ECLI:NL:GHAMS:2025:3703

ECLI:NL:GHAMS:2025:3703

Instantie Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak 04-12-2025
Datum publicatie 05-02-2026
Zaaknummer 23-003339-22
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Amsterdam
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:RBNHO:2022:10973

Samenvatting

Profijtontneming opzettelijke overtreding Geneesmiddelenwet. Wederrechtelijk verkregen voordeel € 1.285.831,00. Betalingsverplichting € 642.915,00.

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 23-003339-22

Datum uitspraak: 4 december 2025

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 8 december 2022 op de vordering van het openbaar ministerie ingevolge artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht in de ontnemingszaak met nummer 15-870478-18 tegen de betrokkene:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1983,

adres: [adres 1] .

Procesgang

Het openbaar ministerie heeft in eerste aanleg gevorderd dat aan de betrokkene de verplichting zal worden opgelegd tot betaling van een geldbedrag aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, geschat tot een bedrag van € 642.915,00.

De betrokkene is bij vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 8 december 2022 veroordeeld voor – kort gezegd – verschillende overtredingen van de Geneesmiddelenwet, overtreding van de Opiumwet en voor witwassen.

Daarnaast heeft de rechtbank Noord-Holland bij vonnis van 8 december 2022 de betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 642.915,00 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

Namens de betrokkene is hoger beroep ingesteld tegen beide vonnissen.

De betrokkene is bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 4 december 2025 veroordeeld voor – kort gezegd – verschillende opzettelijke overtredingen van de Geneesmiddelenwet en van de Opiumwet en voor witwassen.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 23 oktober 2025 en 4 december 2025 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de betrokkene en de raadsman naar voren hebben gebracht.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de rechtbank ten aanzien van de hoogte van het door de betrokkene genoten wederrechtelijk verkregen voordeel.

Grondslag van de ontneming

Bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 4 december 2025 is de betrokkene onder meer veroordeeld voor opzettelijke overtredingen van de Geneesmiddelenwet in de periode van 1 januari 2014 tot en met 18 juni 2018 respectievelijk 31 januari 2019.

Op grond van het bepaalde in artikel 36e, eerste en tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht (Sr) kan op vordering van het openbaar ministerie bij een afzonderlijke rechterlijke beslissing aan degene die is veroordeeld wegens een strafbaar feit de verplichting worden opgelegd tot betaling van een geldbedrag aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, verkregen door middel van of uit de baten van het strafbare feit waarvoor de betrokkene veroordeeld is of (door middel van of uit) andere feiten waaromtrent voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de veroordeelde zijn begaan.

Het hof acht aannemelijk dat de betrokkene uit de hiervoor genoemde bewezenverklaarde feiten voordeel heeft verkregen, op na te melden wijze.

Schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel

I Standpunten van het openbaar ministerie en de verdediging

De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep gevorderd het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel vast te stellen op een bedrag van € 1.285.831,00 en aan de betrokkene de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 964.373,00 (75% van het wederrechtelijk verkregen voordeel) ter ontneming van dat wederrechtelijk verkregen voordeel. Ten aanzien van dit laatste bedrag stelt de advocaat-generaal zich op het standpunt dat de betrokkene toch tenminste 50% van de winst zelf zal hebben gehouden en dat het niet aannemelijk is geworden dat er meer dan 25% van de winst aan anderen zou zijn betaald.

De verdediging heeft bij pleidooi kortheidshalve verwezen naar de ter terechtzitting in hoger beroep door de betrokkene gegeven toelichting bij de op 22 oktober 2025 door de raadsman aan het hof toegestuurde documenten. Deze documenten zijn door de betrokkene, volgens diens verklaring ter terechtzitting in hoger beroep, opgesteld in het kader van een herberekening van de opbrengsten en kosten op basis van hem ter beschikking staande gegevens. Deze documenten (hierna aangeduid als: de herberekening) vormen een financieel overzicht over de jaren 2014-2018 aan de hand van een drietal opstellingen. Deze betreffen (i) de productie en verkoop van tabletten; (ii) de productie en verkoop van injectables/vials en (iii) de verkoop van Somatropine.

