Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 4 september 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte en het openbaar ministerie hebben hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsvrouw en de advocaat van de benadeelde partijen naar voren hebben gebracht.
Tenlastelegging
Gelet op de in hoger beroep door het gerechtshof toegelaten wijziging is aan de verdachte tenlastegelegd dat:
1.hij in of omstreeks de periode van 5 januari 2022 tot en met 8 februari 2022 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst, aan iemand die zich voordeed als een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, te weten als ' [slachtoffer 1] ' met de leeftijd van 15 jaar, een ontmoeting heeft voorgesteld met het oogmerk ontuchtige handelingen met een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt te plegen, terwijl hij, verdachte, enige handeling heeft ondernomen tot het verwezenlijken van die ontmoeting, door
- ( online) contact te leggen en/of te onderhouden met ' [slachtoffer 1] ', wetende dat zij kwetsbaar en/of minderjarig was en/of gewicht wilde verliezen en/of
- zich daarbij voor te doen als coach en/of hulpverlener en/of
- daarbij te noemen en/of te benadrukken dat als zij ( [slachtoffer 1] ) verdachte als coach wilt, zij zich volledig aan hem moet onderwerpen en/of dat zij onder zijn (verdachtes) controle komt te staan en/of
- daarbij te noemen dat er ontmoetingen zullen plaatsvinden voor oefeningen, controleren van de voortgang, straffen en gebruik (van die [slachtoffer 1] ) als seksslavin en/of
- door te noemen en/of te benadrukken dat zij ( [slachtoffer 1] ) daardoor extra calorieën zal verbranden en/of beter naar hem (verdachte) zal luisteren en/of mooi wordt/ zal worden en/of
- concrete seksuele handelingen te benoemen die nodig zouden zijn in het kader van de coaching en/of waardoor die ' [slachtoffer 1] ' extra calorieën zou verbranden en/of
- te noemen en/of aan te kondigen dat hij haar ( [slachtoffer 1] ) bij de eerste afspraak zal leren pijpen en/of (vervolgens)
- een afspraak te maken voor een ontmoeting op 8 februari 2022 en/of
- ( op 8 februari 2022) daadwerkelijk af te spreken met die ' [slachtoffer 1] ';
2.hij op of omstreeks 8 januari 2021 te Rotterdam, meerdere malen, althans eenmaal, (telkens) door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid, te weten door
- ( online) contact te leggen en/of te onderhouden met [slachtoffer 2] , wetende dat zij kwetsbaar en/of minderjarig was en/of op zoek was naar hulp om gewicht te verliezen en/of
- zich (daarbij) voordoen als coach of hulpverlener en/of
- aan die [slachtoffer 2] te vragen om naaktfoto's van zichzelf te sturen (om te beoordelen)
- het noemen en/of benadrukken van noodzaak dat zij de controle aan verdachte moest geven (al dan niet in het kader van BDSM) en/of
- het onder valse voorwendselen (te weten de zelfverklaarde hulpverlening) uitnodigen van die [slachtoffer 2] in een hotelkamer en/of
- haar (in deze hotelkamer) onverhoeds te zoenen en/of stevig vast te pakken en/of dwingend toe te spreken en/of
- gebruik te maken van fysiek en mentaal overwicht en/of
- en/of (aldus) een bedreigende en/of dwingende (in elke geval een onvrijwillige) situatie te creëren, (vervolgens)
- op die [slachtoffer 2] te gaan liggen en/of zijn arm om haar keel te leggen en/of
- tegen haar te zeggen: "nu ga ik je echt kapot maken" althans woorden van dezelfde aard en/of strekking en/of
- het lichaam van die [slachtoffer 2] te fixeren, althans stevig vast te houden,
[slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het (meerdere malen) ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] , te weten het
- met zijn penis, oraal binnendringen van het lichaam en/of
- met zijn penis, vaginaal binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2]
terwijl het feit is begaan tegen een persoon beneden de leeftijd van achttien jaar bij wie misbruik van een kwetsbare positie wordt gemaakt;
3.hij op of omstreeks 23 april 2021 te Overberg, in elk geval in Nederland, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid, te weten door
- ( online) contact te leggen en/of te onderhouden met [slachtoffer 3] , wetende dat zij kwetsbaar en/of minderjarig was en/of op zoek was naar hulp om gewicht te verliezen en/of
- aan die [slachtoffer 3] te vragen om naaktfoto's van zichzelf te sturen (om te beoordelen)
- [slachtoffer 3] mee te nemen naar een hotelkamer en/of
