ECLI:NL:GHAMS:2026:1601

ECLI:NL:GHAMS:2026:1601

Instantie Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak 09-06-2026
Datum publicatie 10-06-2026
Zaaknummer 23-000919-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Amsterdam
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:RBNHO:2025:3765

Samenvatting

Mensenhandel. Medeplegen van voordeel trekken uit seksuele uitbuiting van een jonge en kwetsbare vrouw. Vrijspraak van medeplegen en medeplichtigheid van andere vormen van mensenhandel. Hof acht het nu niet meer opportuun aan de verdachte een straf op te leggen die zou betekenen dat zij terug zou moeten naar de gevangenis. Oplegging deels voorwaardelijke gevangenisstraf in combinatie met een taakstraf. De benadeelde partij is niet-ontvankelijk in haar vordering vanwege de beperkingen voor een complexe vordering als deze in het strafproces. Die vordering kan zij bij de civiele rechter aanbrengen.

Uitspraak

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 19 mei en 9 juni 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Het openbaar ministerie heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en wat de verdachte en haar raadsvrouw en de advocaat van de benadeelde partij naar voren hebben gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:

primair zij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 april 2020 tot en met 11 mei 2022 te [plaats] en/of [plaats 2] en/of [plaats 3] en/of [plaats 4] en/of [plaats 5] en/of [plaats 6] en/of (elders in) Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen,

een ander, genaamd [slachtoffer ] ( [geboortedatum] ),

(telkens) met één of meer van de onder lid 1, sub 1° van artikel 273f Wetboek van Strafrecht genoemde middelen, te weten door dwang en/of geweld en/of een andere feitelijkheid en/of dreiging met geweld of een andere feitelijkheid en/of door misleiding, door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie,

1) heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest en/of opgenomen met het oogmerk van uitbuiting (artikel 273f lid 1 sub 1), en/of

2) heeft gedwongen of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) dan wel enige handeling heeft ondernomen waarvan zij, verdachte, en/of haar mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer ] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) (artikel 273f lid 1 sub 4), en/of

3) heeft gedwongen of bewogen haar, verdachte, en/of haar mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van seksuele handelingen van die [slachtoffer ] , met of voor een derde tegen betaling (artikel 273f lid 1 sub 9),

en/of

4) (telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer ] (te weten door het in ontvangst nemen dan wel wegnemen van (een deel van) de verdiensten en/of contante geldbedrag(en) van die [slachtoffer ] en/of het door die [slachtoffer ] laten overboeken van een of meerdere bedrag(en) naar de rekening van verdachte en/of haar mededader(s) en/of het op haar verdachtes, en/of de rekening van haar medeverdachte, (laten) overboeken van Tikkiebetaling(en) en/of door het (al dan niet laten) pinnen van geldbedrag(en) vanaf de bankrekening van die [slachtoffer ] en/of het (al dan niet laten) overboeken van een of meerdere bedrag(en), te weten openstaande factuur/facturen, naar de rekening(en) van een bedrijf/bedrijven en/of een binnenhuisarchitect (ter voldoening van een factuur/rekening gericht aan/ bestemd voor verdachte en/of haar mededader(s) (artikel 273 f lid 1 sub 6)),

waarbij dat geweld of een andere feitelijkheid en/of die dreiging met geweld of een andere feitelijkheid heeft/hebben bestaan uit:

het meermalen, althans eenmaal,

- zich op boze en/of agressieve en/of (anderszins) dreigende en/of overheersende en/of denigrerende toon/wijze uiten tegen die [slachtoffer ] en/of

- onder controle houden en/of onder druk zetten van die [slachtoffer ] (onder andere door die [slachtoffer ] voortdurend te blijven benaderen via onder meer de telefoon en/of door die [slachtoffer ] te vergellen naar plaatsen van te verrichten prostitutiewerkzaamheden), waardoor het voor die [slachtoffer ] werd bemoeilijkt zich aan die prostitutiewerkzaamheden te onttrekken en/of

- dreigen aan een ander of anderen te vertellen dat die [slachtoffer ] als prostituee werkzaam is en/of

- ( in ernstige mate) beperken van de bewegingsvrijheid van die [slachtoffer ] en/of