De verdediging handhaaft overigens, zo begrijpt het hof, het standpunt dat de door de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) in het hierna nog te noemen Rapport inzake berekening wederrechtelijk verkregen voordeel gehanteerde methode van extrapolatie, geen stand kan houden. Ten slotte wordt gesteld dat aan de betrokkene slechts 30% van de verdiensten over de jaren 2014-2018, zoals die in de herberekening zijn berekend, is toegekomen.

II De berekening door de FIOD

De advocaat-generaal heeft tot uitgangspunt genomen het Rapport inzake berekening wederrechtelijk verkregen voordeel met betrekking tot de betrokkene, gedateerd 1 april 2019 (hierna: het Ontnemingsrapport), opgesteld door [deskundige 1] en [deskundige 2] , beiden opsporingsambtenaar bij de FIOD. Het hof stelt vast dat de onderbouwing van de berekening wederrechtelijk verkregen voordeel in het Ontnemingsrapport (par. 5.3.2) is gebaseerd op een transactieberekening. Vóór de aanvang van het strafrechtelijk (financieel) onderzoek zijn door de Douane 17 postpakketten met grondstoffen voor het produceren van geneesmiddelen waaronder anabolen en erectie-bevorderende middelen onderschept en

inbeslaggenomen. Deze waren alle afkomstig uit dezelfde regio in China en de omschrijvingen van de inhoud daarvan waren steeds verhullend. Daarnaast zijn bij de diverse doorzoekingen nagenoeg uitsluitend handelshoeveelheden eindproducten (anabolen en erectie-bevorderende middelen) en

verpakkingsmateriaal van het merk Euro Pharmaceuticals (EP) aangetroffen en inbeslaggenomen. Tevens zijn bij deze doorzoekingen industriële machines aangetroffen die gebruikt kunnen worden voor de productie van de anabolen en andere (illegale) geneesmiddelen.

Als uitgangspunt is genomen de zeventien in beslag genomen postpakketten met (grondstoffen voor het produceren van) geneesmiddelen, waaronder anabolen en erectie-bevorderende middelen. Deze postpakketten zijn in beslag genomen in de periode van 4 december 2015 tot en met 30 oktober 2017.

De berekening van het voordeel is gebaseerd op extrapolatie van de berekende verkoopopbrengst van de zeventien in beslag genomen postpakketten naar de periode van 1 januari 2014 tot en met 18 juni 2018. In deze laatste periode zouden in totaal 217 pakketten uit China (indirect) naar de betrokkene zijn verzonden. Deze 217 pakketten leken qua herkomst, bestemming en inhoudsomschrijvingen zeer sterk op de 17 door de Douane onderschepte pakketten.

De potentiële productieomvang is bepaald aan de hand van de hoeveelheid inbeslaggenomen grondstoffen uit de 17 onderschepte pakketten. Deze berekening ziet er als volgt uit (bijlage 1 bij het Ontnemingsrapport):

Samengevat:

Totaal aantal te produceren vials à 10 ml anabolen 3.050

Totaal aantal te produceren potjes tabletten/pillen anabolen of

erectie bevorderende middelen 4.491

Totaal aantal doosjes met 10 vials van 10 ml Somatropine 175

De potentiële verkoopopbrengst van deze aantallen uit de inhoud van de zeventien in beslag genomen postpakketten is vervolgens berekend, waarbij mede gebruik is gemaakt van een inkoopbestelling die in de telefoon van een medeverdachte is aangetroffen. Dit heeft geleid tot de vaststelling dat betrokkene

€ 15,00 per vial of potje anabolen of erectie-bevorderende middelen van het merk EP rekende als groothandelprijs voor de afnemende detaillisten/tussenhandelaren. Somatropine werd verkocht in doosjes van 10 vials à 10 ml voor de groothandelprijs van €125,00. Zie voor deze berekening bijlage 2 bij dit arrest.