- ( in die hotelkamer) die [slachtoffer 3] (stevig) vast te pakken en/of haar te dwingen om hem (verdachte) aan te kijken en/of haar (meerdere malen) te dwingen om zijn woorden te herhalen, waaronder "ik ben gemaakt om misbruikt te worden" althans (telkens) woorden van gelijke aard en/of strekking en/of
- boos te worden en/of die [slachtoffer 3] (meerdere malen) in het gezicht te slaan en/of
- haar uit te kleden en/of op bed te duwen en/of haar benen met kracht uit elkaar te duwen en/of
- haar mond en/of neus dicht te drukken en/of
- met kracht te proberen om zijn penis in haar vagina te duwen en/of
- haar mee te slepen naar de badkamer en/of haar (in de badkamer) op de grond te gooien en/of
- aan de haren van die [slachtoffer 3] te trekken en/of
- de waterstraal van de douche op haar gezicht te zetten (waardoor ademhaling werd bemoeilijkt) en/of
- in haar gezicht en/of mond te urineren en/of
- te ejaculeren in het gezicht en/of de mond van die [slachtoffer 3] en/of haar te dwingen om het sperma door te slikken en/of
- die [slachtoffer 3] (meerdere malen) te schoppen en/of te slaan,
[slachtoffer 3] heeft gedwongen tot het meerdere malen ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3] , te weten het meerdere malen, met zijn penis, oraal en/of vaginaal en/of anaal binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3] ;
4. primairhij op of omstreeks 15 juli 2021 te Vught en/of Heemstede en/of elders in Nederland, in elk geval in Nederland, van een persoon, [slachtoffer 4] , (een) afbeelding(en) van seksuele aard, te weten een of meerdere foto's waarop het (deels) ontblote lichaam van die [slachtoffer 4] te zien is, (op een internetforum) openbaar heeft gemaakt, terwijl hij, verdachte, wist dat die openbaarmaking voor die persoon nadelig kon zijn;
4. subsidiairhij in of omstreeks de periode van 25 juni 2021 tot en met 16 juli 2021, te Vught en/of Heemstede en/of elders in Nederland, in elk geval (telkens) in Nederland een ander, te weten [slachtoffer 4] , door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die ander en/of derden, die [slachtoffer 4] wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen en of te dulden, te weten de plaatsing van een of meerdere foto's van het (deels) ontblote lichaam van die [slachtoffer 4] , op een internetforum ( [website 1] ), door
- die [slachtoffer 4] te vragen om foto's van haar (deels) ontblote lichaam naar hem toe te sturen en/of
- vervolgens een of meer van deze foto's (zonder haar toestemming en tegen haar wil) op een internetforum ( [website 1] ) te plaatsen.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.
Vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere bewezenverklaring komt dan de rechtbank.
Bewijsoverwegingen
De advocaat-generaal heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van hetgeen onder 1, 2, 3 en 4 primair ten laste is gelegd.
De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat feit 1 bewezen kan worden verklaard.
Ten aanzien van feit 2 heeft de verdediging vrijspraak bepleit, omdat niet kan worden bewezen dat sprake was van geweld of bedreiging daarmee, noch van ‘een andere feitelijkheid’. Daarnaast heeft de verdediging vrijspraak bepleit van de strafverzwarende omstandigheid dat het feit is gepleegd tegen iemand die de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt en waarbij misbruik is gemaakt van haar kwetsbare positie, omdat de enkele aanwezigheid van iemand op pro-ana sites die kwetsbaarheid niet kan dragen.
Ten aanzien van feit 3 heeft de verdediging het hof verzocht kritisch te kijken naar het steunbewijs dat onderbouwing zou moeten bieden aan de dwang en/of geweldscomponent en bij gebrek daarvan, gezien de evidente kwetsbaarheid van het slachtoffer te komen tot ‘de andere feitelijkheid’ en de verdachte van de gedachtestreepjes 5, 7, 9, 10, 11 en 14 vrij te spreken.
Ten aanzien van feit 4 heeft de verdediging vrijspraak bepleit van zowel het primair als het subsidiair tenlastegelegde. Ten aanzien van het primair tenlastegelegde heeft de verdediging aangevoerd dat niet kan worden vastgesteld dat het gaat om een foto van seksuele aard en ten aanzien van het subsidiair tenlastegelegde dat niet kan worden vastgesteld dat het slachtoffer als gevolg van het openbaar worden van de foto is bewogen tot gedragingen die zij anders niet zou hebben verricht.
Het hof overweegt als volgt.
Feit 2 – de verkrachting van [slachtoffer 2]
Met de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte op 8 januari 2021 in Rotterdam [slachtoffer 2] (hierna: [slachtoffer 2] ) heeft verkracht, terwijl zij toen beneden de leeftijd van achttien jaar was en dat hij daarbij misbruik heeft gemaakt van haar kwetsbare positie. Daartoe overweegt het hof als volgt.
