit toch anders is, dan ligt het op haar weg om die stelling te onderbouwen met andersluidende onderzoeken of informatie. Eiseres heeft dat niet gedaan. In haar enkele stelling dat asbest vroeger ook veilig werd geacht, ziet de rechtbank geen aanleiding om een onderzoekplicht voor het college aan te nemen. Dit betekent ook dat het college niet gehouden was om te wachten met het instemmingsbesluit totdat onderzoek was verricht naar straling.

Voor het overige heeft eiseres geen feiten en omstandigheden gesteld op grond waarvan moet worden geoordeeld dat haar belangen zwaarder dienen te wegen dan die van het college."

Beoordeling van het geschil in hoger beroep

3 [naam 1] beklaagt zich over het feit dat er zo maar uit het niets een telecomkast geplaatst kan worden aan een slaapkamerraam. Het informeren van de bewoners is een loze opmerking in het besluit. Er staat geen sanctie op. Als [naam 1] op tijd was geïnformeerd, had ze bijvoorbeeld haar geveltuin vervroegd kunnen laten plaatsen en dan had de gemeente een andere plek moeten zoeken. Nu is haar de kans ontnomen zich daadwerkelijk te beschermen. In de uitspraak van de rechtbank wordt de verantwoordelijkheid voor het informeren neergelegd bij Netwerk, maar de burger heeft geen contact of een andere relatie met die maatschappij. De burger valt onder de gemeente. Ook wordt niet duidelijk waarom de kast aan een huis moet staan. Er was meer dan genoeg ruimte om die op een andere plek te plaatsen. [naam 1] merkt op dat haar huis niet eens onderdeel was van het instemmingsbesluit. De kast staat nu naast haar slaapkamerraam. Op de zitting heeft zij toegelicht dat de kast schadelijke gevolgen heeft voor haar gezondheid. Ook heeft ze last van mensen die op de kast klimmen.

4 Het college van b en w heeft verweer gevoerd.

5 In het instemmingsbesluit heeft het college van b en w aan Netwerk de verplichting opgelegd om de bewoners/bedrijven langs het tracé tenminste één week voor de aanvang op de hoogte te stellen van de werkzaamheden door middel van een bewonersbrief. [naam 1] stelt, onbestreden, dat zij niet is geïnformeerd over de werkzaamheden en voert aan dat in het instemmingsbesluit ten onrechte geen sanctie op het niet naleven van de informatieplicht door Netwerk is opgenomen. Het College stelt vast dat de informatieverplichting die aan Netwerk in het instemmingsbesluit is opgelegd, in overeenstemming is met artikel 5, eerste lid, van de Telecommunicatieverordening Rotterdam 2015. Voor zover moet worden aangenomen dat die verplichting is gebaseerd op artikel 5.4, vierde lid, aanhef en onder c, van de Telecommunicatiewet, ziet het College geen aanknopingspunt voor het oordeel dat het instemmingsbesluit onrechtmatig is vanwege het ontbreken van een sanctie op niet naleving van de informatieplicht. Dat [naam 1] geen belemmering heeft kunnen aanbrengen (in de vorm van een geveltuin) voor het uitvoeren van de werkzaamheden omdat zij niet over de werkzaamheden geïnformeerd was, maakt het instemmingsbesluit ook niet onrechtmatig. Dit nog daargelaten of een geveltuin de plaatsing van de kast effectief had kunnen afwenden. Het college van b en w gaat uiteindelijk over het gebruik van gemeentegrond.

Verder voert [naam 1] aan dat het college van b en w de verantwoordelijkheid voor het informeren niet bij Netwerk had mogen leggen, maar de bewoners zelf had moeten informeren. Het College ziet evenmin een aanknopingspunt voor het oordeel dat de verantwoordelijkheid voor het informeren van de betrokken bewoners bij het college van b en w lag.

De andere hogerberoepsgronden van [naam 1] gaan over de plaats van de kast. [naam 1] voert aan dat onduidelijk is waarom de kast aan een huis moet staan en dat haar huis geen onderdeel was van het instemmingsbesluit. In het bestreden besluit is naar het oordeel van het College duidelijk uitgelegd welke technische uitgangspunten er gelden voor de keuze van de plaats van een kast. Zoals daaruit blijkt, moet rekening gehouden worden met de vaste locatie van andere infrastructuur (gas, water, elektra), de afstand tot andere telecomkasten en de lengte van de kabel. Vervolgens heeft het college van b en w de plaatsing van de kast bij het huis van [naam 1] beoordeeld en geconcludeerd dat die plaatsing voldoet aan de eisen die in de regelgeving worden gesteld. Hoe de bepaling van de locaties van de kasten in het instemmingsbesluit precies moet worden gelezen, laat het College in het midden. Op grond van technische overwegingen is de locatie bij het huis van [naam 1] een passend alternatief gebleken voor een eerder voorgestelde locatie waarvan nader onderzoek uitwees dat al aanwezige infrastructuur een belemmering vormde. In het bestreden besluit is dit uitgebreid toegelicht.Wat [naam 1] verder aanvoert tegen de plaatsing van de kast bij haar huis kan op grond van artikel 8:69a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet leiden tot vernietiging van het bestreden besluit. Het College legt dit hierna uit.

In artikel 8:69a van de Awb is bepaald dat de bestuursrechter een besluit niet vernietigt op de grond dat het in strijd is met een geschreven of ongeschreven rechtsregel of algemeen rechtsbeginsel, indien deze regel of dit beginsel kennelijk niet strekt tot bescherming van de belangen van degene die zich daarop beroept. Bij het verlenen van instemming met de plaatsing van de kast mag het college van b en w alleen de in artikel 5.4 van de Telecommunicatiewet genoemde belangen betrekken. Het gaat daarbij om de publieke belangen van het voorkomen van overlast, het handhaven van openbare orde, veiligheid en bereikbaarheid en ondergrondse ordening (Kamerstukken II 2005-2005, 29834, nr. 3, blz. 13-14). [naam 1] voert aan dat ze nadelen ondervindt van de plaatsing van de kast naast het slaapkamerraam op de begane grond. Het door haar gestelde gezondheidsbelang, wat daar verder van zij, valt niet onder de in artikel 5.4 van de Telecommunicatiewet genoemde publiekrechtelijke belangen. De gestelde last van mensen die op de kast klimmen betreft niet het publieke belang van het voorkomen van overlast maar het individuele privacybelang van [naam 1] en valt daarom ook niet onder de in artikel 5.4 van de Telecommunicatiewet genoemde belangen. Overigens heeft het college van b en w aangeboden een dakje op de kast te plaatsen om het klimmen op de kast tegen te gaan. [naam 1] heeft geen gebruik gemaakt van dit aanbod. Ten slotte is evenmin sprake van een mogelijke aantasting van de openbare orde of publieke veiligheid waarmee het college van b en w bij het nemen van het instemmingsbesluit rekening had moeten houden. Het College begrijpt dat [naam 1] de kast hinderlijk vindt maar bij – onder andere – de aanleg van publieke telecommunicatie-infrastructuur gaat het algemene belang dat daarmee gediend is voor op, onder meer, de individuele belangen van burgers, tenzij dat algemene belang botst met specifieke publieke belangen. Dat is hier niet het geval.

7 Uit het voorgaande volgt dat het hoger beroep niet slaagt. Het College zal de aangevallen uitspraak bevestigen.

8 Het college van b en w hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

Het College bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Duuren, in aanwezigheid van mr. I.C. Hof, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 maart 2026.

w.g. M. van Duuren w.g. I.C. Hof

Bijlage

Algemene wet bestuursrecht

Artikel 8:69aDe bestuursrechter vernietigt een besluit niet op de grond dat het in strijd is met een geschreven of ongeschreven rechtsregel of een algemeen rechtsbeginsel, indien deze regel of dit beginsel kennelijk niet strekt tot bescherming van de belangen van degene die zich daarop beroept.

Telecommunicatiewet

Artikel 1.1In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:[…]kabels: fysieke geleidingsdraden bestemd voor de rechtstreekse overdracht van signalen tussen punten en de bij deze fysieke geleidingsdraden behorende ondergrondse ondersteuningswerken, beschermingswerken en signaalinrichtingen, alsmede inrichtingen, bestemd om daarin verbinding tot stand te brengen tussen fysieke geleidingsdraden in, op of boven openbare gronden enerzijds en fysieke geleidingsdraden in gebouwen en daarmee één geheel vormende gronden anderzijds dan wel tussen laatstgenoemde fysieke geleidingsdraden onderling; […]

Artikel 5.2, eerste lid1. De rechthebbende op of de beheerder van openbare gronden is verplicht te gedogen dat ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk kabels in en op deze gronden worden aangelegd, instandgehouden of opgeruimd.

Artikel 5.4, eerste tot en met vierde lid1. De aanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk die het voornemen heeft werkzaamheden uit te voeren in of op openbare gronden in verband met de aanleg, instandhouding of opruiming van kabels, gaat slechts over tot het verrichten van deze werkzaamheden indien deze:a. het voornemen daartoe schriftelijk heeft gemeld bij burgemeester en wethouders van de gemeente binnen wier grondgebied de uit te voeren werkzaamheden plaats zullen vinden, enb. van burgemeester en wethouders instemming heeft verkregen omtrent de plaats, het tijdstip, en de wijze van uitvoering van de werkzaamheden.2. Burgemeester en wethouders nemen het instemmingsbesluit binnen acht weken na ontvangst van de schriftelijke melding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a. De termijn van acht weken kan worden verlengd met ten hoogste acht weken. Zij kunnen om redenen van openbare orde, veiligheid, het voorkomen of beperken van overlast, de bereikbaarheid van gronden of gebouwen, dan wel ondergrondse ordening in het instemmingsbesluit voorschriften opnemen.3. De voorschriften kunnen slechts betrekking hebben op:a. de plaats van de werkzaamheden;b. het tijdstip van de werkzaamheden, met dien verstande dat het toegestane tijdstip van aanvang, behoudens zwaarwichtige redenen van publiek belang als genoemd in het tweede lid, niet later mag liggen dan 12 maanden na de datum van afgifte van het instemmingsbesluit;c. de wijze van uitvoering van de werkzaamheden;d. het bevorderen van medegebruik van voorzieningen;e. het afstemmen van de voorgenomen werkzaamheden met beheerders van overige in de grond aanwezige werken.4. De gemeenteraad stelt met betrekking tot het verrichten van de werkzaamheden bij verordening regels vast die in ieder geval betrekking hebben op:a. het tijdstip, voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden, waarop de melding uiterlijk moet zijn gedaan;b. de gegevens die bij de melding moeten worden verstrekt, waaronder het uitvoeringsplan;c. de wijze van uitvoering van de werkzaamheden bij aanleg, instandhouding en opruiming;d. het bevorderen van medegebruik van voorzieningen;e. het afstemmen van de voorgenomen werkzaamheden met beheerders van overige in de grond aanwezige werken;f. de wijze van melding en uitvoering van spoedeisende werkzaamheden in verband met ernstige belemmering of storing van de communicatie.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?