ECLI:NL:CRVB:2014:3668

ECLI:NL:CRVB:2014:3668, Centrale Raad van Beroep, 29-10-2014, 12-5386 AWBZ

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 29-10-2014
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 12-5386 AWBZ
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 2 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

Weigering pgb in verband met schuldsanering. Op appellant is de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing verklaard. Het Zorgkantoor was daarom verplicht om met toepassing van artikel 2.6.4, tweede lid, aanhef en onder f, van de Regeling subsidies AWBZ de verlening van een pgb te weigeren. De rechtbank heeft dan ook terecht overwogen dat een belangenafweging niet aan de orde is.

Uitspraak

OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende feiten en omstandigheden.

Het Centrum Indicatiestelling Zorg heeft bij besluit van 25 augustus 2010 voor appellant een indicatie voor Zorgzwaartepakket GGZ05C voor de periode van 25 augustus 2010 tot en met 24 augustus 2012 gesteld.

Bij besluit van 14 juni 2011 heeft het Zorgkantoor aan appellant medegedeeld dat het geen persoonsgebonden budget (pgb) aan hem mag toekennen. Daaraan is ten grondslag gelegd dat voor het Zorgzwaartepakket dat appellant heeft, geen pgb kan worden toegekend.

Bij brief van 10 augustus 2011 heeft het Zorgkantoor in reactie op het bezwaar tegen het besluit van 14 juni 2011 aan appellant meegedeeld dat het dossier nogmaals is beoordeeld en dat het met ingang van 1 april 2011 een pgb aan appellant toekent. Verder heeft het Zorgkantoor meegedeeld dat appellant het aanvraagformulier pgb als bijlage ontvangt en dat het pgb betaalbaar wordt gesteld als het volledig ingevulde formulier is ontvangen.

Bij besluit van 19 augustus 2011 heeft het Zorgkantoor de aanvraag van appellant om toekenning van een pgb afgewezen. Daaraan is ten grondslag gelegd dat uit onderzoek is gebleken dat op appellant de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is.

Bij besluit van 8 december 2011 (bestreden besluit) heeft het Zorgkantoor het bezwaar tegen het besluit van 19 augustus 2011 ongegrond verklaard. Ook aan dit besluit is, onder verwijzing naar artikel 2.6.4, tweede lid, aanhef en onder f, van de Regeling subsidies AWBZ (RsA), ten grondslag gelegd dat ten aanzien van appellant de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, zodat het Zorgkantoor geen pgb aan appellant toekent.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. Daarbij heeft de rechtbank kort samengevat en voor zover van belang het volgende overwogen. De brief van 10 augustus 2011 kan gelet op de inhoud en bewoordingen niet anders worden aangemerkt dan als een beslissing op bezwaar, zodat het besluit van 19 augustus 2011 een nieuw primair besluit is. Voorts was het Zorgkantoor tot 1 januari 2011 op grond van artikel 4:35, tweede lid, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bevoegd om verlening van een pgb te weigeren indien op de aanvrager de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, maar is het Zorgkantoor daartoe met ingang van 1 januari 2011 op grond van artikel 2.6.4, tweede lid, aanhef en onder f, van de RsA gehouden. Aangezien laatstgenoemde bepaling in dit geval van toepassing is, komt een belangenafweging niet meer aan de orde.

3. Appellant heeft zich tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. Hij voert samengevat aan dat de brief van 10 augustus 2011 niet kan worden aangemerkt als een beslissing op bezwaar en dat pas bij het besluit van 19 augustus 2011 een compleet besluit is genomen op de aanvraag om verlening van een pgb die hij in december 2010 bij het Zorgkantoor heeft ingediend. Niet het met ingang van 1 januari 2011 gewijzigde artikel 2.6.4 van de RsA is op deze aanvraag van toepassing maar artikel 4:35 van de Awb, dat het Zorgkantoor de bevoegdheid geeft om verlening van het pgb te weigeren. Daarom had het Zorgkantoor de aanvraag slechts mogen afwijzen na een afweging van alle omstandigheden van het geval. Voor zover het met ingang van 1 januari 2011 gewijzigde artikel 2.6.4 van de RsA wel van toepassing zou zijn, verwijst appellant naar de uitspraak van de Raad van 11 juni 2014 (ECLI:NL:CRVB:2014:2005). Appellant voert in dat verband aan dat ook hij geen keuze heeft tussen een pgb of zorg in natura. Voorts acht appellant de vrees voor fraude ook in zijn geval niet gerechtvaardigd, nu zijn broer hem in alles bijstaat.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

Met ingang van 1 januari 2011 luidde artikel 2.6.4, tweede lid, aanhef en onder f, van de RsA als volgt:

“In afwijking van het eerste lid weigert het zorgkantoor verlening van een netto persoonsgebonden budget indien: f. (…) ten aanzien van de verzekerde (…) de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;”

Artikel 2.6.4, vierde lid van de RsA luidde ten tijde in geding als volgt:

“De onderdelen e, f, g, en h van het tweede lid zijn niet van toepassing op verzekerden waaraan vóór 1 januari 2011 een persoonsgebonden budget is verleend en verzekerden die in vervolg op een weigering van het persoonsgeboden budget wegens uitputting van het subsidieplafond voor 1 januari 2011 hebben aangegeven alsnog in aanmerking te willen komen voor een persoonsgebonden budget.”

Wat appellant aanvoert, komt er ten eerste op neer dat het met ingang van 1 januari 2011 luidende artikel 2.6.4 van de RsA in dit geval niet van toepassing is, omdat appellant in december 2010 bij het Zorgkantoor een aanvraag om verlening van een pgb heeft ingediend. De Raad volgt appellant hierin niet. Appellant heeft namelijk niet met bewijsstukken aannemelijk gemaakt dat hij al in december 2010 een aanvraag om verlening van een pgb bij het Zorgkantoor heeft ingediend. Maar ook indien dat wel het geval zou zijn, zou het betoog van appellant niet slagen. De onder 4.2 genoemde uitzonderingsgevallen waarin het met ingang van 1 januari 2011 luidende artikel artikel 2.6.4, tweede lid, aanhef en onder f, van de RsA niet van toepassing is, doen zich in dit geval namelijk niet voor.

Het betoog van appellant dat de weigeringsgrond in artikel 2.6.4, tweede lid, aanhef en onder f, van de RsA in dit geval niet van toepassing is, gelet op de onder 3 genoemde uitspraak van de Raad van 11 juni 2014, slaagt evenmin. Anders dan in die uitspraak is in dit geval namelijk niet aannemelijk geworden dat appellant niet de keuze had tussen het ontvangen van zorg in natura of een pgb.

Vaststaat dat op appellant ten tijde in geding de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard. Gelet op het voorgaande was het Zorgkantoor daarom verplicht om met toepassing van artikel 2.6.4, tweede lid, aanhef en onder f, van de RsA de verlening van een pgb te weigeren. De rechtbank heeft dan ook terecht overwogen dat een belangenafweging niet aan de orde is.

Uit het voorgaande vloeit voort dat het hoger beroep niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt. Gelet daarop is veroordeling tot vergoeding van schade niet aan de orde, zodat dit verzoek wordt afgewezen.

5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep

Deze uitspraak is gedaan door W.H. Bel als voorzitter en G. van Zeben-de Vries en R.H. de Bock als leden, in tegenwoordigheid van G.J. van Gendt als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 29 oktober 2014.

(getekend) W.H. Bel

(getekend) G.J. van Gendt

NW

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl RSV 2015/20 USZ 2014/410
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?