In de berekening van de kosten is rekening gehouden met directe kosten bestaande in kosten van: grondstoffen anabolen en erectie-bevorderende middelen, het eindproduct Somatropine, inkoop van vials en potjes, pakketontvangers en etiketten plakken op vials en het vouwen van en verpakken in doosjes. De indirecte kosten hebben betrekking op (huur) kosten van opslagruimten en op afschrijvingskosten van de machines.

De berekening van de kosten van grondstoffen voor de productie van anabolen en erectie-bevorderende middelen is gebaseerd op informatie aangetroffen op het internet zoals geraadpleegd op 30 oktober 2018

(bijlage 3a bij het Ontnemingsrapport).

Voor de (inkoop)kosten van het eindproduct Somatropine is uitgegaan van het op 30 oktober 2018 geraadpleegde online platform [website] , waarbij voor de berekening is uitgegaan van de hoogste prijzen (bijlage 3b bij het Ontnemingsrapport).

Het geheel levert het in bijlage 3 bij dit arrest opgenomen overzicht van de kosten van grondstoffen voor de productie van anabolen en erectie-bevorderende middelen (€ 8.739,00 + € 4.327 = € 13.066,00) en van het eindproduct Somatropine (€ 11.521,00) op (bijlage 3 bij het Ontnemingsrapport). In totaal gaat het om € 24.587,00 aan kosten.

De kosten van verpakking zijn berekend aan de hand van de goederenomschrijving op een commercial invoice die onder de betrokkene in beslag is genomen. De kosten voor het plakken van etiketten en het inpakken zijn berekend aan de hand van een verklaring van een medeverdachte. In bijlage 4 bij het Ontnemingsrapport zijn deze berekend op een totaal bedrag van € 984,00.

De kosten van de pakketontvangers zijn voor de zeventien pakketten berekend op een totaal bedrag van € 1.700,00 aan de hand van verklaringen van medeverdachten als genoemd in het Ontnemingsrapport.

In de voordeelberekening voor hetgeen is aangetroffen in de zeventien postpakketten is aldus uitgegaan van een totale verkoopopbrengst van € 134.990,00 (€ 113.115,00 voor de geproduceerde producten van het merk EP en € 21.875,00 voor het eindproduct Somatropine). Daarop zijn in mindering gebracht de genoemde directe kosten, in totaal berekend op € 27.271,00 (€ 24,587,00 + € 984,00 + € 1.700,00). De brutomarge op basis van de zeventien postpakketten bedraagt aldus € 107.719,00.

Voor de 217 niet in beslag genomen postpakketten bedraagt de brutomarge na extrapolatie dan (afgerond) € 1.375.001,00. Op dit bedrag wordt in mindering gebracht de niet gerealiseerde brutomarge van inbeslaggenomen anabolen en erectie-bevorderende middelen aangetroffen in de berging en woning aan de [adres 2] en in de opslagruimten aan de [adres 3] , berekend op € 22.099,00 + € 35.738,00 = € 57.837,00. Verder worden in mindering gebracht de kosten van verpakkingsmateriaal dat in beslag is genomen op de [adres 4] , berekend op € 8.176,00. Tot slot worden in mindering gebracht de indirecte kosten van opslag en afschrijvingskosten van machines, berekend op € 23.157,00. Een en ander als nader onderbouwd in het Ontnemingsrapport en overigens als zodanig niet betwist van de zijde van de betrokkene.

