ECLI:NL:CRVB:2021:2541

ECLI:NL:CRVB:2021:2541, Centrale Raad van Beroep, 07-10-2021, 19/4490 ZW-PV

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 07-10-2021
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 19/4490 ZW-PV
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 3 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0004045

Samenvatting

Uit een rapport van een verzekeringsarts bezwaar en beroep van 16 juni 2021 blijkt dat op 15 juni 2021 een spreekuurcontact heeft plaatsgevonden en dat deze verzekeringsarts tijdens dit spreekuurcontact heeft afgezien van een lichamelijk onderzoek. Dat is in strijd met de eerder ter zitting gemaakte afspraak dat een lichamelijk onderzoek zou plaatsvinden. De gemachtigde van appellant heeft terecht gesteld dat de verzekeringsarts heeft verzuimd de fysieke klachten van appellant naar behoren te onderzoeken en dat hij in zijn rapport van 16 juni 2021 onvoldoende inzichtelijk heeft gemotiveerd waarom er geen aanleiding is om de eerder vastgestelde belastbaarheid te herzien. Het Uwv heeft met de ter zitting gemaakte afspraak erkend dat er een gebrek aan de besluitvorming kleeft. Dat motiveringsgebrek is met het nadere rapport van 16 juni 2021 niet hersteld. De rechtbank heeft daarom het beroep tegen het bestreden besluit ten onrechte ongegrond verklaard, want dit besluit is onvoldoende zorgvuldig voorbereid. Het bestreden besluit zal worden vernietigd. Het Uwv wordt opgedragen overeenkomstig de eerder ter zitting gemaakte afspraak bij appellant een lichamelijk onderzoek te laten verrichten door een verzekeringsarts bezwaar en beroep. Daarbij dienen in het bijzonder de handen te worden onderzocht. Zo nodig dient een arbeidsdeskundige bezwaar en beroep te rapporteren. Vervolgens zal het Uwv een nieuwe beslissing op bezwaar dienen te nemen. Met toepassing van artikel 8:113, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt bepaald dat tegen het door het Uwv nieuw te nemen besluit slechts bij de Raad beroep kan worden ingesteld. Het Uwv wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant in beroep en in hoger beroep tot een bedrag van € 3.740,-.

Uitspraak

19. 4490 ZW-PV

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van 17 september 2019, 19/782 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[Appellant] te [woonplaats] (appellant)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

Datum uitspraak: 7 oktober 2021

Zitting heeft: H.G. Rottier

Griffier: V.M. Candelaria

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 7 oktober 2021. Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. K.E.J. Dohmen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. M.J.H.H. Fuchs.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep

- vernietigt de aangevallen uitspraak;

- verklaart het beroep tegen het besluit van 1 februari 2019 gegrond en vernietigt dat besluit;

- draagt het Uwv op om binnen zes weken na deze uitspraak een nieuwe beslissing op het bezwaar te nemen met inachtneming van deze uitspraak;

- bepaalt dat beroep tegen dit besluit slechts bij de Raad kan worden ingesteld;

- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 3.740,-;

- bepaalt dat het Uwv aan appellant het in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht van € 175,- vergoedt.

Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.

Appellant heeft zich op 18 mei 2017 ziek gemeld. Op dat moment ontving hij een uitkering op grond van de Werkloosheidswet.

In het kader van een eerstejaars ZW-beoordeling heeft appellant op 23 maart 2018 het spreekuur bezocht van een arts van het Uwv. Deze arts heeft appellant belastbaar geacht met inachtneming van de beperkingen die zijn neergelegd in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 29 maart 2018. Naar aanleiding van een melding toegenomen arbeidsongeschiktheid is appellant op 1 juni 2018 nogmaals onderzocht door een verzekeringsarts. Deze arts heeft aanleiding gezien om de FML op 1 juni 2018 aan te passen wat betreft het aspect traplopen. Een arbeidsdeskundige heeft, uitgaande van de FML van 1 juni 2018, vastgesteld dat appellant niet in staat is zijn eigen werk te verrichten, vervolgens vier functies geselecteerd en op basis van de drie functies met de hoogste lonen berekend dat appellant nog 95,51% van zijn zogeheten maatmaninkomen zou kunnen verdienen.