- brengen en/of houden van die [slachtoffer ] in een positie waar zij niet (volledig)over haar eigen financiële middelen en/of bankpas kon beschikken,

en/of

waarbij voornoemde (onder 2)) "enige handeling" heeft bestaan uit:

- het geven/regelen van onderdak en/of een woon/verblijfsadres aan/voor die [slachtoffer ] en/of

- het maken van een of meer (seksueel getinte) foto('s) en/of het (vervolgens) grafisch bewerken van die (seksueel getinte) foto('s) voor (een) advertentie(s) op één of meer website(s) (waaronder de [website] ) waarin die [slachtoffer ] werd aangeboden voor prostitutiewerkzaamheden en/of

- het aanmaken en/of onderhouden (waaronder begrepen het "omhoog plaatsen") en/of het betalen van één of meer advertentie(s) op één of meer website(s) waarin die [slachtoffer ] werd aangeboden voor prostitutiewerkzaamheden en/of - het onderhouden van contact(en) met en/of het maken van afspraken met (potentiële) (prostitutie)klant(en) voor die [slachtoffer ] , en/of het maken van afspraken met die (potentiële) klant(en) over de aard van de prostitutiewerkzaamheden en/of de/het daarvoor te betalen bedrag(en) en/of

- het bepalen wanneer die [slachtoffer ] klant(en) moest aannemen/ontvangen en/of het bepalen wanneer [slachtoffer ] klaar moest staan/zijn voor prostitutiewerkzaamheden (waaronder in de woning te Purmerend en/of een of meerdere hotel(s) in Nederland en/of op andere locatie(s)) en/of

- het bepalen welke klant(en) die [slachtoffer ] moest aannemen/ontvangen voor haar prostitutiewerkzaamheden en/of

- het geven van uitleg en/of instructie(s) aan die [slachtoffer ] met betrekking tot de door haar te verrichten prostitutiewerkzaamheden en/of

- het vervoeren van die [slachtoffer ] naar locatie(s) alwaar de prostitutiewerkzaamheden plaats zouden gaan vinden en/of

- het (al dan niet laten) boeken en/of ter beschikking stellen van hotelkamer(s) als werkplek voor die [slachtoffer ] en/of het regelen van andere werklocatie(s) voor de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer ] en/of

- het in/nabij (de omgeving van) de ruimte/werkplek/woning/hotel(s) blijven/zich ophouden alwaar die [slachtoffer ] (op dat moment) haar werkzaamheden als prostituee uitoefende en/of

- het bepalen/instrueren dat die [slachtoffer ] ook bij ongesteldheid als prostituee moest werken en/of

- het communiceren naar die [slachtoffer ] dat ze zich moet richten op haar prostitutiewerk en/of

- het ter beschikking stellen van (een) condoom(s) en/of kleding/lingerie en/of (menstruatie)sponsje(s) voor de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer ] ;

subsidiair [medeverdachte] en/of (een) ander(en) op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 april 2020 tot en met 11 mei 2022 te Purmerend en/of Zaandam en/of Oostzaan en/of Amsterdam en/of Utrecht en/of Nieuwegein en/of (elders in) Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een ander, genaamd [slachtoffer ] ( [geboortedatum] ),

(telkens) met één of meer van de onder lid 1, sub 1° van artikel 273f Wetboek van Strafrecht genoemde middelen, te weten door dwang en/of geweld en/of een andere feitelijkheid en/of dreiging met geweld of een andere feitelijkheid en/of door misleiding, door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie,

1) heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest en/of opgenomen met het oogmerk van uitbuiting (artikel 273f lid 1 sub 1), en/of

2) heeft gedwongen of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) dan wel enige handeling heeft ondernomen waarvan die [medeverdachte] en/of (een) ander(en) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer ] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) (artikel 273f lid 1 sub 4), en/of