Totaal wederrechtelijk verkregen voordeel en verdeelsleutel

Uiteindelijk is het totale wederrechtelijk verkregen voordeel als volgt berekend:

€ 1.375.001,00 minus € 89.170,00 (€ 57.837,00 + € 8.176,00 + € 23.157,00) = € 1.285.831,00. Daarvan zou volgens het Ontnemingsrapport, bij afwezigheid van aanwijzingen voor een andere verdeling, pondspondsgewijs 50% (afgerond € 642.915,00) aan betrokkene zijn toegekomen en 50% aan zijn compagnon en medeverdachte [medeverdachte 1] .

III De herberekening zoals gemaakt door de betrokkene

De betrokkene stelt in de door hem in het geding gebrachte bijlage aangeduid als Overzicht.xlsx - Financieel overzicht Tabs.pdf een omzet over de jaren 2014-2018 van € 432.039,00. In deze berekening wordt uitgegaan van 23 pakketten met grondstoffen voor tabletten. Van deze 23 pakketten kunnen 11.500 producten worden gemaakt. De kostprijs voor die 11.500 producten bedraagt € 107.812,50. De transferkosten van 7,5% bedragen € 1.466,25. De kosten voor de pakketontvangers bedragen € 2.300,00 (23 x € 100,00) De totale waarde (het hof begrijpt: de opbrengst) van de 23 pakketten met grondstof voor tabletten is € 172.500,00. Het resultaat bedraagt € 60.921,25 (€ 172.500,00 minus (€ 107.812,50 + € 1.466,25 + € 2.300,00)

De betrokkene vermeldt in zijn bijlage aangeduid als Overzicht.xlsx - Financieel overzicht Vials.pdf een omzet over de jaren 2014-2018 van € 283.500,00. In deze berekening wordt uitgegaan van 42 pakketten met grondstoffen voor vials. Van deze 42 pakketten konden 18.900 producten worden gemaakt.

De kostprijs voor die 18.900 producten bedraagt € 191.926,08 (het hof begrijpt 18.900 x € 10,15 = € 191.835,00). De transferkosten van 7,5% over de inkoop bedraagt € 3.465,00.Het resultaat bedraagt € 88.200,00 (€ 283.500,00 (18.900 x € 15,00 gemiddeld) minus € 191.835,00 en

€ 3.465,00).

De betrokkene vermeldt in de bijlage aangeduid als Overzicht.xlsx - Financieel overzicht Somatropin.pdf

een brutowinst van € 4.575,00.

In het Overzicht.xlsx - Financieel overzicht Vials.pdf wordt de netto winst berekend door de winst van de injects (€ 88.108,92 (het hof begrijpt: afgerond € 88.200,00)), de tabletten (€ 60.921,25) en de Somatropine (€ 4.575,00) te verminderen met huur kosten ten bedrage van € 42.400,00. De netto winst bedraagt € 111.205,17 (het hof begrijpt: € 111.296,25).

Totaal gerealiseerde netto winst en verdeelsleutel

Uitgaande van deze netto winst uit tabletten, vials en Somatropine over de jaren 2014-2018 wordt in de herberekening vervolgens uitgegaan van een verdeling van de verdiensten over die jaren over drie personen (de medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] en de betrokkene), waarbij de betrokkene 30% van de winst toe zou zijn gekomen.

IV Het oordeel van het hof

Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdediging desgevraagd bevestigd dat zij in eerste aanleg het verweer heeft gevoerd dat de methode van extrapolatie wordt bekritiseerd en dat dit in hoger beroep ook het standpunt is. Bij pleidooi in hoger beroep is de verdediging op dit verweer niet meer teruggekomen en zij heeft dit verweer dan ook geen handen en voeten gegeven. De betrokkene zelf heeft in zijn herberekening dit verweer evenmin gevoerd of verder uitgewerkt, met dien verstande dat hij daarin wel van een lager aantal dan 217 pakketten uitgaat.

