ECLI:NL:CRVB:2022:275

ECLI:NL:CRVB:2022:275, Centrale Raad van Beroep, 02-02-2022, 20/3783 WMO15

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 02-02-2022
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 20/3783 WMO15
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 1 zaken
Aangehaald door 3 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0035362

Samenvatting

Pgb. Verzoek aandrijfondersteuning voor zijn rolstoel in de vorm van een persoonsgebonden budget (pgb). De rechtbank heeft het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. Uit de gedingstukken volgt dat de hoogte van het verstrekte pgb toereikend is om appellant in staat te stellen de aandrijfondersteuning, inclusief het onderhoud daarvan, bij een derde, te weten Medipoint, te kunnen betrekken. De Raad onderschrijft de overwegingen van de rechtbank en verenigt zich met het op grond daarvan door de rechtbank gegeven oordeel. De Raad voegt hieraan nog toe dat appellant zelf heeft gekozen voor een pgb en daarmee zelf verantwoordelijk is voor de aanschaf van de aandrijfondersteuning voor zijn rolstoel. Hieruit vloeit ook voort dat het op zijn weg ligt om bij het college te informeren waar hij deze ondersteuning voor het toegekende bedrag kan kopen. Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak komt voor bevestiging in aanmerking.

Uitspraak

20 3783 WMO15

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 9 oktober 2020, 19/5533 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellant] te [woonplaats] (appellant)

het college van burgemeester en wethouders van Berg en Dal (college)

Datum uitspraak: 2 februari 2022

PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. M. van der Veen hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 22 december 2021, gedeeltelijk door middel van beeldbellen. Appellant is verschenen, bijgestaan door zijn echtgenote [naam echtgenote] en mr. Van der Veen. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. C.F.T.G. Simons.

OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende feiten en omstandigheden.

Appellant, geboren in 1954, heeft diverse fysieke beperkingen en is voor zijn verplaatsingen volledig rolstoelafhankelijk.

Appellant heeft zich gemeld bij het college en verzocht om een aandrijfondersteuning voor zijn rolstoel in de vorm van een persoonsgebonden budget (pgb). Daaropvolgend heeft het college een onderzoek verricht. De bevindingen daarvan zijn neergelegd in een zogenoemd Plan van Aanpak. Vervolgens heeft appellant een aanvraag gedaan.

Bij besluit van 29 januari 2019 heeft het college aan appellant op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 een aandrijfondersteuning voor zijn rolstoel verstrekt in de vorm van een pgb. De hoogte van het pgb is hierbij bepaald op € 6.880,44.

Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 29 januari 2019. Onder verwijzing naar offertes van Medipoint (€ 9.143,79, inclusief onderhoud) en [naam B.V.] B.V. ([naam B.V.]) (€ 7.155,51, exclusief onderhoud) heeft appellant aangevoerd dat het verstrekte pgb ontoereikend is. Op 6 maart 2019 heeft appellant de aandrijfondersteuning gekocht bij [naam B.V.].

Bij besluit van 20 augustus 2019 (bestreden besluit) heeft het college het bezwaar ongegrond verklaard. Het bestreden besluit berust op het standpunt dat het pgb toereikend is om de aandrijfondersteuning (inclusief onderhoud) aan te schaffen. Uit de rechtspraak volgt dat het pgb toereikend moet zijn om de voorziening af te kunnen nemen bij in ieder geval één aanbieder waarbij met die aanbieder overeengekomen kortingen mogen worden doorberekend in de hoogte van het pgb. Hieraan is voldaan, omdat het college een korting van 40% is overeengekomen met Medipoint.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard en, voor zover nog van belang, het volgende overwogen. Uit de gedingstukken volgt dat de hoogte van het verstrekte pgb toereikend is om appellant in staat te stellen de aandrijfondersteuning, inclusief het onderhoud daarvan, bij een derde, te weten Medipoint, te kunnen betrekken. Dat appellant, toen hij de aandrijfondersteuning aanschafte er niet van op de hoogte was dat bij Medipoint 40% korting zou worden geboden, is een omstandigheid die voor rekening en risico van appellant komt. Alvorens tot aanschaf over te gaan, had appellant zich uitgebreider moeten laten informeren.

3. Appellant heeft zich in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak gekeerd en aangevoerd dat het college hem een pgb moet verstrekken ter hoogte van de door hem overgelegde offertes van Medipoint. Het college had appellant al voor de hoorzitting moeten informeren over de kortingsregeling bij Medipoint. Het kan hem niet worden verweten dat hij hiervan geen kennis had.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

De Raad onderschrijft de overwegingen van de rechtbank en verenigt zich met het op grond daarvan door de rechtbank gegeven oordeel. In wat appellant in hoger beroep heeft aangevoerd, vindt de Raad geen steun om tot een ander oordeel te komen. De Raad voegt hieraan nog toe dat appellant zelf heeft gekozen voor een pgb en daarmee zelf verantwoordelijk is voor de aanschaf van de aandrijfondersteuning voor zijn rolstoel. Hieruit vloeit ook voort dat het op zijn weg ligt om bij het college te informeren waar hij deze ondersteuning voor het toegekende bedrag kan kopen.

Uit 4.1 volgt dat het hoger beroep niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door L.M. Tobé als voorzitter en J.P.A. Boersma en A.T. Marseille als leden, in tegenwoordigheid van M.E. van Donk als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 2 februari 2022.

(getekend) L.M. Tobé

(getekend) M.E. van Donk

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl AB 2022/141 met annotatie van C.W.C.A. Bruggeman NBJ-Wmo/2022/003 met annotatie van Mr. C.W.C.A. Bruggeman NBJ-Wmo/2022/004 met annotatie van Mr. C.W.C.A. Bruggeman
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?