3) heeft gedwongen of bewogen die [medeverdachte] en/of diens mededader(s) en/of (een) ander(en) te bevoordelen uit de opbrengst van seksuele handelingen van die [slachtoffer ] , met of voor een derde tegen betaling (artikel 273f lid 1sub 9)

en/of

4) (telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer ] (te weten door het in ontvangst nemen dan wel wegnemen van (een deel van) de verdiensten en/of contante geldbedrag(en) van die [slachtoffer ] en/of het door die [slachtoffer ] laten overboeken van een of meerdere bedrag(en) naar de rekening van die [medeverdachte] en/of zijn mededader(s) en/of verdachte en/of het op de rekening van die [medeverdachte] en/of zijn mededader(s) en/of die van verdachte, (laten) overboeken van Tikkiebetaling(en) en/of door het (al dan niet laten) pinnen van geldbedrag(en) vanaf de bankrekening van die [slachtoffer ] en/of het (al dan niet laten) overboeken van een of meerdere bedrag(en), te weten openstaande factuur/facturen, naar de rekening(en) van een bedrijf/bedrijven en/of een binnenhuisarchitect (ter voldoening van een factuur/rekening gericht aan/ bestemd voor die [medeverdachte] en/of verdachte (artikel 273 f lid 1 sub 6)),

waarbij dat geweld of een andere feitelijkheid en/of die dreiging met geweld of een andere feitelijkheid heeft/hebben bestaan uit:

het meermalen, althans eenmaal,

- zich op boze en/of agressieve en/of (anderszins) dreigende en/of overheersende en/of denigrerende toon/wijze uiten tegen die [slachtoffer ] en/of

- onder controle houden en/of onder druk zetten van die [slachtoffer ] (onder andere door die [slachtoffer ] voortdurend te blijven benaderen via onder meer de telefoon en/of door die [slachtoffer ] te vergellen naar plaatsen van te verrichten prostitutiewerkzaamheden), waardoor het voor die [slachtoffer ] werd bemoeilijkt zich aan die prostitutiewerkzaamheden te onttrekken en/of

- dreigen aan een ander of anderen te vertellen dat die [slachtoffer ] als prostituee werkzaam is en/of

- ( in ernstige mate) beperken van de bewegingsvrijheid van die [slachtoffer ] en/of

- brengen en/of houden van die [slachtoffer ] in een positie waar zij niet (volledig)over haar eigen financiële middelen en/of bankpas kon beschikken,

en/of

waarbij voornoemde (onder 2)) "enige handeling" heeft bestaan uit:

- het geven/regelen van onderdak en/of een woon/verblijfsadres aan/voor die [slachtoffer ] en/of

- het maken van een of meer (seksueel getinte) foto('s) en/of het (vervolgens) grafisch bewerken van die (seksueel getinte) foto('s) voor (een) advertentie(s) op één of meer website(s) (waaronder de [website] ) waarin die [slachtoffer ] werd aangeboden voor prostitutiewerkzaamheden en/of

- het aanmaken en/of onderhouden (waaronder begrepen het "omhoog plaatsen") en/of het betalen van één of meer advertentie(s) op één of meer website(s) waarin die [slachtoffer ] werd aangeboden voor prostitutiewerkzaamheden en/of

- het onderhouden van contact(en) met en/of het maken van afspraken met (potentiële) (prostitutie)klant(en) voor die [slachtoffer ] , en/of het maken van afspraken met die (potentiële) klant(en) over de aard van de prostitutiewerkzaamheden en/of de/het daarvoor te betalen bedrag(en) en/of

- het bepalen wanneer die [slachtoffer ] klant(en) moest aannemen/ontvangen en/of het bepalen wanneer [slachtoffer ] klaar moest staan/zijn voor prostitutiewerkzaamheden (waaronder in de woning te [plaats] en/of een of meerdere hotel(s) in Nederland en/of op andere locatie(s)) en/of

- het bepalen welke klant(en) die [slachtoffer ] moest aannemen/ontvangen voor haar prostitutiewerkzaamheden en/of

- het geven van uitleg en/of instructie(s) aan die [slachtoffer ] met betrekking tot de door haar te verrichten prostitutiewerkzaamheden en/of - het vervoeren van die [slachtoffer ] naar locatie(s) alwaar de prostitutiewerkzaamheden plaats zouden gaan vinden en/of

- het (al dan niet laten) boeken en/of ter beschikking stellen van hotelkamer(s) als werkplek voor die [slachtoffer ] en/of het regelen van andere werklocatie(s) voor de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer ] en/of