Het bewijs
[slachtoffer 2] heeft op 7 februari 2023 aangifte gedaan van verkrachting door de verdachte, nadat zij de verdachte herkende in de aflevering van Undercover in Nederland die op 18 september 2022 werd uitgezonden op televisie. Zij zag deze aflevering ongeveer drie maanden na de uitzending op YouTube. [slachtoffer 2] herkende de verdachte aan zijn bijnaam ‘ [bijnaam] ’, het onderwerp van de aflevering (pro-ana coach), zijn kale hoofd en zijn jas. Op 13 januari 2023 heeft zij hierover telefonisch contact gehad met de politie. Na dit contact en nog voordat zij officieel aangifte deed, heeft [slachtoffer 2] een schriftelijke verklaring aan de politie gestuurd die naderhand bij haar aangifte is gevoegd.
Over het feit heeft [slachtoffer 2] het volgende verklaard. Toen zij 15 jaar oud was had zij een eetstoornis en zocht zij via KIK naar een coach of buddy om haar te helpen met afvallen. Zij kwam in contact met de verdachte, die zichzelf online ‘ [bijnaam] ’ noemde. De verdachte begon al snel over BDSM-seks als een goede manier om af te vallen. Als zij de verdachte de controle over zichzelf kon geven, kon zij ook de controle over haar eetstoornis overgeven. Ook vroeg hij [slachtoffer 2] steeds heel dwingend om seksueel getinte (naakt)foto’s en moest zij hem filmpjes sturen waarop zij zichzelf sloeg met een riem. Al vanaf het eerste contact, toen [slachtoffer 2] nog 15 jaar oud was, stuurde de verdachte aan op een seksafspraak met haar. Toen zij net 16 jaar oud was, kwam het op 8 januari 2021 daadwerkelijk tot een afspraak in een hotel in Rotterdam. Eenmaal in de hotelkamer begon hij haar direct te zoenen. De verdachte was heel dwingend en pakte haar steeds heel stevig vast. Hij duwde haar op haar knieën en vertelde haar dat zij hem moest pijpen. Toen hij klaarkwam moest zij van hem zijn sperma doorslikken. Hierna heeft hij haar op verschillende plekken en in verschillende standjes vaginaal gepenetreerd, waarbij hij [slachtoffer 2] steeds opdracht gaf wat zij moest doen. Op enig moment moest zij van hem op haar buik liggen en kwam hij bovenop haar liggen en deed hij zijn arm om haar keel, waardoor zij moeilijk kon ademhalen. Ze was bang en kon geen kant op. Nadat de verdachte wederom was klaargekomen, kleedde hij zich aan en is hij gaan videobellen voor zijn werk. [slachtoffer 2] moest daarbij op bed blijven liggen. Zij voelde zich verlamd en had niet het gevoel dat zij weg kon, omdat zij moest doen wat hij wilde. Na het werkoverleg trok de verdachte direct zijn kleding weer uit en zei haar “Nu ga ik je echt kapotmaken”. [slachtoffer 2] was daardoor extra bang. Ze moest hem weer pijpen, waarbij hij zijn penis met kracht diep in haar mond duwde, waardoor zij moest kokhalzen. Hierna heeft hij haar nog op drie verschillende manieren vaginaal gepenetreerd waarbij hij haar wederom bij haar keel vastgreep. Toen hij weer was klaargekomen, zei hij dat hij klaar was. Daarna kon [slachtoffer 2] de hotelkamer verlaten. Zij is het hotel uitgelopen en op haar fiets gestapt. Op de fiets was zij in paniek en zat ze te trillen. Ze had veel pijn tijdens het fietsen, omdat de verdachte heel ruw was geweest.
Het hof acht de verklaringen van [slachtoffer 2] betrouwbaar. Zij heeft zowel in haar schriftelijke verklaring voorafgaand aan haar aangifte, als in de aangifte zelf en in haar verklaring bij de rechter-commissaris steeds consistent en gedetailleerd verklaard. Naar het oordeel van het hof vinden de verklaringen van [slachtoffer 2] bovendien op essentiële onderdelen steun in de verklaringen die de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep heeft afgelegd. Zo verklaarde de verdachte dat hij zich op verschillende pro-ana sites uitgaf als coach en in contact kwam met [slachtoffer 2] toen zij 15 jaar oud was. Online sprak hij met haar over haar uiterlijk en gewicht en toen zij net 16 jaar oud was, sprak hij met haar af in een hotel. In de hotelkamer, waar ze urenlang zijn geweest, had hij zowel orale als vaginale seks met haar in verschillende standjes. Ook verklaarde hij in overeenstemming met de verklaringen van [slachtoffer 2] , dat hij tussen de seks door een werkoverleg had via Teams en dat hij vooral bezig was met zichzelf en geen oog had voor haar.
