ECLI:NL:CRVB:2017:3230

ECLI:NL:CRVB:2017:3230, Centrale Raad van Beroep, 13-09-2017, 15/5878 WW

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 13-09-2017
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 15/5878 WW
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:RBROT:2015:5192
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 3 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0004045

Samenvatting

WW-uitkering terecht beëindigd omdat appellant volledig als zelfstandige werkte. Terugvordering. Niet gebleken dat appellant voorafgaande aan de startperiode verkeerd zou zijn voorgelicht door de werkcoach over de periode waarover de inkomsten verrekend zouden worden. Beroep op het vertrouwensbeginsel faalt.

Uitspraak

OVERWEGINGEN

Appellant is met ingang van 3 maart 2010 in aanmerking gebracht voor een uitkering op grond van de Werkloosheidswet (WW). Bij besluit van 15 juli 2011 heeft het Uwv appellant toestemming verleend voor een startperiode van 11 juli 2011 tot en met 8 januari 2012. Appellant is daarbij in de gelegenheid gesteld om tijdens die startperiode met behoud van WW-uitkering werkzaamheden te gaan verrichten om zijn bedrijf te starten. In het besluit van 15 juli 2011 heeft het Uwv vermeld dat op de WW-uitkering 70% van de inkomsten als zelfstandige in mindering wordt gebracht. Omdat de hoogte van de inkomsten als zelfstandige pas na de startperiode bekend zal zijn, wordt de WW-uitkering in de startperiode uitgekeerd als voorschot.

De WW-uitkering van appellant is direct na het einde van de startperiode met ingang van 9 januari 2012 beëindigd omdat appellant volledig als zelfstandige werkte.

Bij brief van 12 februari 2014 heeft het Uwv appellant meegedeeld dat van de Belastingdienst de definitieve aanslagen over de jaren 2011 en 2012 zijn ontvangen.

Bij besluit van 6 maart 2014 heeft het Uwv van appellant € 6.802,90 bruto teruggevorderd na verrekening van het door appellant ontvangen voorschot tijdens de startperiode met 70% van de inkomsten van appellant die hij gemiddeld per week als zelfstandige heeft verdiend gedurende de periode van 11 juli 2011 tot en met 8 juli 2012.

Bij beslissing op bezwaar van 8 september 2014 (bestreden besluit) heeft het Uwv het bezwaar van appellant tegen het besluit van 6 maart 2014 ongegrond verklaard.

2. De rechtbank heeft het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. Het Uwv heeft volgens de rechtbank overeenkomstig het Inkomstenbesluit Werkloosheidswet (Inkomstenbesluit) het voorschot verrekend met het inkomen over 52 weken en daarbij de inkomsten over het gehele kalenderjaar 2012 (naar rato) meegewogen. Het beroep van appellant op het vertrouwensbeginsel slaagt volgens de rechtbank niet omdat geen sprake is van een uitdrukkelijke, ondubbelzinnige en onvoorwaardelijke toezegging van het Uwv, die bij appellant de gerechtvaardigde verwachting kan hebben gewekt dat slechts de inkomsten over de startperiode verrekend zouden worden. De werkcoach die appellant begeleidde heeft verklaard dat hij appellant destijds heeft geïnformeerd over de wijze van verrekening en dat hij appellant heeft gewezen op de brochure “Zelfstandigen, starten voor jezelf vanuit de WW”. De rechtbank deelt het standpunt van appellant dat de brief van 12 februari 2014 verwarrend is en dat het opmerkelijk is dat noch in het werkplan noch in het toekenningsbesluit de verrekening duidelijk staat beschreven, maar heeft onder verwijzing naar de rechtspraak van de Raad, bijvoorbeeld van 1 oktober 2014 (ECLI:NL:CRVB:2014:3207) overwogen dat het op de weg van appellant lag – die een aanvraag deed om in aanmerking te komen voor een zogenaamde startersregeling – om zich op de hoogte te stellen van de inhoud en gevolgen van de regeling waar hij een beroep op deed.