Het Uwv heeft bij besluit van 26 juni 2018 vastgesteld dat appellant met ingang van 27 juli 2018 geen recht meer heeft op ziekengeld, omdat hij meer dan 65% kan verdienen van het loon dat hij verdiende voordat hij ziek werd.

Het bezwaar van appellant tegen dit besluit heeft het Uwv bij besluit van 1 februari 2019 (bestreden besluit) ongegrond verklaard. Aan het bestreden besluit ligt een rapport van 30 januari 2019 van een verzekeringsarts bezwaar en beroep ten grondslag.

De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. De rechtbank heeft overwogen dat het medisch onderzoek voldoende zorgvuldig is geweest en dat er geen aanleiding is om aan te nemen dat de medische en arbeidskundige beoordeling onjuist is geweest.

In hoger beroep heeft appellant naar voren gebracht dat het onderzoek door de (verzekerings)artsen van het Uwv niet zorgvuldig is geweest omdat hij nooit volledig lichamelijk is onderzocht. Met name de polsklachten zijn niet onderzocht. Appellant heeft medische stukken ingediend. Hij acht zich meer beperkt dan de verzekeringsartsen hebben aangenomen.

Het onderzoek ter zitting heeft via videobellen plaatsgevonden op 2 juni 2021.

Ter zitting is met partijen afgesproken dat het Uwv appellant zal uitnodigen voor een medisch onderzoek door een verzekeringsarts en dat tijdens dat spreekuur een lichamelijk onderzoek zal worden verricht. In verband daarmee is het onderzoek ter zitting geschorst. De afspraak is vastgelegd in het proces-verbaal van die zitting en ter hand gesteld aan partijen.

Het onderzoek ter zitting is op 7 oktober 2021 hervat.

Uit een rapport van een verzekeringsarts bezwaar en beroep van 16 juni 2021 blijkt dat op 15 juni 2021 een spreekuurcontact heeft plaatsgevonden en dat deze verzekeringsarts tijdens dit spreekuurcontact heeft afgezien van een lichamelijk onderzoek. Dat is in strijd met de eerder ter zitting gemaakte afspraak dat een lichamelijk onderzoek zou plaatsvinden.

De gemachtigde van appellant heeft terecht gesteld dat de verzekeringsarts heeft verzuimd de fysieke klachten van appellant naar behoren te onderzoeken en dat hij in zijn rapport van 16 juni 2021 onvoldoende inzichtelijk heeft gemotiveerd waarom er geen aanleiding is om de eerder vastgestelde belastbaarheid te herzien.

Het Uwv heeft met de ter zitting gemaakte afspraak erkend dat er een gebrek aan de besluitvorming kleeft. Dat motiveringsgebrek is met het nadere rapport van 16 juni 2021 niet hersteld.

De rechtbank heeft daarom het beroep tegen het bestreden besluit ten onrechte ongegrond verklaard, want dit besluit is onvoldoende zorgvuldig voorbereid. Het bestreden besluit zal worden vernietigd. Het Uwv wordt opgedragen overeenkomstig de eerder ter zitting gemaakte afspraak bij appellant een lichamelijk onderzoek te laten verrichten door een verzekeringsarts bezwaar en beroep. Daarbij dienen in het bijzonder de handen te worden onderzocht. Zo nodig dient een arbeidsdeskundige bezwaar en beroep te rapporteren. Vervolgens zal het Uwv een nieuwe beslissing op bezwaar dienen te nemen.

Met toepassing van artikel 8:113, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt bepaald dat tegen het door het Uwv nieuw te nemen besluit slechts bij de Raad beroep kan worden ingesteld.

Het Uwv wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant in beroep en in hoger beroep tot een bedrag van € 3.740,-.

Waarvan proces-verbaal.

De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer

(getekend) V.M. Candelaria (getekend) H.G. Rottier

Voor eensluidend afschrift

de griffier van de

Centrale Raad van Beroep

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?