Dwang
Anders dan de verdediging heeft bepleit is het hof van oordeel dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte door bedreiging met geweld en een andere feitelijkheid [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het ondergaan van handelingen die (mede) hebben bestaan uit het seksueel binnendringen van haar lichaam, waarbij hij misbruik maakte van haar kwetsbare positie. Dat sprake was van bedreiging met geweld maakt het hof op uit de verklaringen van [slachtoffer 2] dat de verdachte tegen haar zei “Nu ga ik je echt kapot maken”, waarna hij met kracht zijn penis in haar mond duwde waardoor zij moest kokhalzen. Ook pakte de verdachte haar steeds stevig (bij de nek) vast en toen hij bovenop haar lag, deed hij zijn arm om haar keel waardoor zij moeilijk kon ademen en geen kant op kon. Dat daarnaast ook sprake was van een andere feitelijkheid baseert het hof op het feit dat [slachtoffer 2] vanwege haar leeftijd, haar eetstoornis en de afhankelijkheidsrelatie die de verdachte als ‘coach’ met haar had gecreëerd, niet in staat was om uit vrije wil in te stemmen met de door de verdachte afgedwongen seks. Er was op geen enkel moment sprake van gelijkwaardigheid, veiligheid en vrijwilligheid. Daarbij betrekt het hof, naast de verklaringen van [slachtoffer 2] , de verklaringen van de verdachte in hoger beroep dat hij wist dat het fout was om met [slachtoffer 2] af te spreken toen zij net 16 jaar oud was en hij in de 40 en zodoende overwicht had, dat hij wist dat [slachtoffer 2] via pro-ana sites aan zijn gegevens was gekomen en dat zij hadden gesproken over haar uiterlijk en gewicht.
Misbruik van kwetsbare positie
De verdachte heeft verklaard dat hij wist dat [slachtoffer 2] jonger dan achttien jaar was. Verder heeft hij tijdens het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat hij wist dat op pro-ana sites kwetsbare meisjes zaten en dat hij zich bewust op deze sites begaf, omdat hij dacht hier makkelijker jonge vrouwen te kunnen vinden om te voorzien in zijn behoefte aan seks waarbij hij een dominante rol kon aannemen. Bovendien verklaarde hij dat hij zich in zijn online contact met [slachtoffer 2] bewust was van het feit dat hij ouder was en beter uit zijn woorden kon komen, waardoor hij haar makkelijk kon overtuigen. Het hof kan op basis van het voorgaande niet anders dan concluderen dat de verdachte als volwassen man van toen 43 jaar [slachtoffer 2] doelbewust selecteerde op haar kwetsbaarheden en haar vervolgens manipuleerde om seksuele handelingen – conform zijn fantasieën – met haar te verrichten tegen haar wil. Het hof verwerpt alle verweren van de verdediging.
Feit 3 – de verkrachting van [slachtoffer 3]
Het hof acht ook wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte op 23 april 2021 in Overberg [slachtoffer 3] (hierna: [slachtoffer 3] ) heeft verkracht. Het hof overweegt daartoe als volgt.
[slachtoffer 3] heeft op 13 september 2023 aangifte gedaan van verkrachting, nadat zij de verdachte herkende in de aflevering van Undercover in Nederland die op 18 september 2022 op televisie werd uitgezonden. Zij had op vrijdag 23 april 2021 met de verdachte afgesproken. De verdachte had haar gezegd dat ze er zo jong mogelijk uit moest zien. Ook moest zij waterproof mascara en speciale lipgloss van hem kopen en haar haren in een hoge staart dragen. De verdachte haalde haar met zijn auto op en bracht haar naar een hotel in Overberg. Eenmaal aangekomen in de hotelkamer gedroeg de verdachte zich als een beest. De verdachte pakte [slachtoffer 3] stevig vast bij haar bovenarmen terwijl zij zijn zinnen moest herhalen, waaronder de zin “Ik ben gemaakt om misbruikt te worden”. Vervolgens heeft hij eerst geprobeerd vaginale seks te hebben met [slachtoffer 3] , wat haar heel veel pijn deed en waardoor zij begon te schreeuwen. Omdat zij schreeuwde sloeg hij haar en drukte hij haar mond en neus dicht. Inmiddels begon [slachtoffer 3] te bloeden uit haar vagina en werd de verdachte boos omdat het bed daardoor vies werd. Hij sloeg haar weer en trok haar overeind richting de douche. In de douche gooide hij haar met haar rug op de grond, pakte haar haren vast en trok haar hoofd naar achteren en richtte vervolgens de straal van de douche op haar gezicht waardoor zij amper kon ademhalen. Daarna heeft hij meerdere keren op haar gezicht en in haar mond geplast, hetgeen zij moest doorslikken. Ook spoot hij zijn sperma in haar gezicht en mond en moest zij ook dit doorslikken, waarbij hij haar mond en neus dichtdrukte. Ook moest zij meerdere keren de penis van de verdachte in haar mond hebben. De verdachte heeft haar niet alleen oraal en vaginaal, maar ook anaal verkracht.
