OVERWEGINGEN
1. De Raad heeft vastgesteld dat in overweging 1.2 van zijn uitspraak van 4 juni 2015 staat vermeld “Vervolgens is er een klacht binnengekomen bij de plaatsvervangend directeur N dat appellant inkomens- en vermogensgegevens van deze klager bekend heeft gemaakt aan derden”. Dit is onjuist en moet zijn “Vervolgens is er een melding binnengekomen bij de plaatsvervangend directeur N dat appellant inkomens- en vermogensgegevens van een belastingplichtige bekend heeft gemaakt aan derden”.
2. De Raad zal de onder 1 vermelde vergissing herstellen door de uitspraak van 4 juni 2015 in evenvermelde zin te rectificeren.
3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 4 juni 2015, 14/2074 AW, als in de overwegingen aangegeven.
Deze uitspraak is gedaan door J.J.A. Kooijman als voorzitter en A. Beuker-Tilstra en
M.C.D. Embregts als leden, in tegenwoordigheid van S.W. Munneke als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 3 maart 2016.
(getekend) J.J.A. Kooijman
(getekend) S.W. Munneke