- het in/nabij (de omgeving van) de ruimte/werkplek/woning/hotel(s) blijven/zich ophouden alwaar die [slachtoffer ] (op dat moment) haar werkzaamheden als prostituee uitoefende en/of

- het ter beschikking stellen van (een) condoom(s) en/of kleding/lingerie en/of (menstruatie)sponsje(s) voor de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer ] ;

tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte op een of meer tijdstp(pen) in of omstreeks de periode van 15 september 2020 tot en met 11 mei 2022 te [plaats 4] en/of elders in Nederland,

meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest,

- door het grafisch bewerken (en versturen naar [medeverdachte] ) van (seksueel/erotisch getinte) foto('s) van die [slachtoffer ] voor (een) advertentie(s) op één of meer website(s) (waaronder de [website] ) waarin die [slachtoffer ] werd aangeboden voor prostitutiewerkzaamheden en/of

- door het versturen van een bericht (rond eind september/begin oktober 2020) naar die [slachtoffer ] dat ze zich moet richten op haar (prostitutie)werk en/of

- door naar die [medeverdachte] een of meerdere bericht(en) te sturen (met daarin onder meer) dat die [slachtoffer ] moet doorwerken (doelende op de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer ] ) en/of dat er geld verdiend moet worden (door die [slachtoffer ] ) en/of dat die [slachtoffer ] (ook) moet doorwerken als ze ongesteld is en/of dat die [slachtoffer ] voor haar prostitutiewerkzaamheden 'doorgepland' moet worden en/of die [slachtoffer ] geen 'ruimte' gegeven moet worden (om niet te werken als prostituee) en/of dat er 'druk' op die [slachtoffer ] moet worden toegepast/gehouden (om te werken als prostituee), althans woorden van gelijke aard/strekking;

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere bewezenverklaring komt.

Bewijsoverweging

De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat het primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden.

De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte moet worden vrijgesproken van het primair tenlastegelegde. Zij heeft daartoe – samengevat – aangevoerd dat het bewerken van een foto van de aangeefster (voor gebruik in haar advertentie op [website] ), het aanwezig zijn in de auto wanneer medeverdachte [medeverdachte] de aangeefster vervoerde en het voeren van chatgesprekken met medeverdachte [medeverdachte] over de prostitutiewerkzaamheden van de aangeefster geen nauwe en bewuste samenwerking/medeplegen ten aanzien van de seksuele uitbuiting van de aangeefster oplevert. De bijdrage van de verdachte is daarvoor van onvoldoende gewicht. Voorts heeft zij aangevoerd dat bewijs ontbreekt voor het meeprofiteren door de verdachte van de door medeverdachte [medeverdachte] verkregen inkomsten uit de uitbuiting van de aangeefster. Ten aanzien van het subsidiair tenlastegelegde heeft de raadsvrouw het hof verzocht het vonnis van de rechtbank te volgen.

Het hof overweegt als volgt.

Medeplegen voordeel trekken (sub 6)

Het hof stelt voorop dat voor een veroordeling ter zake van het misdrijf van artikel 273f, eerste lid aanhef en sub 6 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr; oud) is vereist dat het opzet van de verdachte behalve op het voordeel trekken ook (al dan niet voorwaardelijk) gericht was op de uitbuiting van een ander.

