ECLI:NL:CRVB:2016:316

ECLI:NL:CRVB:2016:316, Centrale Raad van Beroep, 26-01-2016, 14/6447 WTCG

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 26-01-2016
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 14/6447 WTCG
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 7 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0015703

Samenvatting

Beëindiging aanvullende tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten. Gezamenlijke jaarinkomen hoger dan het voor hen geldende norminkomen. Vertrouwensbeginsel niet geschonden. Aan een bestuursorgaan komt de bevoegdheid toe een gemaakte fout te herstellen.

Uitspraak

OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.

Appellanten ontvingen bijzondere bijstand voor verschillende meerkosten in verband met hun chronische ziekten op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en de Beleidsvoorschriften Aanvullende tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Atcg). Sinds 1 januari 2011 ontvingen zij gezamenlijk een bedrag van € 120,- per maand aan Atcg.

Bij besluit van 24 januari 2014 heeft het college de Atcg van appellanten met ingang van 1 februari 2014 beëindigd op de grond dat hun gezamenlijke jaarinkomen in 2012 hoger was dan het voor hen geldende toetsinkomen. Bij beslissing op bezwaar van 27 februari 2014 is dit besluit herroepen omdat volgens de Beleidsregels Atcg niet het inkomen over 2012 maar het inkomen over 2013 had moeten worden getoetst en het besluit van 24 januari 2014 dus op onjuiste gronden was genomen.

Bij besluit van 7 april 2014 heeft het college alsnog de Atcg van appellanten met ingang van 1 februari 2014 beëindigd op de grond dat hun gezamenlijke jaarinkomen in 2013 hoger was dan het voor hen geldende toetsinkomen. Bij beslissing op bezwaar van 28 mei 2014

(bestreden besluit) is de beëindigingsdatum gewijzigd in 1 mei 2014.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd voor zover dat ziet op de vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in bezwaar. De rechtbank heeft geoordeeld dat het bestreden besluit voor het overige in stand blijft. Volgens de rechtbank heeft het college niet in strijd met het vertrouwensbeginsel gehandeld.

3. Appellanten hebben zich in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. Appellanten hebben ook in hoger beroep aangevoerd dat zij op grond van het besluit van

27 februari 2014 erop mochten vertrouwen dat zij het gehele jaar 2014 de Atcg zouden ontvangen.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

Het gaat in dit geding uitsluitend om de vraag of het bestreden besluit wegens strijd met het vertrouwensbeginsel niet in stand kan blijven.

Voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel is in ieder geval vereist dat van de kant van het tot beslissen bevoegde orgaan uitdrukkelijke, ondubbelzinnige en onvoorwaardelijke toezeggingen zijn gedaan, die bij de betrokkene gerechtvaardigde verwachtingen hebben gewekt.

Met het besluit van 27 februari 2014 is het op onjuiste gronden genomen besluit van 24 januari 2014 komen te vervallen en is het recht op Atcg van appellanten herleefd. Dit betekent echter niet dat het college niet meer bevoegd was alsnog het jaarinkomen van appellanten van 2013 te toetsen aan het voor hen geldende norminkomen. Volgens vaste rechtspraak (zie bijvoorbeeld de uitspraak van 12 maart 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:850) komt aan een bestuursorgaan in beginsel de bevoegdheid toe een gemaakte fout te herstellen, mits het daartoe strekkende besluit niet in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel of enig ander rechtsbeginsel. Hiervan is niet gebleken. De rechtbank heeft het beroep van appellanten op het vertrouwensbeginsel terecht verworpen.

Uit 4.2 en 4.3 volgt dat het hoger beroep niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, zal worden bevestigd.

5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten.

Deze uitspraak is gedaan door A.M. Overbeeke, in tegenwoordigheid van R.G. van den Berg als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 26 januari 2016.

(getekend) A.M. Overbeeke

(getekend) R.G. van den Berg

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?