OVERWEGINGEN
De Raad heeft vastgesteld dat in de beslissing van de uitspraak ten onrechte is bepaald dat het college aan appellante het door haar in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 156,- in plaats van ten bedrage van € 384,- vergoedt.
De Raad zal de onder 1 vermelde vergissing herstellen door de uitspraak van
27 februari 2014 met het hiervoor vermelde bedrag te rectificeren.
Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl en de oorspronkelijke uitspraak zal daaruit worden verwijderd. Het ECLI-nummer van de gerectificeerde uitspraak zal gelijk zijn aan dat van de oorspronkelijke uitspraak.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 28 februari 2014, 12/3900 AW, als volgt:
de griffierechtbepaling in de beslissing wordt gewijzigd in:
“- bepaalt dat het college het door appellante in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht ten bedrage van in totaal € 384,- vergoedt.”
Deze uitspraak is gedaan door R. Kooper als voorzitter en J.J.A. Kooijman en
B.J. van de Griend als leden, in tegenwoordigheid van P. Uijtdewillegen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 24 april 2014.
(getekend) R. Kooper
(getekend) P. Uijtdewillegen