ECLI:NL:CRVB:2025:1479

ECLI:NL:CRVB:2025:1479, Centrale Raad van Beroep, 07-10-2025, 24/1057 PW

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 07-10-2025
Datum publicatie 09-10-2025
Zaaknummer 24/1057 PW
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

Hoger beroep niet-ontvankelijk. Het ingediende beroepschrift bevat geen gronden. Niet is gebleken van redenen die een verontschuldiging vormen voor dit verzuim.

Uitspraak

Datum uitspraak: 7 oktober 2025

24/1057 PW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 29 maart 2024, 23/5863

Partijen:

[appellant 1] en [appellant 2] te [woonplaats] (appellanten)

de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)

PROCESVERLOOP

Namens appellanten heeft mr. F. Çelen, advocaat, hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank.

OVERWEGINGEN

In artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), is bepaald dat het beroepschrift de gronden van het beroep dient te bevatten. Ingevolge artikel 6:24 van de Awb is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.

Het op 2 mei 2024 ingediende beroepschrift bevat geen gronden.

De gemachtigde van appellanten heeft via e-mailbericht van 17 juli 2024 laten weten tot op die dag nog geen herstel verzuim brief voor de gronden van het hoger beroep te hebben ontvangen.

Naar aanleiding van deze e-mail heeft de Raad diezelfde dag telefonisch contact opgenomen met de gemachtigde van appellanten en laten weten dat de brief spoedig verzonden zal worden. Voorts is de gemachtigde van appellanten bij brief van 17 juli 2024 in de gelegenheid gesteld binnen vier weken de gronden voor het hoger beroep in te dienen.

De gemachtigde van appellanten heeft deze termijn ongebruikt voorbij laten gaan.

Bij aangetekende brief van 27 augustus 2024 is aan de gemachtigde van appellanten nogmaals de gelegenheid geboden de beroepsgronden in te dienen. Daarbij is een termijn van vier weken gesteld en is erop gewezen dat overschrijding van die termijn tot gevolg kan hebben dat de zaak niet inhoudelijk wordt behandeld.

De gemachtigde van appellanten heeft ook deze termijn ongebruikt voorbij laten gaan.

Bij e-mailbericht van 14 september 2024 heeft de gemachtigde van appellanten laten weten nog steeds geen herstel verzuim brief te hebben ontvangen.

De aangetekende brief van 27 augustus 2024 is op 16 september 2024 bij de Raad retour binnengekomen met de mededeling dat deze niet is afgehaald.

Op 2 oktober 2024 heeft telefonisch contact plaatsgevonden tussen de Raad en de gemachtigde van appellanten. Naar aanleiding van dit gesprek heeft de gemachtigde bije-mailberichtenvan 2 oktober en 23 oktober 2024, alsmede bij brieven van 25 december 2024 en 26 maart 2025, de Raad naar de stand van zaken gevraagd aangezien gemachtigde nog steeds geen herstel verzuim brieven heeft ontvangen.

Ingevolge het verzoek van gemachtigde van 26 maart 2025 heeft de Raad op 27 juni 2025, zowel per post als per e-mail, alle bewijzen opgestuurd waaruit blijkt dat de brief van de Raad van 27 augustus 2024 per post op het kantoor van gemachtigde is bezorgd, dan wel niet is afgehaald. Het betreft stukken van PostNL inhoudende de zendingsgegevens, verzendstatus en verzendstatusinformatie van het pakket.

De Raad heeft vervolgens niets meer van de gemachtigde van appellanten vernomen. Het hogerberoepschrift bevat geen gronden en de termijn voor het indienen van de gronden is niet benut en inmiddels verstreken.

Niet is gebleken van redenen die een verontschuldiging vormen voor dit verzuim. Het hoger beroep is kennelijk niet-ontvankelijk, zodat zonder verder onderzoek kan worden beslist.

Voor een proceskostenveroordeling is geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door M. Wolfrat, in tegenwoordigheid van A. Giesen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 oktober 2025.

(getekend) M. Wolfrat

(getekend) A. Giesen

Tegen deze uitspraak kunnen een belanghebbende en het bestuursorgaan binnen zes weken na de verzending van het afschrift van deze uitspraak schriftelijk verzet doen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA UTRECHT. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld te worden gehoord.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand