ECLI:NL:GHAMS:2021:4488

ECLI:NL:GHAMS:2021:4488, Gerechtshof Amsterdam, 25-03-2021, 23-002687-20

Instantie Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak 25-03-2021
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 23-002687-20
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Amsterdam
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2025:642
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854 BWBR0001903

Samenvatting

Handelen in strijd met artikel 27, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.

Uitspraak

Voorvragen

Geen bijzonderheden.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 19 augustus 2018 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, een wapen van categorie IV heeft gedragen, te weten 4 messen, in elk geval een voorwerp, waarvan, gelet op de aard of de omstandigheden waaronder dat voorwerp werd aangetroffen, redelijkerwijs kon worden aangenomen dat zij was bestemd om letsel aan personen toe te brengen, of te dreigen en dat niet onder een van de andere categorieën viel;

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat daarvan slechts aantekening is gedaan ingevolge artikel 395a van het Wetboek van Strafvordering.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot een geldboete van

€ 500,00, subsidiair 10 dagen hechtenis, waarvan € 250,00, subsidiair 5 dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan met dien verstande dat:

hij op 19 augustus 2018 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, wapens van categorie IV heeft gedragen, te weten 4 messen, waarvan, gelet op de aard of de omstandigheden waaronder de voorwerpen werden aangetroffen, redelijkerwijs kon worden aangenomen dat zij waren bestemd om letsel aan personen toe te brengen, of te dreigen en dat niet onder een van de andere categorieën viel;

Bewijsmiddelen

1. Een proces-verbaal van aanhouding met nummer PL27RP/18-070594 van 19 augustus 2018, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 1] en [verbalisant 2] (dossier ongenummerd).

2. Een proces-verbaal met nummer PL27RP/18-070594 met fotobijlagen van 19 augustus 2018, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 5] (dossier ongenummerd).

De in de bewijsmiddelen opgenoemde feiten en omstandigheden leveren de redengevende feiten en omstandigheden op, waarop de beslissing van het hof steunt, dat het ten laste gelegde en bewezen geachte feit door verdachte is begaan.

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisanten:

Op zondag 19 augustus 2018 omstreeks 18:35 uur, bevonden wij, verbalisanten, ons op de vertrekpassage 1 Schiphol te Haarlemmermeer. Omstreeks 18:43 uur controleerden wij een voertuig, voorzien van Nederlands kenteken [kenteken] . Als bestuurder troffen wij [verdachte] , geboren op [geboortedag 2] -1965 te [geboorteplaats] aan.

Tijdens de controle en het aanspreken kwam de verdachte zeer agressief over. Ik, [verbalisant 1] , hoorde de verdachte zeggen: ‘Schiet op met je controle. Ik vecht al lang niet meer met jullie.’ Hierop heb ik de verdachte bevraagd bij de Real Time Intelligence Desk. Deze vertelde mij dat de verdachte gesignaleerd stond en meerdere antecedenten op zijn naam had staan met betrekking tot vuurwapens, mishandeling, verzet en mishandeling tegen ambtenaar in functie.

Wij deelden de verdachte mede dat wij het voertuig gingen controleren op grond van artikel 52 lid 2 Wet wapens en munitie. Alvorens de controle vroegen wij of de verdachte in het bezit was van verboden wapens. Wij hoorden de verdachte zeggen dat er geen verboden zaken in zijn kleding, dan wel in zijn voertuig zaten.

Bij de controle troffen wij in bovenstaand beschreven voertuig een viertal messen aan. Wij zagen in het opbergvak van het bestuurdersportier drie langwerpige voorwerpen liggen die ingetaped waren met duct-tape. Wij herkenden dit als zijnde messen. De drie messen waren ingetaped om niet op te vallen als zijnde messen. In het stoelvak aan de achterzijde van de bestuurdersstoel troffen verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4] nog een mes met een houten lemmet aan.

Hierop vroeg ik, [verbalisant 1] , waarom hij deze messen bij zich had. De verdachte antwoordde: ‘Jullie komen altijd te laat als ik mot heb. Ik verdedig mijzelf wel.’

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op zondag 19 augustus 2018 zijn onder de verdachte [verdachte] vier messen in beslag genomen. Drie van deze mensen zijn voorzien van tape en verpakkingsmateriaal waardoor de tape van het lemmet afgeschoven kan worden. Deze goederen zijn onder omstandigheden aangetroffen waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat deze voor geen ander doel bestemd waren dan om letsel aan personen toe te brengen of te dreigen.

Deze goederen zijn wapens in de zin van artikel 2, lid 1 categorie IV, onder 7 van de Wet wapens en munitie.

Bijgevoegd zijn twee fotobladen met daarop de afbeeldingen van de in beslaggenomen voorwerpen.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het bewezen verklaarde levert op: handelen in strijd met artikel 27, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.

Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit, zodat de verdachte strafbaar is.

Oplegging van straf

De politierechter in de rechtbank Amsterdam heeft de verdachte ten aanzien van het in eerste aanleg bewezenverklaarde een geldboete ter hoogte van € 500,00, subsidiair 10 dagen hechtenis waarvan € 250,00, subsidiair 5 dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren opgelegd.

Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte ten aanzien van het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot eenzelfde straf als is opgelegd in eerste aanleg.

Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan, en gelet de persoon en de draagkracht van de verdachte.

Het hof heeft bij de strafoplegging in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan verboden wapenbezit. Het voorhanden hebben van steekwapens vormt een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen. Het ongecontroleerde bezit van dergelijke wapens creëert daarnaast een gevaar voor het gebruik ervan en brengt gevoelens van onveiligheid mee.

Het hof acht, alles afwegende, een deels voorwaardelijke geldboete van na te melden hoogte passend en geboden.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 27 en 54 van de Wet wapens en munitie.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 500,00 (vijfhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 10 (tien) dagen hechtenis.

Bepaalt dat een gedeelte van de geldboete, groot € 250,00 (tweehonderdvijftig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 5 (vijf) dagen hechtenis, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?