De aangeefster heeft verklaard van het overgrote deel van haar klanten contante betalingen te hebben ontvangen. Uit het dossier volgt dat de inkomsten van de prostitutiewerkzaamheden van de aangeefster naar de echtgenoot van de verdachte, medeverdachte [medeverdachte] , gingen. In het dossier bevinden zich meerdere foto’s van grote hoeveelheden contant geld. Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte verklaard de (op haar telefoon aantroffen) foto’s van stapels contant geld van medeverdachte [medeverdachte] te hebben ontvangen. Uit de zich in het dossier bevindende chatgesprekken tussen de verdachte en medeverdachte [medeverdachte] blijkt dat medeverdachte [medeverdachte] de inkomsten uit de prostitutiewerkzaamheden van de aangeefster wilde gebruiken voor de financiering van de verbouwing van de gezamenlijke woning van de verdachte en de medeverdachte, onder meer voor een uitbouw ter waarde van € 24.500,00 (de uitbouw zelf) plus € 1.500,00 (de palen in de grond). Bij de doorzoeking van de woning van de verdachten is gebleken dat de uitbouw al was geplaatst en daarmee dat voornoemde kosten zijn gemaakt. Uit het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel blijkt dat de hiervoor genoemde kosten niet op de onderzochte bankrekeningen zijn afgeschreven, en dat aannemelijk is dat deze kosten contant zijn voldaan. Uit datzelfde rapport volgt verder dat door de bewoner van de woning van de verdachten € 2.000,00 contant is betaald aan [bedrijf] . Het hof stelt vast dat deze kosten gemaakt voor de verbouwing van de gezamenlijke woning van de verdachten (al dan niet gedeeltelijk) daadwerkelijk zijn voldaan met het geld verkregen uit de uitbuiting van de aangeefster. Het hof zal daarom het verweer inhoudende dat bewijs voor het financieel meeprofiteren door de verdachte ontbreekt, verwerpen. Het hof wijst in dat kader ook op de uitkomsten van het onderzoek naar de ING-rekening van de verdachte. Uit dat onderzoek volgt dat de uitgaven van de verdachte in de periode 2 januari 2020 tot en met 7 april 2022 veel hoger waren dan haar legale inkomsten. Dit gat van zo’n € 29.000,00 werd gevuld met contante geldbedragen, gestort op deze rekening.

Naar het oordeel van het hof heeft de verdachte, gelet op het voorgaande, financieel voordeel genoten uit de uitbuiting van de aangeefster. Uit de – ingeval van cassatie uit te werken – bewijsmiddelen volgt voorts dat de verdachte opzet heeft gehad op zowel het voordeel trekken als op de uitbuiting van de aangeefster. Naar het oordeel van het hof is daarmee wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van voordeel trekken uit de seksuele uitbuiting van de aangeefster.

Partiële vrijspraak sub 1, 4 en 9

Op basis van het dossier kan met een voldoende mate van zekerheid worden vastgesteld dat de verdachte foto’s van de aangeefster heeft gemaakt en een drietal daarvan heeft bewerkt voor een seksadvertentie, dat zij op verschillende momenten bij medeverdachte [medeverdachte] in de auto aanwezig was wanneer hij de aangeefster van of naar seksafspraken vervoerde en dat zij in enkele chatgesprekken met medeverdachte [medeverdachte] sprak over de wijze waarop uitvoering moest worden gegeven aan de prostitutiewerkzaamheden van de aangeefster. Het dossier bevat ook een bericht met verdachtes aanbod tot het maken van een nieuwe advertentie en aanwijzingen voor een op naam van de verdachte staand account voor advertenties, maar voor meer of andere betrokkenheid van de verdachte bij de seksuele uitbuiting van [slachtoffer ] dan in het kader van het opzettelijk voordeel trekken daaruit (sub 6) acht het hof de voorhanden informatie uit het dossier onvoldoende stevig en concreet. De aard van verdachtes gedragingen is evident gericht geweest op het – als medepleger – opzettelijk voordeel trekken uit de uitbuiting en dat is – wettig en overtuigend – het aan de verdachte te maken verwijt in deze zaak.

Tot een meer of andere bewezenverklaring komt het hof niet en in dat verband overweegt het hof het volgende.

De verdachte moet hebben begrepen wat door haar echtgenoot [medeverdachte] het slachtoffer [slachtoffer ] verder werd aangedaan en had daarmee ernstig rekening moeten houden, maar meer dan die gradatie van verwijt ten aanzien van de op artikel 273f, eerste lid aanhef en sub 1, 4 en 9 Sr (oud) toegesneden onderdelen van de tenlastelegging acht het hof ten laste van deze verdachte niet overtuigend bewezen. Dat is niet alleen onvoldoende om tot bewezenverklaring van medeplegen te komen op de onderdelen sub 1, 4 en 9 in het primair tenlastegelegde medeplegen, maar ook onvoldoende voor het aannemen van verdachtes (al dan niet voorwaardelijk) opzet op die gronddelicten in het kader van de subsidiair tenlastegelegde medeplichtigheid. Voor het hof weegt in deze zaak mee de mate van ondergeschiktheid van de verdachte ten opzichte van haar echtgenoot en haar beperkte handelen in het licht van de gehele pleegperiode van twee jaren van [medeverdachte] . Het hof komt dan ook niet tot een andere vorm van verdachtes daderschap ten opzichte van het slachtoffer [slachtoffer ] , dan als medepleger bij het opzettelijk voordeel trekken uit [slachtoffer ] seksuele uitbuiting (sub 6).