Appellant heeft in hoger beroep herhaald dat hij erop mocht vertrouwen dat de informatie die destijds door de werkcoach werd gegeven juist was en hij niet eerder dan in 2014 juist is voorgelicht over de wijze van verrekening. Omdat de werkcoach heeft toegezegd dat er bij de verrekening alleen wordt uitgegaan van de inkomsten als zelfstandige gedurende de startperiode bestond er voor appellant geen enkele reden om de website te bezoeken voor nadere informatie of om op andere wijze informatie te vergaren. Het werkplan van 15 juli 2011 heeft hij nooit gezien of ondertekend. Verwijzend naar een eerder door hem overgelegde berekening, heeft het Uwv volgens appellant € 1.419,38 te veel aan voorschot betaald gedurende de startperiode.

Het Uwv heeft bevestiging van de aangevallen uitspraak bepleit.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

Voor de van toepassing zijnde wet- en regelgeving wordt verwezen naar onderdeel 4 van de aangevallen uitspraak, ECLI:NL:RBROT:2015:5192. Verwijzend naar de uitspraak van de Raad van 15 februari 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:503, wordt daar het volgende aan toegevoegd.

De algemene maatregel van bestuur waarin uitwerking werd gegeven aan artikel 35aa van de WW was het Besluit vaststelling inkomsten startende zelfstandigen WW. In de toelichting bij dat besluit, die ook van toepassing is op artikel 5 van het Inkomstenbesluit, is het volgende gesteld (Stb. 2006, 305, blz. 4):

“70% van de inkomsten van de startende zelfstandige worden in mindering gebracht op de uitkering die gedurende de startperiode is verstrekt. Een zelfstandige ontvangt inkomsten niet in dezelfde regelmaat als loon of uitkering. De zelfstandige kan tot zekere hoogte invloed uitoefenen op het tijdvak waarin de inkomsten worden genoten. Om oneigenlijk gebruik (het vooruit schuiven van inkomsten) te voorkomen is ervoor gekozen om de inkomsten van de startende zelfstandige over een periode van 12 maanden na de start als zelfstandige naar rato te verdelen over 12 maanden en vervolgens de helft daarvan te verrekenen met de uitkering die betrokkene als startende zelfstandige heeft genoten.”

Niet in geschil is dat het Uwv op grond van artikel 5 van het Inkomstenbesluit is gehouden om de inkomsten van de startende zelfstandige over een periode van 12 maanden na de start als zelfstandige naar rato te verdelen over 12 maanden en vervolgens op grond van artikel 35aa, eerste lid, van de WW, de WW-uitkering te verminderen met 70% van die inkomsten.

In hoger beroep heeft appellant geen nieuwe gronden ingediend. De rechtbank heeft op goede gronden geoordeeld dat niet is gebleken dat appellant voorafgaande aan de startperiode verkeerd zou zijn voorgelicht door de werkcoach over de periode waarover de inkomsten verrekend zouden worden. Verwezen wordt naar onderdeel 5.3 van de aangevallen uitspraak. De rechtbank heeft verder terecht geoordeeld dat het beroep op het vertrouwensbeginsel niet slaagt. Dat appellant het werkplan van 15 juli 2011 niet heeft ondertekend doet daar niet aan af. Uit het verslag van de hoorzitting bij het Uwv blijkt dat er gesprekken hebben plaatsgevonden tussen appellant en de werkcoach en de werkcoach heeft verklaard dat hij zich kan herinneren dat er geen afwijkende afspraken zijn gemaakt over de verrekeningstermijn. Met de door hem opgestelde en in hoger beroep (opnieuw) overgelegde berekening heeft appellant ten slotte niet aannemelijk gemaakt dat de hoogte van het teruggevorderde bedrag niet juist is.

Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd. Bij deze beslissing is er geen aanleiding voor een veroordeling tot vergoeding van wettelijke rente.

5. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep

- bevestigt de aangevallen uitspraak;

- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van wettelijke rente af.

Deze uitspraak is gedaan door A.I. van der Kris als voorzitter en E. Dijt en

G.A.J. van den Hurk als leden, in tegenwoordigheid van J.W.L. van der Loo als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 13 september 2017.

(getekend) A.I. van der Kris

(getekend) J.W.L. van der Loo

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?