Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
26 mei 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en zijn raadsman naar voren hebben gebracht.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien
verstande dat:
Bespreking standpunt advocaat-generaal
Anders dan de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat niet voldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig is om te oordelen dat mevrouw [slachtoffer] ten tijde van het tenlastegelegde feit de levensgezel van de verdachte was, in de zin dat zij – beoordeeld naar aard en hechtheid – met de verdachte een nauwe persoonlijke betrekking onderhield die vergelijkbaar is met die tussen echtgenoten of geregistreerde partners.
Uit het procesdossier volgt dat de liefdesrelatie tussen mevrouw [slachtoffer] en de verdachte voorafgaand aan het tenlastegelegde feit reeds was beëindigd. De verdachte heeft dit ter terechtzitting in hoger beroep ook bevestigd. De verdachte woonde ten tijde van het tenlastegelegde feit niet meer bij het gezin, maar kwam hier (uitsluitend) omwille van de zorg voor de kinderen nog regelmatig over de vloer.
Gelet op het voorgaande is het hof van oordeel dat de verhouding tussen de verdachte en mevrouw [slachtoffer] niet van dien aard is geweest dat mevrouw [slachtoffer] kan worden aangemerkt als de levensgezel van de verdachte, zodat de politierechter verdachte van dit strafverzwarende onderdeel van de tenlastelegging terecht heeft vrijgesproken.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. H.A. Stalenhoef, mr. T. de Bont en mr. A. Dantuma-Hieronymus, in tegenwoordigheid van mr. L.C. de Groot, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
9 juni 2026.
Mrs. De Bont en Dantuma-Hieronymus zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]