Het hof overweegt op dit punt allereerst dat uit het arrest van de Hoge Raad van 25 maart 1997 (ECLI:NL:HR:1997:ZD0672) volgt dat een generalisatie/extrapolatie van resultaten van onderzoek geoorloofd is indien deze gebaseerd is op representatieve gegevens. Het Gerechtshof Amsterdam oordeelde in gelijke zin in zijn (civiele) arrest van 23 april 2019 (ECLI:NL:GHAMS:2019:1463).

Het hof is van oordeel dat de gegevens zoals die voortvloeien uit de berekeningen van de FIOD van de productieomvang en verkoopopbrengst alsmede van de kosten aan de hand van de zeventien in beslag genomen postpakketten in de periode van 4 december 2015 tot en met 30 oktober 2017 voldoende representatief zijn voor de gehele periode waarover het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat. Die berekeningen zijn verder goed te volgen en voldoende onderbouwd. Het hof acht daarom de gehanteerde methode van extrapolatie voor de periode van 1 januari 2014 tot en met 18 juni 2018 in deze zaak toegestaan en gerechtvaardigd.

Het hof stelt vast dat de betrokkene daar tegenover in zijn herberekening is uitgegaan van de periode 2014 tot en met 2018. Nu een meer specifieke afgrenzing van de periode in de herberekening ontbreekt, gaat het hof ervan uit dat geen verschil van opvatting bestaat over de periode waarover wederrechtelijk verkregen voordeel is berekend, zijnde 1 januari 2014 tot en met 18 juni 2018.

De betrokkene gaat in zijn herberekening zonder enige nadere onderbouwing uit van 65 pakketten (23 + 42) en van 175 eenheden Somatropine. Tot de processtukken behoort een overzicht (Icarus AMB-002, p. 283-290 en DOC-001) van de minimaal 233 ontvangen postpakketzendingen in de periode van 9 januari 2014 tot en met 3 augustus 2017 door de betrokkene en aan hem gelieerde personen. Zestien postpakketten hebben als herkomstland de Verenigde Staten. Deze zijn buiten beschouwing gebleven aangezien deze pakketten vermoedelijk verpakkingsmateriaal bevatten en geen grondstoffen voor de productie van geneesmiddelen. De overige 217 pakketten hebben als herkomst China. De 17 gecontroleerde postpakketten met (grondstoffen voor) illegale geneesmiddelen hadden alle dezelfde afzenders uit China en dezelfde verhullende goederenomschrijvingen. Gelet hierop gaat het hof niet uit van het aantal pakketten zoals genoemd in de herberekening door de betrokkene en neemt het als uitgangspunt de voor de berekening in het Ontnemingsrapport gebruikte 217 pakketten.

De betrokkene gaat in de herberekening verder zonder enige nadere onderbouwing uit van in totaal 11.500 tabletten op basis van 23 pakketten en van 18.900 injects/vials op basis van 42 pakketten. In het Ontnemingsrapport is aan de hand van de zeventien onderschepte postpakketten vastgesteld dat uit de daarin aangetroffen grondstoffen 3.050 vials à 10 milliliter aan vloeibare anabolen/injectables en 4.491 potjes met in totaal 96.080 tabletten/pillen aan anabolen en erectie-bevorderende middelen

geproduceerd kunnen worden. Deze productieomvang is in de bovenvermelde overzichten die als bijlage bij het Ontnemingsrapport zijn gevoegd nader uitgewerkt. Het hof gaat daarom voorbij aan de door de betrokkene gestelde productieomvang, ook al omdat daarbij is uitgegaan van een veel geringer aantal ontvangen postpakketten dan door de FIOD is berekend en de gestelde productieomvang op geen enkele wijze nader is onderbouwd. Het hof neemt derhalve als uitgangspunt de productieomvang als genoemd in het Ontnemingsrapport.