De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat hij wist dat [slachtoffer 3] kwetsbaar was en dat de seks niet haar keuze was. Hij zag dat ze niet op haar gemak was en niet de vrijheid had om de hotelkamer te verlaten.
Het hof acht de verklaringen van [slachtoffer 3] over het toegepaste geweld door de verdachte, het urineren en de vaginale, anale en orale verkrachting betrouwbaar en deze verklaringen worden ook ondersteund door andere bewijsstukken in het dossier. Zo bevat het dossier een medische verklaring van de spoedeisende hulp waaruit blijkt dat [slachtoffer 3] na de verkrachting door de verdachte last had van persisterend vaginaal bloedverlies, peri-anale pijn en een anale fissuur. Ook had zij beurse plekken op haar lichaam, was het voor haar pijnlijk om op haar rug te draaien of te zitten en had zij last van drukpijn en een hematoom aan de buitenzijde van haar wervelkolom. Volgens de getuigenverklaring van [persoon] , die [slachtoffer 3] vlak na de verkrachting in elkaar gedoken in een badkamer aantrof, rook [slachtoffer 3] naar urine, had ze vieze, natte haren en zichtbaar veel pijn. [slachtoffer 3] zat in elkaar gedoken en trilde en huilde. Daarnaast bevat het dossier nog een getuigenverklaring van de vader van [slachtoffer 3] , waarin hij verklaart dat hij zijn dochter op de dag van de verkrachting ’s avonds uit het ziekenhuis heeft opgehaald. In de auto zat ze weggedoken in een hoekje. Ze kon moeilijk kon lopen en had pijn in haar midden lichaam en aan haar achterste, haar keel en onderrug. Ook kon ze amper zitten en niets in haar mond hebben vanwege de dingen die de verdachte met haar had gedaan. Het hof is dan ook van oordeel dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte door geweld en een andere feitelijkheid [slachtoffer 3] heeft gedwongen tot het ondergaan van handelingen die (mede) hebben bestaan uit het seksueel binnendringen van haar lichaam, terwijl hij wist dat zij kwetsbaar was. Het hof verwerpt alle verweren van de verdediging.
Feit 4 – wraakporno, dan wel wederrechtelijke dwang van [slachtoffer 4]
Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte bekend dat hij degene is geweest die de gesprekken – die zich in het dossier bevinden – met [slachtoffer 4] heeft gevoerd en dat hij een foto van haar heeft geopenbaard op de internetforums van [website 1] en [website 2] . Volgens de verdachte gaat het om een foto waarop [slachtoffer 4] een sportbroek draagt en slechts een gedeelte van haar ontblote buik te zien is. Deze foto heeft de verdachte naar eigen zeggen op beide platforms geplaatst. Het dossier bevat verder geen kopie van de betreffende foto(‘s) die de verdachte op de internetforums heeft geplaatst.
Ten aanzien van feit 4 is de verdachte primair tenlastegelegd dat hij een foto van seksuele aard van [slachtoffer 4] openbaar heeft gemaakt. Hoewel de verdachte heeft bekend dat hij een foto van [slachtoffer 4] op een internetforum openbaar heeft gemaakt, kan op basis van het dossier niet worden vastgesteld dat het gaat om een foto van seksuele aard. Het hof zal de verdachte daarom van het primair tenlastegelegde vrijspreken.
Ten aanzien van het subsidiair tenlastegelegde leest en begrijpt het hof de tenlastelegging aldus dat de dwang door de verdachte was gericht op het plaatsen door [slachtoffer 4] , dan wel het dulden van het plaatsen van (meer) foto’s van het (deels) ontblote lichaam van [slachtoffer 4] op internetforum [website 1] . Op basis van het dossier constateert het hof dat het door de verdachte openbaar maken van de foto van [slachtoffer 4] op twee internetforums er niet toe heeft geleid dat [slachtoffer 4] meer foto’s heeft geplaatst of dat zij heeft moeten dulden dat de verdachte meer foto’s heeft geplaatst. Dat betekent dat het bij een poging tot wederrechtelijke dwang is gebleven, hetgeen niet ten laste gelegd is. Het handelen van de verdachte, dat blijkens de inhoud van het dossier niet primair gericht was op het openbaar maken van meer foto’s, maar op het krijgen van een seksafspraak met [slachtoffer 4] , is zeer verwerpelijk. Het hof kan echter op basis van de formulering van de tenlastelegging in combinatie met de stukken in het dossier niet komen tot een bewezenverklaring. Daarom zal het hof de verdachte ook van het subsidiair tenlastegelegde vrijspreken.
Bewijsmiddelen
4. De verklaring van de verdachte afgelegd tijdens het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep op 4 september 2026.
