OVERWEGINGEN
De Raad wijzigt de uitspraak van 5 november 2014 als volgt.
Pagina 6, overweging 5 wordt:
Ten slotte bestaat aanleiding om het college te veroordelen in de proceskosten van appellant. Deze kosten worden begroot op € 974,- in bezwaar, op € 974,- in beroep en op € 974,- in hoger beroep voor verleende rechtsbijstand.
Pagina 6, onder BESLISSING, wordt:
De Centrale Raad van Beroep
Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijk uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert de uitspraak van 5 november 2014, 14/4170 WMO, als in de overwegingen is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door H.J. de Mooij als voorzitter en R.M. van Male en D.S. de Vries als leden, in tegenwoordigheid van M.D.F. de Moor als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 juli 2015.
(getekend) H.J. de Mooij
(getekend) M.D.F. de Moor