ECLI:NL:CRVB:2014:631

ECLI:NL:CRVB:2014:631, Centrale Raad van Beroep, 19-02-2014, 12-3757 WW

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 19-02-2014
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 12-3757 WW
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 12 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0004045

Samenvatting

Uitkeringsduur. De rechtbank heeft terecht geconcludeerd dat het Uwv mocht uitgaan van de gegevens in Suwinet. Dat appellant in de periode van 1998 tot en met 2005 in een of meer jaren ten minste 52 dagen heeft gewerkt, is niet komen vast te staan.

Uitspraak

OVERWEGINGEN

1.1. Bij besluit van 6 september 2011 heeft het Uwv vastgesteld dat appellant met ingang van 11 maart 2011 recht heeft op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet (WW), berekend naar een dagloon van € 85,66. Daarbij is het einde van de uitkering bepaald op 10 juli 2012. Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de hoogte van het dagloon en de duur van de WW-uitkering.

1.2. Bij besluit van 20 december 2011 (bestreden besluit) heeft het Uwv het bezwaar tegen het dagloon gegrond verklaard en het dagloon vastgesteld op € 94,69. De uitkeringsduur is ongewijzigd vastgesteld op zestien maanden.

Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. De rechtbank heeft overwogen dat appellant geen gegevens heeft aangeleverd op grond waarvan geoordeeld zou kunnen worden dat de hoogte van het dagloon onjuist is. De rechtbank heeft verder overwogen dat, hoewel niet geheel onaannemelijk is dat appellant in de jaren 1998 tot en met 2005 meer dan 52 dagen in elk jaar heeft gewerkt, uit de gegevens in Suwinet niet blijkt dat appellant over die dagen loon heeft ontvangen.

Ter comparitie heeft appellant zijn hoger beroep beperkt tot het oordeel van de rechtbank over de uitkeringsduur. De Raad heeft appellant na de comparitie de gelegenheid geboden gegevens in te zenden met betrekking tot de dienstverbanden met de in Suwinet opgenomen werkgevers. Appellant heeft geen nadere gegevens verstrekt.

Het Uwv heeft herhaald dat hem niet is gebleken dat de in Suwinet vastgelegde gegevens vanaf 1998 onjuist zijn. Het Uwv heeft na de comparitie nagegaan of informatie over appellant is te vinden in WeFlex, een systeem waarin loongegevens van werknemers bij aangesloten uitzendwerkgevers worden vastgelegd, of in de applicatie Historische Gegevens Opslag. Dit onderzoek heeft niet geleid tot nieuwe informatie.

De Raad komt tot de volgende beoordeling.

Op grond van artikel 42, eerste lid, van de WW is de uitkeringsduur drie maanden. Op grond van artikel 42, tweede lid, aanhef en onder a, van de WW wordt de uitkeringsduur verlengd met een maand voor ieder volledig kalenderjaar dat het arbeidsverleden de duur van drie kalenderjaren overstijgt, indien de werknemer aantoont dat hij in de periode van vijf kalenderjaren onmiddellijk voorafgaande aan het kalenderjaar waarin zijn eerste werkloosheidsdag is gelegen in ten minste vier kalenderjaren over 52 of meer dagen per kalenderjaar loon heeft ontvangen.

Het is aan appellant om bewijs bijeen te brengen dat hij loon heeft ontvangen van de werkgevers voor wie hij werkzaam is geweest. Ter comparitie heeft appellant zijn arbeidsverleden nader toegelicht en te kennen gegeven dat hij nog beschikt over loonstroken en andere gegevens met betrekking tot een of meer dienstverbanden. Hij heeft, ook na rappel, afgezien van inzending van gegevens die het met zijn curriculum vitae geschetste arbeidsverleden onderbouwen. Appellant heeft niet voldaan aan de op hem rustende bewijslast.

Dat betekent dat het oordeel in hoger beroep geen ander is dan de rechtbank heeft gegeven. De rechtbank heeft terecht geconcludeerd dat het Uwv mocht uitgaan van de gegevens in Suwinet. Dat appellant in de periode van 1998 tot en met 2005 in een of meer jaren ten minste 52 dagen heeft gewerkt, is niet komen vast te staan. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door M. Greebe, in tegenwoordigheid van D.E.P.M. Bary als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 19 februari 2014.

(getekend) M. Greebe

(getekend) D.E.P.M. Bary

NW

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?