ECLI:NL:GHAMS:2025:3700

ECLI:NL:GHAMS:2025:3700

Instantie Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak 22-07-2025
Datum publicatie 04-02-2026
Zaaknummer 23-001918-24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Hennepkwekerij en diefstal van elektriciteit. BP n-o vanwege onevenredige belasting strafgeding. TS 90 uren, waarvan 50 voorwaardelijk. Onttrekking aan het verkeer 130 stuks hennep.

Uitspraak

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 8 juli 2025 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsman naar voren hebben gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:

1.hij op of omstreeks 10 juni 2022 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan de [adres 2] ) een hoeveelheid van (in totaal) (ongeveer) 130 (hennep) planten/ 4461,6 gram hennep, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet;

2.hij op of omstreeks 10 juni 2022 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, stroom/electriciteit (te weten 44741 kWh, t.w.v. 13.172,56 euro), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan Liander N.V., in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of dat/die weg te nemen stroom/electriciteit onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en/of verbreking.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere bewezenverklaring en strafoplegging komt dan de politierechter.

Bewijsoverwegingen

Standpunt van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat het onder 1 en 2 tenlastegelegde kan worden bewezen, met uitzondering van de onder 1 tenlastegelegde hoeveelheid hennep en de onder 2 tenlastegelegde hoeveelheid elektriciteit.

Standpunt van de verdediging

De raadsman van de verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte van het onder 1 en 2 tenlastegelegde moet worden vrijgesproken. Daartoe heeft de raadsman aangevoerd dat uit de stukken in het dossier onvoldoende blijkt dat de verdachte degene is geweest die het tenlastegelegde heeft begaan. Voor het bezit van de sleutel van de woning en de aanwezigheid van de medicijnen van de verdachte in de slaapkamer van de woning heeft de verdachte een verklaring gegeven, namelijk dat hij van een vriend de sleutel van de woning had gekregen om zijn medicijnen op te halen die hij was vergeten mee te nemen bij het verlaten van de auto van de vriend en die de vriend vervolgens in de woning had gelegd.

Voor het geval het hof wel tot een bewezenverklaring van het onder 1 tenlastegelegde komt, heeft de raadsman zich met het oog op de ontnemingsvordering op het standpunt gesteld dat sprake is van medeplegen.

Oordeel van het hof

Het hof is van oordeel dat uit de stukken in het dossier blijkt dat de verdachte degene is geweest die het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, met uitzondering van de onder 2 ten laste gelegde braak/ verbreking. Dat blijkt uit het geheel van de volgende feiten en omstandigheden:

Het hof is van oordeel dat de verklaring van de verdachte gegeven voor het bezit van de sleutel van de woning en de aanwezigheid van zijn medicijnen in de slaapkamer in die woning niet aannemelijk is geworden. De verdachte heeft die verklaring ook ter terechtzitting in hoger beroep onvoldoende onderbouwd, terwijl een onderbouwing wel van hem had mogen worden verwacht gezien de hiervoor genoemde feiten en omstandigheden.

Het hof acht niet bewezen dat de verdachte het onder 1 tenlastegelegde met één of meer anderen heeft begaan. De omstandigheid dat de woning werd gehuurd door [persoon] is onvoldoende voor een ander oordeel. Het hof betrekt daarbij dat de stukken in het dossier aanwijzingen bevatten dat de woning niet daadwerkelijk door haar werd bewoond, laat staan dat er ten aanzien van het telen van de hennepplanten sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking met de verdachte.

Het hof acht evenmin bewezen dat de verdachte de onder 2 tenlastegelegde braak/verbreking heeft begaan. Uit de stukken in het dossier blijkt onvoldoende dat de verdachte degene is geweest die de aansluiting vóór de elektriciteitsmeter heeft aangebracht. In zoverre zal de verdachte van het onder 2 tenlastegelegde worden vrijgesproken.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.hij op of 10 juni 2022 te Amsterdam opzettelijk heeft geteeld in een pand aan de [adres 2] een hoeveelheid van in totaal 130 hennepplanten, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;

2.hij op 10 juni 2022 te Amsterdam elektriciteit die aan Liander N.V. toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.

Hetgeen onder 1 en 2 meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

Het bewezenverklaarde is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Geen omstandigheid is aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het onder 1 en 2 bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:

opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod.

Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:

diefstal.

Strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen omstandigheid aannemelijk is geworden die de strafbaarheid ten aanzien van het onder 1 en 2 bewezenverklaarde uitsluit.

Oplegging van straf en maatregel

De politierechter heeft de verdachte voor het onder 1 en 2 bewezenverklaarde veroordeeld tot een taakstraf van 100 uur, waarvan 50 uur voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het onder 1 en 2 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als de straf die door politierechter is opgelegd.

De raadsman van de verdachte heeft geen strafmaatverweer gevoerd.

Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het telen van hennep en diefstal van elektriciteit voor die hennepteelt. Hij deed dat in een woning in een appartementencomplex met twee woonlagen. Daarmee levert het telen van hennep niet alleen een gevaar op voor de volksgezondheid, maar ook brand- en overstromingsgevaar voor de buren. Daarnaast gaat het telen van hennep vaak gepaard met andere vormen van criminaliteit. Het hof rekent dit de verdachte aan.

Uit een uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 24 juni 2025 blijkt dat de verdachte eerder in verband met overtreding van de Opiumwet is veroordeeld, maar dat die veroordelingen relatief oud zijn. Ook blijkt dat de verdachte na het begaan van de bewezenverklaarde feiten is veroordeeld voor andere feiten. Het hof houdt hiermee rekening in zoverre dat het een deel van de straf voorwaardelijk zal opleggen.

Het hof houdt bij de op te leggen strafsoort ook rekening met de gezondheid van de verdachte. Het hof begrijpt dat de verdachte in staat is in bepaalde mate zittend werk te verrichten.

Het hof acht, alles afwegende, een taakstraf van 90 uur, waarvan 50 uur voorwaardelijk, passend en geboden. Het hof legt een iets lagere straf op dan door de politierechter opgelegd en door de advocaat-generaal gevorderd, omdat het de verdachte vrijspreekt van de onder 2 tenlastegelegde braak/verbreking.

Het onder 1 tenlastegelegde en bewezenverklaarde is begaan met betrekking tot de in beslag genomen en nog niet teruggegeven hennep. Deze zal aan het verkeer worden onttrokken aangezien het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet.

Vordering van de benadeelde partij Liander N.V.

De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 13.877,29, te vermeerderen met de wettelijke rente. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep niet-ontvankelijk verklaard. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van de oorspronkelijke vordering.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de vordering van de benadeelde partij geheel toewijst. De raadsman van de verdachte heeft verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in de vordering.

Het hof overweegt als volgt.

Het hof heeft onder meer bewezenverklaard dat de verdachte op 10 juni 2022 opzettelijk hennepplanten heeft geteeld en elektriciteit heeft weggenomen. Uit de aangifte en de vordering van de benadeelde partij blijkt dat de vordering ziet op de diefstal van elektriciteit in de periode van 22 december 2021 tot 10 juni 2022. Uit de stukken in het dossier blijkt weliswaar dat de verdachte ook vóór 10 juni 2022 elektriciteit heeft weggenomen, maar daaruit blijkt onvoldoende dat de verdachte dit al vanaf 22 december 2021 heeft gedaan. Uit de vordering volgt niet zonder meer hoe groot de schade is die de benadeelde partij heeft geleden wanneer wordt uitgegaan van een kortere periode.

Bij die stand van zaken is het hof van oordeel dat behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert, omdat die behandeling vraagt om een verdere uitwisseling van standpunten van de procespartijen over de periode waarin er elektriciteit is weggenomen en de omvang van de te vergoeden schade die daardoor is geleden. De benadeelde partij kan daarom in de vordering niet worden ontvangen en kan de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 36b, 36c, 57, 63 en 310 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1 en 2 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 90 (negentig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 45 (vijfenveertig) dagen hechtenis.

Bepaalt dat een gedeelte van de taakstraf, groot 50 (vijftig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 25 (vijfentwintig) dagen hechtenis, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Beveelt de onttrekking aan het verkeer van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten: 130 stuks hennep (omschrijving: PL1300-2022119472-6197722).

Vordering van de benadeelde partij Liander N.V.

Verklaart de benadeelde partij Liander N.V. niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding en bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. L.F. Roseval, mr. A.M. Koolen - Zwijnenburg en mr. C. Beuze, in

tegenwoordigheid van mr. S. Geensen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 22 juli 2025.

Mr. A.M. Koolen - Zwijnenburg en mr. S. Geensen zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

=========================================================================

[…]

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. S. Geensen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?