GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer : 200.315.103/01
zaak-/rolnummer rechtbank Amsterdam : C/13/705396 / HA ZA 21-700
arrest op de voet van artikel 31 Rv van de meervoudige burgerlijke kamer van 6 december 2024
in de zaak van
1. [appellant 1] ,gevestigd te [plaats 1] , gemeente [plaats 2] ,
2. [appellant 2],gevestigd te [plaats 3] , gemeente [plaats 4] ,
3. [appellant 3], gevestigd te [plaats 4] ,
4. [appellant 4] ., voorheen genaamd [bedrijf] ., gevestigd te [plaats 5] ,
5. [appellant 5] B.V., gevestigd te [plaats 6] ,
6. [appellant 6], gevestigd te [plaats 7] , gemeente [plaats 8] ,
7. [appellant 7], wonende te [plaats 9] , gemeente [plaats 10] ,
8. [appellant 8], wonende te [plaats 11] , gemeente [plaats 12] ,
appellanten,
advocaat: mr. M.J. Elkhuizen te Amsterdam,
tegen
NEI NIEUW ENERGY INVEST B.V.,
gevestigd te Zwolle,
geïntimeerde,
advocaat: mr. K. van Kranenburg-Hanspians te Amsterdam.
Partijen worden hierna [appellanten] en NEI genoemd.
1. Het geding in hoger beroep
Het hof heeft in deze zaak op 10 september 2024 een arrest uitgesproken. Bij e-mailbericht van 2 december 2024 heeft mr. Van Kranenburg-Hanspians verzocht twee correcties in het arrest aan te brengen, te weten vermelding van de huidige naam van appellante sub 4, [appellant 4] ., en verbetering van een kennelijke schrijffout in de naam van appellante sub 5, [appellant 5] B.V. in plaats van [bedrijf] Bij e-mailbericht van 5 december 2024 heeft mr. Elkhuizen laten weten hiertegen geen bezwaar te hebben.
2. Beoordeling
In het arrest van 10 september 2024 staan de appellanten onder 4 en 5 vermeld zoals in het vonnis waarvan beroep en in de appeldagvaarding. In de memorie van grieven wordt in een noot melding gemaakt van de naamswijziging van appellante sub 4 en wordt de naam van appellante sub 5 gespeld als “ [appellant 5] ”. Nu partijen het erover eens zijn dat de tenaamstelling aldus dient te luiden, zal het hof gevolg geven aan het verzoek van mr. Van Kranenburg-Hanspians.
3. Beslissing
Het hof:
verbetert het in deze zaak op 10 september 2024 uitgesproken arrest aldus dat als appellante sub 4 wordt vermeld “ [appellant 4] ., voorheen genaamd [bedrijf] .” en als appellante sub 5 “ [appellant 5] B.V. ”;
stelt de verbetering op de minuut van dat arrest.
Dit arrest is gewezen door mrs. E.M. Deen, M.M.M. Tillema en S.C.H. Molin en bij ontstentenis van de voorzitter door mr. Tillema in het openbaar uitgesproken op 6 december 2024.