OVERWEGINGEN
Bij het besluit van 18 februari 2010 (bestreden besluit) heeft Cvz het bezwaar van appellant tegen het besluit van 21 november 2008 waarbij de jaarafrekening voor de buitenlandbijdrage over 2007 voorlopig is vastgesteld op € 572,- ongegrond verklaard. Cvz heeft zich op het standpunt gesteld dat het feit dat appellant een particuliere ziektekostenverzekering heeft afgesloten, niet afdoet aan zijn bijdrageplicht.
Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant ongegrond verklaard.
Appellant heeft zich in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. Appellant wenst vrijgesteld te worden van de bijdrageplicht en verzekerd te blijven in Nederland.
De Raad komt tot de volgende beoordeling.
Met juistheid heeft de rechtbank aan zijn oordeel ten grondslag gelegd het arrest van
14 oktober 2010 (zaak C-345/09) van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen. In dat arrest heeft het Hof overwogen dat de bepalingen van Vo. 1408/71 die betrekking hebben op de vaststelling van de toepasselijke wettelijke regeling, een volledig stelsel van conflictregels vormen, welke conflictregels dwingend gelden voor de lidstaten. Het is daardoor uitgesloten dat de sociaal verzekerden op wie die regels van toepassing zijn, de gevolgen ervan teniet kunnen doen doordat zij ervoor zouden kunnen kiezen zich eraan te onttrekken. Met juistheid heeft de rechtbank dan ook geoordeeld dat de regels derhalve niet de door appellant gewenste mogelijkheden bieden.
Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak dient bevestigd te worden.
Voor een proceskostenveroordeling is geen aanleiding.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door J. Brand, in tegenwoordigheid van S. Aaliouli als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 augustus 2013.
(getekend) J. Brand
(getekend) S. Aaliouli