5. Een proces-verbaal van verhoor aangever met nummer 2022025370 van 7 februari 2023, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , doorgenummerde pagina’s 02 001 t/m 02 007.
6. Proces-verbaal van bevindingen met documentcode PL1300-2022025370 van 9 november 2023, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 5] en [verbalisant 6] , doorgenummerde pagina’s 02 087 t/m 02 091.
7. Een geschrift van 13 september 2023, zijnde een schriftelijke verklaring van [slachtoffer 3] , gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen met documentcode PL 1300-2022025370, doorgenummerde pagina’s 02 092 t/m 02 100.
8. Een geschrift, zijnde een medische verklaring van de spoedeisende hulp van het Radboud Universitair Medisch Centrum van 25 april 2021, doorgenummerde pagina’s 02 101 t/m 02 103.
9. Een proces-verbaal van bevindingen met nummer PL0600-2021181932-2 van 3 juni 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 7] en [verbalisant 8] , doorgenummerde pagina’s 03 119 t/m 03 121.
10. Een proces-verbaal van verhoor getuige met documentcode 19570196 van 21 juni 2024, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 3] en [verbalisant 9] , doorgenummerde pagina’s 03 179 t/m 03 184.
11. Een proces-verbaal van verhoor getuige met documentcode 19571268 van 21 juni 2024, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 3] en [verbalisant 9] , doorgenummerde pagina’s 03 173 t/m 03 177.
ten aanzien van feit 1:
1. De verklaring van de verdachte afgelegd tijdens het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep op 4 september 2026, waarin hij bekent feit 1 te hebben gepleegd.
2. Een proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2022025370-2 van 8 februari 2022, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 1] , doorgenummerde pagina’s 01 001 t/m 01 002.
3. Een proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2022025370-3 van 9 februari 2022, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 2] , en de daarbij behorende bijlage, doorgenummerde pagina’s 01 007 t/m 01 127.
ten aanzien van feiten 2-3:
Deze verklaring houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Het is juist dat ik mij op verschillende pro-ana sites heb uitgegeven als coach. Ik was op zoek naar sekscontacten waarbij ik een dominante rol kon aannemen. Ik zocht een seksslavin. Ik denk dat het een fantasie was. Ik heb fantasieën over seks met jonge vrouwen. Ik zocht BDSM-seks. Ik heb in mijn hoofd een afweging gemaakt: waar vind ik meer vrouwen en waar gaat het makkelijker? Ik wist dat er kwetsbare personen op die pro-ana sites zaten. Daar zat iets heel erg berekenends in. Ik was vooral met mijzelf bezig. Toen ik online met aangeefsters [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] sprak, was ik mij ervan bewust dat ik ouder was en dat ik hen makkelijk kon overtuigen, omdat ik beter uit mijn woorden kon komen.
Het is juist dat ik met aangeefsters [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] seks heb gehad in een hotel. Het is juist dat ik tijdens beide afspraken een werkoverleg voerde via Teams van ongeveer een half uur tot driekwartier. Dat geeft aan dat ik alleen maar met mezelf bezig was. Ik had geen oog voor aangeefsters.
Ik had nooit met [slachtoffer 2] in contact moeten komen of moeten afspreken. Zij was net aan 16 jaar oud en ik was begin 40. Ik wist dat zij via een pro-ana site aan mijn contactgegevens was gekomen. Zij heeft met mij gesproken over haar uiterlijk en haar gewicht. We zijn een aantal uur samen geweest in de hotelkamer. [slachtoffer 2] heeft mij gepijpt en we hebben geneukt op bed in verschillende posities.
Ik had nooit met [slachtoffer 3] contact moeten leggen en moeten afspreken. Bij de rechtbank heb ik verklaard dat het om een betaalde afspraak ging. Dat is niet waar. Er is nooit sprake geweest van een betaalde afspraak. Ik had door dat [slachtoffer 3] kwetsbaar was in mijn contact met haar en tijdens de afspraak in het hotel. We hebben orale seks gehad en ik ben vaginaal minimaal bij haar binnengedrongen. Het deed pijn bij haar en ik zag dat haar vagina rood was. Ik wist dat [slachtoffer 3] niet op haar gemak was en niet de vrijheid had om weg te gaan. De seks was niet haar keuze.
ten aanzien van feit 2:
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van [slachtoffer 2] , zakelijk weergegeven:
Ik heb al een paar jaar een eetstoornis die niet gediagnostiseerd is. Ik ging op een gegeven moment op KIK, ik was toen nog 15. (…) Ik had een berichtje geplaatst waarin ik naar een buddy of een coach zocht. (…) In het eerste gesprek vroeg hij om bodycheck foto’s dat zijn foto’s waar je naakt of bijna naakt bent. Aan de hand van deze foto’s bepaalt de coach waar je te dik bent en aan welke lichaamsdelen je moet werken. Ik was op dat moment 52 kilo en was langer dan 1.75 meter. (…) Ik zocht toen vooral naar iemand die me zou helpen afvallen, dat stond voor mij voorop. Ik had van andere meiden gehoord dat een coach goed kan helpen bij het afvallen, dat vond ik het belangrijkste.
