ECLI:NL:CRVB:2016:3707

ECLI:NL:CRVB:2016:3707, Centrale Raad van Beroep, 07-10-2016, 14/6762 AOW

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 07-10-2016
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 14/6762 AOW
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2017:303
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 2 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830 BWBR0002221 BWBR0007795

Samenvatting

Herhaalde aanvraag om toelating tot de vrijwillige verzekering op grond van de AOW en de Anw terecht afgewezen. Geen nieuwe feiten of omstandigheden.

Uitspraak

OVERWEGINGEN

Appellant is op 28 augustus 2004 uit Nederland vertrokken. De aanvraag van 19 mei 2009 van appellant om toelating tot de vrijwillige verzekering op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) en de Algemene nabestaandenwet (Anw) is bij besluit van 7 juli 2009 afgewezen. Aan deze afwijzing is ten grondslag gelegd dat appellant zich niet binnen één jaar na het einde van zijn verplichte verzekering op 28 augustus 2004 heeft aangemeld voor de vrijwillige verzekering. Bij besluit van 10 september 2009 heeft de Svb het bezwaar van appellant tegen het besluit van 7 juli 2009 ongegrond verklaard. Het beroep van appellant tegen dit besluit is ongegrond verklaard bij uitspraak van 7 juli 2010 van de rechtbank Amsterdam. De Raad heeft bij zijn uitspraak van 3 augustus 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BX3777, de rechtbankuitspraak van 7 juli 2010 bevestigd.

Op 6 augustus 2013 heeft appellant opnieuw een aanvraag gedaan om toelating tot de vrijwillige verzekering op grond van de AOW en de Anw. De Svb heeft bij besluit van 23 oktober 2013 deze aanvraag afgewezen met toepassing van artikel 4:6, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Bij besluit van 28 februari 2014 is het bezwaar van appellant tegen het besluit van 23 oktober 2013 ongegrond verklaard. Daaraan is ten grondslag gelegd dat terecht toepassing is gegeven aan de bevoegdheid van artikel 4:6, tweede lid, van de Awb omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn aangevoerd die ten tijde van de beoordeling van de eerdere aanvraag niet bekend waren.

2. Bij de aangevallen uitspraak is het beroep tegen het besluit van 28 februari 2014 ongegrond verklaard. Geoordeeld is dat de Svb bevoegd was de aanvraag van 6 augustus 2013 af te wijzen met toepassing van artikel 4:6, tweede lid, van de Awb en in redelijkheid van deze bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken. Het betreft een herhaalde aanvraag, als bedoeld in deze bepaling, nu op de afwijzende beslissing op de eerdere aanvraag van appellant in rechte is komen vast te staan met de uitspraak van 3 augustus 2012 van de Raad. Niet gebleken is van nieuwe feiten of omstandigheden. Wat appellant in het kader van de herhaalde aanvraag heeft aangevoerd, was reeds bekend ten tijde van het besluit van 7 juli 2009.

3. Appellant heeft zich op het standpunt gesteld dat hij alsnog tot de vrijwillige verzekering moet worden toegelaten. Appellant heeft aangevoerd dat hij de daarvoor verschuldigde bedragen zal betalen, indien hij daartoe in de gelegenheid wordt gesteld. Appellant heeft niet kunnen weten binnen welke termijn hij de aanvraag om toelating had moeten doen. Appellant heeft betoogd dat hij ziek was. Appellant had psychische klachten en gebruikte medicijnen. Hij wijst erop dat hij wegens zijn ziekte meer tijd nodig had voor dagelijkse verrichtingen en om rust te nemen.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

De rechtbank heeft terecht vastgesteld dat de aanvraag van 6 augustus 2013 een herhaling is van de aanvraag van 19 mei 2009.

Op een herhaalde aanvraag is artikel 4:6 van de Awb van toepassing. Dit betekent dat de aanvrager nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden naar voren moet brengen. Wanneer de aanvrager dat niet doet, kan een bestuursorgaan de aanvraag afwijzen met verwijzing naar zijn eerdere besluit. Ook als zonder meer duidelijk is dat wat bij de herhaalde aanvraag is aangevoerd niet van belang kan zijn voor het eerdere besluit, mag een bestuursorgaan de aanvraag op deze manier afwijzen. Onder nieuw gebleken feiten en veranderde omstandigheden worden verstaan feiten of omstandigheden die ná het eerdere besluit zijn voorgevallen, dan wel feiten of omstandigheden die weliswaar vóór het eerdere besluit zijn voorgevallen, maar die niet vóór dat besluit konden worden aangevoerd. Nieuw gebleken feiten zijn ook bewijsstukken van al eerder gestelde feiten of omstandigheden, als deze bewijsstukken niet eerder konden worden overgelegd.

Door de rechtbank is eveneens terecht vastgesteld dat de feiten of omstandigheden die appellant heeft aangevoerd ter ondersteuning van zijn aanvraag 6 augustus 2013 geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden zijn. Het feit dat appellant ziek is en de door appellant genoemde omstandigheden die daarmee verband houden, zijn geen feiten of omstandigheden die tot een andere beslissing over de toelating tot de vrijwillige verzekering kunnen leiden. De bereidheid om – in geval van toelating – alsnog premie te betalen kan niet worden aangemerkt als een nieuw feit of veranderde omstandigheid in de zin van artikel 4:6, tweede lid, van de Awb.

Het oordeel van de rechtbank wordt onderschreven. De Svb heeft de aanvraag van appellant van 6 augustus 2013 mogen afwijzen met toepassing van artikel 4:6, tweede lid, van de Awb. Daaraan doet niet af de stelling van appellant dat hij de aanvraag niet tijdig heeft kunnen indienen doordat hij door de Svb onvoldoende is geïnformeerd. Deze stelling is eerder opgeworpen in het kader van de eerdere procedure en verworpen in de – hiervoor aangehaalde – uitspraak van 3 augustus 2012 van de Raad.

Uit overweging 4.1 tot en met 4.4 volgt dat het hoger beroep niet slaagt en de aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

5. Voor een veroordeling in de proceskosten is geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak .

Deze uitspraak is gedaan door L. Koper, in tegenwoordigheid van R.I. Troelstra als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 oktober 2016.

(getekend) L. Koper

(getekend) R.I. Troelstra

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?