ECLI:NL:CRVB:2015:2048

ECLI:NL:CRVB:2015:2048, Centrale Raad van Beroep, 25-06-2015, 13-5394 AW

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 25-06-2015
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 13-5394 AW
Rechtsgebied Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Procedure Hoger beroep
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:RBROT:2011:7894
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 4 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

Afwijzing verzoek om herziening, geen nieuwe feiten of omstandigheden.

Uitspraak

OVERWEGINGEN

1. Ingevolge artikel 8:119, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de Raad op verzoek van een partij een onherroepelijk geworden uitspraak herzien op grond van feiten of omstandigheden die: a. hebben plaatsgevonden vóór de uitspraak, b. bij de indiener van het verzoekschrift vóór de uitspraak niet bekend waren en redelijkerwijs niet bekend konden zijn, en c. waren zij bij de Raad eerder bekend geweest, tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden.

2. Verzoekster heeft aan haar verzoek om herziening, kort samengevat, ten grondslag gelegd dat de Raad in zijn uitspraak van 2 mei 2013 ten onrechte is voorbij gegaan aan diverse nalatigheden van het college, waarmee onder meer in strijd is gehandeld met het gelijkheidsbeginsel en diverse artikelen van en protocollen bij het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Verzoekster heeft ter onderbouwing van haar verzoek een groot aantal stukken overgelegd.

3. Dat verzoekster zich niet kan verenigen met de uitspraak van 2 mei 2013 biedt geen grond voor herziening. Het bijzondere rechtsmiddel van herziening strekt er immers niet toe om een geschil waarin een uitspraak is gedaan, naar aanleiding van die uitspraak opnieuw aan de rechter voor te leggen. Verzoekster heeft geen nieuwe feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:119, eerste lid, van de Awb naar voren gebracht. Voor zover zij in het kader van haar verzoek om herziening stukken heeft overgelegd, waren die stukken dan wel de in die stukken opgenomen gegevens waarop verzoekster zich beroept al bij verzoekster en de Raad bekend ten tijde van de procedure die tot de uitspraak van 2 mei 2013 heeft geleid.

4. Uit 1 tot en met 3 volgt dat het verzoek om herziening moet worden afgewezen.

5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep wijst het verzoek om herziening af.

Deze uitspraak is gedaan door E.J.M. Heijs als voorzitter en M.T. Boerlage en

J.A.M. van den Berk als leden, in tegenwoordigheid van S.W. Munneke als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 25 juni 2015.

(getekend) E.J.M. Heijs

` (getekend) S.W. Munneke

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?