[bijnaam] (het hof begrijpt: de verdachte) begon vrijwel direct te vertellen dat BDSM seks een goede manier is om af te vallen. Als ik hem de controle over mij kon geven, kon ik ook de controle over mijn eetstoornis overgeven. Ik stuurde hem op zijn verzoek naaktfoto’s van mijzelf als bodycheck en hij sprak tegen mij over BDSM seks. Ik was op dat moment nog 15 jaar oud.
Hij vroeg altijd om seksueel getinte foto’s. Ik moest bijvoorbeeld foto’s in de butterfly positie maken of mijn billen nadrukkelijk in beeld brengen. Ik was dan naakt of ik had alleen een string aan. Ik heb veel foto’s van mijzelf met een ontbloot bovenlijf gestuurd.
Hij was altijd heel dwingend als hij om foto’s vroeg. Hij wilde bijvoorbeeld ook dat ik mijzelf zou
slaan met een riem en dat ik daar filmpjes van naar hem zou sturen. Ik heb dat toen ook gedaan. (…)
Ik was op zoek naar zijn goedkeuring en hoopte die op deze manier te krijgen. Iemand vond mij kennelijk goed, dat was belangrijk voor mij. (…)
Hij heeft mij eens een hele lijst met seksuele BDSM handelingen gestuurd. Die lijst ging best ver, het ging van over mij heen plassen tot aan wurgen aan toe. (…) Hij gaf aan dat hij met een ander meisje contact had, zij zou dingen wel willen doen die ik niet wilde. Ik ging daardoor wel extra nadenken of ik niet meer moest toelaten dan ik wilde. Ik vond het allemaal zó goor dat ik het echt niet wilde.
Ik weet het niet meer precies maar wat ik nog weet is dat hij over mij heen wilde plassen, in mijn mond wilde klaarkomen en dat ik het dan moest doorslikken, hij wilde mij slaan met een zweep en hij wilde mij vastbinden. Hij wilde ook dat ik dingen tegen hem zou zeggen tijdens de seks. Ik moest vragen of ik hem mocht pijpen en hij wilde dat ik zou zeggen; "misbruik me” of :’’lk ben van jou”, of :"Je mag met me doen wat je wilt”. Dit heeft hij meermaals tegen mij gezegd. Deze dingen herinner ik mij nog maar er stond meer op die lijst. Ik weet zeker dat ik 15 was toen hij deze lijst stuurde en deze dingen wilde horen omdat ik op een gegeven moment heb gezegd dat ik binnenkort 16 zou worden. Hij vond dit beter omdat het niet meer illegaal zou zijn als ik 16 was, al kon 15 ook want hij had nog een ander meisje, zij was 15 toen hij haar had geholpen.
Vanaf het begin liet hij weten dat BDSM mij zou laten afvallen en hij gaf aan dat alleen echte BDSM hierbij zou helpen. Hij was er duidelijk over dat hij een daadwerkelijke seksafspraak wilde.
Het kwam in januari 2021 tot een daadwerkelijke seksafspraak, ik was toen net 16. Het ging op een gegeven moment slecht met afvallen en met mij persoonlijk ook. Toen dacht ik, laat ik het maar doen.
We hebben toen afgesproken in het [hotel 1] hotel in Rotterdam. Dat was op 8 januari. In de kamer begon hij mij direct te zoenen, met tong. Ik heb de hele afspraak lang mijn emoties uitgezet. Ik was er fysiek wel bij maar mentaal had ik alles uitgeschakeld. Ik ben op geen enkel moment opgewonden geweest. (…)
Ik heb gedacht dat ik weg wilde. Ik kon niet weg, ik had geen enkele ruimte om te zeggen wat ik wilde of dat ik mijn spullen kon pakken en weg kon gaan. Hij was heel dwingend, hij pakte me telkens heel stevig vast en bij binnenkomst moest ik hem direct zoenen waarna hij mij op mijn knieën duwde omdat hij wilde dat ik hem zou pijpen. Hij duwde mij op mijn schouders of mijn hoofd op mijn knieën en zei dat hij wilde dat ik hem zou pijpen. Hij trok op dat moment zijn broek en onderbroek naar beneden. (…)
Hij was al klaar gekomen en ik moest het doorslikken. Hij zei iets van: ”Nu ga ik komen, nu moet je slikken”. Dat heb ik toen gedaan. Ik vond dat heel vies. (…)
We hebben eerst seks gehad op de tafel in de kamer. (…) Hij hield mij om mijn middel vast en ging met zijn penis in mijn vagina, hij neukte mij. (…)
Na de seks op de tafel gingen we door naar het bed in de kamer en hebben we het missionaris standje gedaan. Ik moest mijn benen spreiden en optrekken terwijl hij mij vaginaal penetreerde met zijn penis. Daarna moest ik op mijn buik liggen en hij kwam op mij liggen met zijn arm om mijn keel heen. Ik was toen echt bang want ik kon geen kant op. Ik dacht: "Ik wil weg maar dat kan niet”. We moesten ook glijmiddel gebruiken want ik was helemaal niet opgewonden.