Het hof zal de verdachte daarom vrijspreken van de op artikel 273f, eerste lid aanhef en sub 1, 4 en 9 Sr (oud) toegesneden onderdelen in het primair en subsidiair tenlastegelegde.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

zij in de periode van 1 april 2020 tot en met 11 mei 2022 in Nederland,

tezamen en in vereniging met een ander,

ten aanzien van een ander, genaamd [slachtoffer ] ( [geboortedatum] ),

opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer ] .

Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

Het bewezenverklaarde is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Geen omstandigheid is aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het (primair) bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het (primair) bewezenverklaarde levert op:

mensenhandel, terwijl het in artikel 273f, eerste lid onder 6° van het Wetboek van Strafrecht omschreven feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen omstandigheid aannemelijk is geworden die de strafbaarheid ten aanzien van het (primair) bewezenverklaarde uitsluit.

Oplegging van straffen

De rechtbank heeft de verdachte voor het in eerste aanleg bewezenverklaarde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 225 dagen, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Zij heeft de verdachte daarnaast een taakstraf opgelegd voor de duur van 100 uren.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 405 dagen, waarvan 360 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Voorts heeft zij gevorderd dat de verdachte een taakstraf van 240 uren wordt opgelegd.

De raadsvrouw heeft het hof verzocht geen gevangenisstraf op te leggen die de duur van het voorarrest van de verdachte overschrijdt. De raadsvrouw heeft zich gerefereerd aan het oordeel van het hof voor wat betreft (de duur van) een eventueel op te leggen taakstraf.

Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straffen bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte, als ook – bij de beslissing tot verbeurdverklaring – op verdachtes draagkracht. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van het voordeel trekken uit mensenhandel. Waar haar echtgenoot – medeverdachte [medeverdachte] – het jonge en kwetsbare slachtoffer seksueel uitbuitte door haar langdurig in de prostitutie te laten werken, heeft de verdachte – terwijl zij op de hoogte was van die uitbuiting – hier bewust financieel van meegeprofiteerd. De verdachte heeft zo voordeel genoten uit de ernstige inbreuk op de lichamelijke en geestelijke integriteit van het slachtoffer, een jonge, kwetsbare vrouw.

Het hof is van oordeel dat op het bewezenverklaarde feit, gelet op de aard en ernst daarvan en de omstandigheden waaronder het feit is gepleegd, niet anders kan worden gereageerd dan met oplegging van een gevangenisstraf.

Het hof heeft bij het bepalen van de hoogte van de straf rekening gehouden met de LOVS-oriëntatiepunten voor straftoemeting en de straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. Daarnaast is ter terechtzitting in hoger beroep genoegzaam gebleken dat in de relatie tussen de verdachte en de medeverdachte [medeverdachte] sprake was van huiselijk geweld en de medeverdachte een dominante rol innam. Het hof sluit niet uit dat dit van betekenis is geweest voor de betrokkenheid van de verdachte bij het bewezenverklaarde. Voorts is gebleken dat de verdachte zorgdraagt voor twee jonge kinderen, waarvan één een bijzondere zorgbehoefte heeft. Gelet op deze (persoonlijke) omstandigheden en de veel minder grote rol van de verdachte in het geheel, acht het hof het nu niet meer opportuun aan de verdachte een straf op te leggen die zou betekenen dat zij terug moet naar de gevangenis. Het hof zal de verdachte daarom een gevangenisstraf opleggen voor de duur van 225 dagen, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Ter onderstreping van de ernst van het feit en met het oog op het strafdoel vergelding zal het hof de verdachte daarnaast een taakstraf opleggen voor de duur van 160 uren. Het hof acht deze straffen, alles afwegende, passend en geboden.

Beslag

Verbeurdverklaring

Het hof is van oordeel dat de onder de verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven telefoon ( [nummer] ) verbeurd dient te worden verklaard. Het primair tenlastegelegde en bewezenverklaarde is begaan met behulp van deze telefoon, vanwege de uitwisseling van berichten tussen haar en de medeverdachte over het voordeel trekken uit de seksuele uitbuiting van het slachtoffer. De telefoon behoort de verdachte toe.

Teruggave aan de verdachte

Het hof is van oordeel dat de onder de verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven tablet ( [nummer] , op de beslaglijst ten onrechte aangeduid als tabletteermachine) dient te worden teruggegeven aan de verdachte, nu het belang van strafvordering zich niet tegen teruggave verzet.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer ]

De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 801.000,00, en is ter terechtzitting in eerste aanleg verlaagd tot een bedrag van € 790.000,00, bestaande uit € 770.000,00 materiële schade en € 20.000,00 immateriële schade. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen tot een bedrag van € 5.000,00. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het ter terechtzitting in eerste aanleg gevorderde bedrag.

De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering hoofdelijk dient te worden toegewezen tot een bedrag van € 605.479,82 (bestaande uit € 585.750,00 materiële schade en

€ 20.000,00 immateriële schade, met aftrek van het reeds door medeverdachte [medeverdachte] aan de benadeelde partij uitgekeerde bedrag van € 270,18). Voorts heeft zij oplegging van de schadevergoedingsmaatregel gevorderd.

De raadsvrouw heeft het hof primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering tot vergoeding van materiële schade. Zij heeft daartoe aangevoerd dat de behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert, nu de berekening van de aan de verdachte toe te rekenen schade te complex is voor de voegingsprocedure in het strafproces. Subsidiair heeft zij het gevorderde bedrag op een aantal onderdelen betwist en heeft zij het hof verzocht om – gelet op de rolverdeling tussen de verdachte en medeverdachte [medeverdachte] – (hooguit) aan te sluiten bij de door de rechtbank genomen beslissing.

Beoordeling hof

Het hof acht niet verzekerd dat beide partijen – de benadeelde partij enerzijds en de verdediging anderzijds – in voldoende mate in de gelegenheid zijn geweest hun stellingen en onderbouwingen met betrekking tot de vragen rond de al dan niet toewijsbaarheid van de vordering van de benadeelde partij genoegzaam naar voren te brengen, gelet op de volgende omstandigheden.

Anders dan bij de medeverdachte, komt het hof bij deze verdachte tot een beperkte bewezenverklaring, terwijl de vordering tot vergoeding van geleden materiële en immateriële schade is gebaseerd op (ook) de onderdelen van mensenhandel waarvan deze verdachte door het hof wordt vrijgesproken en waarvoor het hof verdachtes echtgenoot wel veroordeeld. Vragen naar de verhouding tussen de deelvrijspraken en de omvang van de te begroten schade ten laste van deze verdachte en hoe dat leerstuk zich verhoudt tot uitgangspunten bij hoofdelijke aansprakelijkheid zijn complex en maken dat de omvang van deze substantiële vordering zich niet eenvoudig binnen de kaders van het strafproces laat vaststellen, ook niet tot een deel van de gevorderde schadevergoeding. Het gaat bovendien om een zeer hoge vordering waarvan de toewijzing en de oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ingrijpende consequenties voor de verdachte kan hebben, terwijl enkele processuele waarborgen van de gewone civielrechtelijke procedure in het strafproces ontbreken.

De benadeelde partij kan daarom in haar vordering niet worden ontvangen en kan deze slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straffen en maatregel zijn gegrond op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 33, 33a, 36f en 273f Sr.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het primair bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 225 (tweehonderdvijfentwintig) dagen.

Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 180 (honderdtachtig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 160 (honderdzestig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 80 (tachtig) dagen hechtenis.

Verklaart verbeurd het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:

GSM ( [nummer] ).

Gelast de teruggave aan de verdachte van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:

Tablet ( [nummer] , op de beslaglijst ten onrechte aangeduid als tabletteermachine).

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer ]

Verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. B.A.A. Postma, mr. R. van der Heijden en mr. R.A.J. Hübel, in tegenwoordigheid van mr. M.C. de Rade, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 9 juni 2026.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.C. de Rade

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand