ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7466

ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7466, Centrale Raad van Beroep, 16-01-2007, 06-1531 WWB

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 16-01-2007
Datum publicatie 31-01-2007
Zaaknummer 06-1531 WWB
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Utrecht
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 3 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0015703

Samenvatting

Tegen de weigering van een bestuursorgaan om beleid vast te stellen kan geen bezwaar en beroep worden ingesteld.

Uitspraak

06/1531 WWB

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[appellant] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Middelburg van 14 februari 2006, 05/583 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

het Dagelijks bestuur van de Intergemeentelijke Sociale Dienst Walcheren (hierna: het Dagelijks bestuur)

Datum uitspraak: 16 januari 2007

I. PROCESVERLOOP

Als gevolg van de inwerkingtreding van een gemeenschappelijke regeling oefent het Dagelijks bestuur van de Intergemeentelijke Sociale Dienst Walcheren de taken en bevoegdheden uit in het kader van de Wet werk en Bijstand (WWB) die voorheen door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere werden uitgeoefend. In deze uitspraak wordt onder het Dagelijks bestuur tevens verstaan het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere.

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

Het Dagelijks bestuur heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 19 december 2006. Appellant is verschenen. Het Dagelijks bestuur heeft zich, met voorafgaand bericht, niet laten vertegenwoordigen.

II. OVERWEGINGEN

De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.

Appellant heeft bij brief van 21 maart 2005, voor zover hier van belang, bezwaar gemaakt tegen het ontbreken van beleidsregels. Bij besluit van 5 juli 2005 heeft het Dagelijks bestuur dit bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Aan dit besluit ligt ten grondslag dat de Algemene wet bestuursrecht appellant niet de mogelijkheid biedt om tegen een weigering om een besluit, inhoudende een beleidsregel, te nemen, bezwaar te maken.

Bij de aangevallen uitspraak, waarin voor eiser appellant en voor verweerder het Dagelijks bestuur dient te worden gelezen, heeft de rechtbank het tegen het besluit van

6 juli 2005 ingestelde beroep ongegrond verklaard. Daarbij is overwogen:

“4. De rechtbank constateert dat eisers beroep zich richt tegen dat deel van het besluit dat ziet op de niet-ontvankelijkverklaring in verband met het ontbreken van beleid. Zij beperkt haar beoordeling daartoe.

5. Artikel 8:2, onder a, van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat geen beroep kan worden ingesteld tegen een besluit, inhoudende een algemeen verbindend voorschrift of een beleidsregel.

Uit de systematiek van artikel 6:2, sub a, van de Algemene wet bestuursrecht volgt dat ook weigeringen om een algemeen verbindend voorschrift of beleidsregel vast te stellen, in te trekken of in werking te laten treden niet vatbaar zijn voor bezwaar en beroep.

6. De rechtbank is van oordeel dat het onderhavige geschil ziet op de situatie dat verweerder heeft geweigerd om beleid vast te stellen. Uit de wet volgt dat daartegen geen bezwaar en beroep ingesteld kan worden.

7. Verweerder heeft terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Het bestreden besluit kan dan ook in rechte stand houden.”.

De Raad kan zich met deze overwegingen van de rechtbank verenigen en neemt deze over. Hetgeen appellant in hoger beroep heeft aangevoerd, heeft de Raad niet tot een ander oordeel gebracht.

Het hoger beroep slaagt niet, zodat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

De Raad ziet ten slotte geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door G.A.J. van den Hurk als voorzitter en Th.C. van Sloten en R.H.M. Roelofs als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van A.H. Polderman-Eelderink als griffier, uitgesproken in het openbaar op 16 januari 2007.

(get.) G.A.J. van den Hurk.

(get.) A.H. Polderman-Eelderink.

RB1201

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl JWWB 2007, 95 JB 2007/77
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?