ECLI:NL:CRVB:2025:1850

ECLI:NL:CRVB:2025:1850, Centrale Raad van Beroep, 17-12-2025, 23/2337 WIA

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 17-12-2025
Datum publicatie 18-12-2025
Zaaknummer 23/2337 WIA
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Proceskostenveroordeling

Samenvatting

Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep.

Uitspraak

OVERWEGINGEN

Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Awb bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 8:108, eerste lid, van de Awb is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.

Namens appellant is het hoger beroep ingetrokken omdat het Uwv met de gewijzigde beslissing op bezwaar van 10 juni 2025 aan de bezwaren van appellant is tegemoetgekomen.

Omdat het Uwv de gemaakte kosten in bezwaar heeft vergoed en de rechtbank het Uwv al heeft veroordeeld tot de in beroep gemaakte kosten, moet de Raad alleen nog oordelen over de in hoger beroep gemaakte kosten.

Het Uwv wordt veroordeeld in de kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand die appellant in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb), begroot op € 1.814,‑ in hoger beroep (één punt voor het indienen van het hoger beroepschrift en één punt voor het verschijnen ter zitting, à € 907,- per punt).

Ook dient het Uwv het bedrag van € 2.237,44 te vergoeden voor de deskundige van Interfocus die appellant heeft ingeschakeld. De hoogte van dit bedrag heeft het Uwv niet bestreden.

Appellant heeft daarnaast verzocht om vergoeding van de kosten die hij heeft gemaakt voor het opstellen van het rapport door psychiater Tilanus. Het Uwv heeft de hoogte hiervan bestreden, namelijk voor zover het door Tilanus gehanteerde uurtarief ligt boven het maximum uurtarief bedoeld in het Besluit tarieven in strafzaken 2003 (Bts).

De kosten inzake het rapport van Tilanus komen gedeeltelijk voor toewijzing in aanmerking. Onder verwijzing naar de tekst van artikel 2, eerste lid, aanhef en onder b, van het Bpb, heeft appellant betoogd dat het Bpb en Bts niet van toepassing zijn in hoger beroep en daarom het volledige uurtarief van Tilanus vergoed moet worden. Dit betoog slaagt niet. In artikel 8:108, eerste lid, van de Awb, is namelijk bepaald dat, voor zover van belang, de titels 8.1 tot en met 8.3 over het beroep van overeenkomstige toepassing zijn op het hoger beroep. Overigens is in de bijlage van het Bpb het hoger beroep ook expliciet genoemd.

De kostenvergoeding voor de kosten van een deskundige die aan een partij verslag heeft uitgebracht, wordt berekend conform het Bts. Daarbij geldt voor opdrachten van en na 1 januari 2024 een maximaal uurtarief van € 154,50. Uitgaande van 12 uren tegen het uurtarief van € 154,50 exclusief omzetbelasting bedragen de te vergoeden kosten € 1.854,-. Op grond van artikel 15 van het Bts wordt dit bedrag verhoogd met de omzetbelasting van 21% die daarover is verschuldigd, zodat de vergoeding voor het rapport van Tilanus in totaal € 2.243,34 inclusief omzetbelasting bedraagt.

Daarnaast komen ook de overige in verband met de werkzaamheden van Tilanus verband houdende kosten van € 606,62 en € 53,88 voor vergoeding in aanmerking. Daarbij wordt betrokken dat appellant een specificatie van deze kosten heeft ingezonden en het Uwv de hoogte van deze bedragen niet heeft betwist.

Het totale bedrag aan voor vergoeding in aanmerking komende proceskosten bedraagt daarmee € 5.141,28.

Ten slotte moet het Uwv het door appellant in hoger beroep betaalde griffierecht te vergoeden.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep

- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 5.141,28;

- bepaalt dat het Uwv aan appellant het in hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 136,- vergoedt.

Deze uitspraak is gedaan door D.S. de Vries, in tegenwoordigheid van J.A. Adjei-Asamoah als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 17 december 2025.

(getekend) D.S. de Vries

(getekend) J.A. Adjei-Asamoah

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?