ECLI:NL:CRVB:2011:BP2863

ECLI:NL:CRVB:2011:BP2863

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 25-01-2011
Datum publicatie 05-04-2013
Zaaknummer 08-6057 WWB
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Utrecht
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 3 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0006368 BWBR0015703

Samenvatting

Intrekking en terugvordering bijstand. Hennepkwekerij. Schending inlichtingenverplichting.

Uitspraak

08/6057 WWB

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage van 4 september 2008, 08/1392 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Gravenhage (hierna: College).

Datum uitspraak: 25 januari 2011

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. P.H.W. Spoelstra, advocaat te ’s-Gravenhage, hoger beroep ingesteld.

Het College heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 14 december 2010. Appellant is in persoon verschenen, bijgestaan door mr. Spoelstra. Het College heeft zich laten vertegenwoordigen door I.M. Groen, werkzaam bij de gemeente ’s-Gravenhage.

II. OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.

1.1. Appellant ontving in de periode van 28 september 2004 tot en met 31 oktober 2005 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) naar de norm voor een alleenstaande. Op 29 maart 2006 is in zijn woning een in werking zijnde hennepkwekerij aangetroffen. Appellant heeft erkend dat de hennepkwekerij van hem is.

1.2. Bij besluit van 2 november 2007 heeft het College de bijstand van appellant over de periode van 1 juni 2005 tot en met 31 oktober 2005 herzien (lees: ingetrokken) en de kosten van bijstand over die periode ten bedrage van € 4.560,39 van appellant teruggevorderd. Dit besluit is, na daartegen gemaakt bezwaar, gehandhaafd bij besluit van 28 januari 2008, met dien verstande dat de periode van de terugvordering teruggebracht is tot de periode van 15 juli 2005 tot en met 31 oktober 2005 en het terug te vorderen bedrag tot € 3.194,73. De besluitvorming berust op de overweging dat als gevolg van schending van de inlichtingenverplichting het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het tegen het besluit van 28 januari 2008 ingesteld beroep ongegrond verklaard.

3. Appellant heeft zich in hoger beroep gemotiveerd tegen deze uitspraak gekeerd.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

4.1. Vast staat dat op 29 maart 2006 in de woning van appellant een in werking zijnde hennepkwekerij is aangetroffen. Gelet op de omvang van deze kwekerij en de aangetroffen apparatuur is de Raad van oordeel dat sprake is geweest van een professionele kwekerij. Ook staat vast dat appellant het College hierover niet heeft geïnformeerd.

4.2. Appellant stelt zich op het standpunt dat er geen grond is voor de op de schatting van Eneco gebaseerde stelling van het College dat de kwekerij reeds op 15 juli 2005 in bedrijf was. Appellant betoogt daartoe dat het op zijn minst opmerkelijk is dat op grond van dezelfde feiten drie verschillende periodes van exploitatie van de hennepkwekerij zijn benoemd. Appellant is van mening dat aangesloten moet worden bij de periode van begin december 2005 tot en met 28 maart 2006 waarvan de politierechter in zijn uitspraak van 31 oktober 2006 is uitgegaan.

4.3. De Raad stelt vast dat appellant geen concrete verifieerbare gegevens heeft verstrekt over de (aanvang van de) exploitatie van de hennepkwekerij, de productie en de afzet. Daarmee heeft hij met betrekking tot het vaststellen van het aanvangstijdstip van de hennepkwekerij een bewijsrisico genomen waarvan de gevolgen geheel voor zijn rekening dienen te blijven. Naar het oordeel van de Raad heeft het College niet onzorgvuldig gehandeld door, voor wat de aanvang van de exploitatie betreft, uit te gaan van de datum 15 juli 2005. De Raad is met name niet gebleken dat de schatting, door een fraude-inspecteur in dienst van Eneco, van drie oogsten à 70 dagen en een deel van een oogst van 50 dagen, op onzorgvuldige wijze tot stand is gekomen. Blijkens het rapport van de fraude-inspecteur is de schatting gebaseerd op de waarnemingen ter plaatse waarbij geconstateerd is dat de kappen van de in de hennepkwekerij aanwezige assimilatielampen onder een laag stof zaten. Verder was het witte filtermateriaal van het aanwezige koolstoffilter door het gebruik in de hennepkwekerij dermate vervuild dat de filter minimaal drie à vier hennepoogsten in werking is geweest. Op de vloer in de hennepkwekerij lagen afvalbladeren en resten van hennepplanten afkomstig van een eerdere hennepoogst en op de tafels, alsmede op het water in het watervat, was een dikke algenlaag aanwezig.

4.4. Met betrekking tot de deskundigheid van de fraude-inspecteur merkt de Raad met de rechtbank op dat het gelet op het groot aantal ontmantelingen waarbij de fraude-inspecteur betrokken is geweest, hij ter zake deskundig geacht kan worden. Hetgeen appellant hieromtrent naar voren heeft gebracht vormt voor de Raad geen grond de deskundigheid van de fraude-inspecteur in twijfel te trekken.

4.5. Met betrekking tot de in de uitspraak van de politierechter vermelde periode merkt de Raad in de eerste plaats op dat uit die uitspraak niet blijkt dat genoemde periode als exploitatieperiode is aangemerkt. Voor het overige sluit de Raad zich aan bij het oordeel van de rechtbank dat naar vaste rechtspraak van de Raad de bestuursrechter in de vaststelling van en het oordeel over het hem voorgelegde geschil in het algemeen niet gebonden is aan hetgeen in een strafrechtelijk geding door de desbetreffende rechter is geoordeeld, omdat in een strafrechtelijke procedure een andere rechtsvraag voorligt en een ander procesrecht van toepassing is.

4.6. Door van het exploiteren van de hennepkwekerij in zijn woning geen melding te maken bij het College heeft appellant de ingevolge artikel 17 van de WWB op hem rustende inlichtingenverplichting geschonden. De Raad merkt hierbij op dat naar zijn vaste rechtspraak het verrichten van werkzaamheden gericht op het opzetten en in bedrijf houden van een hennepkwekerij wordt aangemerkt als een omstandigheid die van belang is voor verlening van de bijstand, ongeacht of daaruit (al) inkomsten worden genoten.

4.7. Het College was dan ook bevoegd om met toepassing van artikel 54, derde lid, aanhef en onder a, van de WWB de aan appellant over de periode 15 juli 2005 tot en met 31 oktober 2005 verleende bijstand in te trekken. In hetgeen appellant heeft aangevoerd ziet de Raad geen grond voor het oordeel dat het College bij afweging van de daarbij rechtstreeks betrokken belangen in redelijkheid niet tot intrekking van bijstand heeft kunnen besluiten.

4.8. Met het voorgaande is gegeven dat het College bevoegd was om op grond van artikel 58, eerste lid, aanhef en onder a, van de WWB tot terugvordering van de over de periode 15 juli 2005 tot en met 31 oktober 2005 gemaakte kosten van bijstand tot een bedrag van € 3.194,73 over te gaan. Het College heeft gehandeld in overeenstemming met de ter zake van terugvordering gehanteerde beleidsregels. Van een dringende reden als bedoeld in die beleidsregels om geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien is de Raad niet gebleken.

4.9. Uit het vorenstaande volgt dat het hoger beroep niet slaagt. De Raad zal de aangevallen uitspraak bevestigen.

5. Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door N.J. van Vulpen-Grootjans, in tegenwoordigheid van R. Scheffer als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 25 januari 2011.

(get.) N.J. van Vulpen-Grootjans.

(get.) R. Scheffer.

HD

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?