De betrokkene stelt in zijn herberekening, wederom zonder enige nadere onderbouwing, een groot aantal kosten bij de productie van vials/injectables en tabletten/pillen. Het hof volgt de betrokkene daarin niet, alleen al omdat deze kosten betrekking hebben op de door de betrokkene geponeerde veel lagere productieomvang, die in de voorgaande alinea door het hof is verworpen. Verder stelt het hof vast dat in de berekening zoals opgenomen in het Ontnemingsrapport al uit is gegaan – in het voordeel van de betrokkene – van een groot bedrag aan directe en indirecte kosten. Ook stelt het hof vast dat de betrokkene bij de rechtbank heeft verklaard dat hij “een 50-50 afspraak met de laborant” had ten aanzien van de winst, die de laborant contant van de betrokkene kreeg en dat er geen anderen waren die meedeelden in de winst. Het hof stelt vast dat in de herberekening ten aanzien van de productie van vials/injectables in strijd daarmee nu bij de kostprijs een bedrag is opgenomen voor de laborant. Deze ontbreekt dan weer in de herberekening ten aanzien van de productie van tabletten/pillen. Het hof gaat dan ook voorbij aan de door de betrokkene in de herberekening opgenomen kosten en neemt als uitgangspunt de in het Ontnemingsrapport opgenomen, voldoende inzichtelijke en onderbouwde kostenberekening.

Totaal wederrechtelijk verkregen voordeel en verdeelsleutel

Tot slot heeft de betrokkene in zijn herberekening, nog steeds zonder enige nadere onderbouwing, een verdeelsleutel opgenomen voor de verdiensten in de periode 2014-2018. Daarbij zou 50% toekomen aan [medeverdachte 2] (het hof begrijpt: [medeverdachte 2] ), 20% aan [medeverdachte 1] (het hof begrijpt: [medeverdachte 1] ) en 30% aan de betrokkene. Zoals hiervoor overwogen heeft de betrokkene bij de rechtbank verklaard dat hij de winst pondspondsgewijs deelde met de laborant. Hij heeft op geen enkele wijze nader onderbouwd de eventuele grondslag voor een verdeling met [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] . Het hof gaat dan ook uit van de door de betrokkene in eerste aanleg gestelde verdeling van de winst met de NN laborant op basis van ieder 50% van het wederrechtelijk verkregen voordeel.

Het hof stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel van de betrokkene vast op € 642.915,00 zijnde (afgerond naar beneden in het voordeel van de betrokkene) 50% van € 1.285.831,00.

Verplichting tot betaling aan de Staat

Aan de betrokkene dient, ter ontneming van het door hem wederrechtelijk verkregen voordeel, de verplichting te worden opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 642.915,00.

Het hof is verder van oordeel dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) in hoger beroep weliswaar is overschreden, maar dat deze overschrijding voldoende is gecompenseerd door de matiging van de in de strafzaak aan de betrokkene opgelegde straf wegens die overschrijding. Daarom wordt volstaan met de enkele vaststelling dat die redelijke termijn (ook) in hoger beroep is overschreden.

Toepasselijk wettelijk voorschrift

De op te leggen maatregel is gegrond op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Stelt het bedrag waarop het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op een bedrag van € 1.285.831,00.

Legt de betrokkene de verplichting op tot betaling aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van een bedrag van € 642.915,00

Bepaalt de duur van de gijzeling die ten hoogste kan worden gevorderd op 1080 dagen.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R.D. van Heffen, mr. J.L. Bruinsma en mr. J.W.H.G. Loyson, in tegenwoordigheid van mr. S. Geensen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 4 december 2025.

Bijlagen

Bijlage 1

Bijlage 1 bij het ontnemingsarrest: ‘Productieomvang van Euro Pharmaceuticals’

Bijlage 2

Bijlage 2 bij het ontnemingsrapport: ‘Verkoopopbrengst’

Bijlage 3

Bijlage 3 bij het ontnemingsrapport: ‘Kosten van grondstoffen en inkoop Somatropine’

=========================================================================

[…]

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. S. Geensen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?