Hij gaf mij telkens de opdracht wat ik moest doen. (…) Hij was continue dwingend en gaf mij opdrachten over wat ik moest doen.
Ik deed wat hij wilde omdat ik niet wist wat ik anders moest doen. Ik had geen logica meer en had iets van als ik maar doe wat hij wil kan ik straks weg.
Ik was toen best wel fragiel en als je dan een arm om je nek hebt en er ligt een zware man op je dan is het moeilijk om adem te halen.
Ik moest in een soort kikkerstand op hem liggen terwijl hij mij vaginaal penetreerde met zijn penis. Hij hield mij hierbij heel stevig vast zodat ik geen kant op kon. Hij deed alles op een manier waardoor ik een soort pop was.
Nadat hij weer was klaargekomen, werd hij gebeld door zijn werk of belde hij met zijn werk. Hij deed zijn condoom af en kleedde zich aan. Ik moest in het bed blijven liggen terwijl hij wel een half uur lang aan het videobellen was met zijn werk. (…) Ik was een soort van verlamd. (…)
Na zijn videocall trok hij zijn kleren direct weer uit en zei: “Nu ga ik je echt kapot maken”. Ik was toen extra bang en ik moest hem toen eerst weer pijpen, daarbij zat ik op mijn knieën op de grond en hij stond rechtop. Daarna moest ik op het bed gaan liggen op mijn rug. Hij leunde over mij heen en penetreerde mijn mond met zijn penis. Bij het pijpen hield hij mijn hoofd vast en duwde zijn penis in en uit mijn mond. Bij het pijpen op het bed kon ik weer geen kant op, dat moest ik toelaten. Dat deed hij net als alle voorgaande handelingen heel grof. Hij duwde zijn penis met kracht diep in mijn mond. Ik moest af en toe zelfs kokhalzen. Na het pijpen moest ik op mijn knieën zitten en mijn bovenlijf zoveel mogelijk op het bed laten rusten. Toen penetreerde hij mij “doggy style” in mijn vagina. Daarna moest ik opstaan en naar de spiegel in de kamer lopen. De spiegel was bij de ingang van de kamer, toen moest ik met mijn handen tegen een plankje staan en hij ging met zijn benen om mijn benen staan, greep mijn handen vast en neukte mij van achteren. Ik denk dat we daarna nog een keer op het bed hebben geneukt. Hierbij hield hij mij bij mijn keel vast. Hij kwam weer klaar. Dit was de laatste keer dat wij seks hadden. Hij is van me afgegaan en zei: “Ik ben klaar”. (…)
Ik ben het hotel uitgegaan en ben op de fiets naar huis gegaan. Op de fiets was ik in paniek, ik zat te trillen op mijn fiets. Hij had me pijn gedaan en was heel ruw geweest waardoor ik veel pijn had tijdens het fietsen.
ten aanzien van feit 3:
Op 13 september 2023 hoorden wij verbalisanten aangeefster [slachtoffer 3] . Het proces-verbaal van bevindingen is opgemaakt aan de hand van aantekeningen tijdens het aangifteverhoor.
Op vrijdag 23 april 2021 kreeg [slachtoffer 3] een berichtje van hem (het hof begrijpt: de verdachte) dat hij haar zou oppikken. [slachtoffer 3] vertelde dat hij een hotel had geboekt. [slachtoffer 3] gaf aan dat het klopte dat de naam van het hotel het “ [hotel 2] ” in Overberg was.
Ze moest make-up halen van hem. Hij gaf haar instructies wat ze moest halen. Ze moest waterproof mascara en speciale lipgloss kopen. Hij wilde dat ze er zo jong mogelijk uitzag. Ze moest haar haren in een hoge staart doen.
[slachtoffer 3] vertelde dat ze een brief had getypt. Deze brief is door [slachtoffer 3] ondertekend en bij dit proces-verbaal gevoegd.
Dit geschrift houdt onder meer in als verklaring van aangeefster [slachtoffer 3] , zakelijk weergegeven:
Vrijdag 23 april 2021. (…) Ik zou ergens in de buurt van mijn huis opgepikt worden. Ik had geen idee door wie maar hij (het hof begrijpt: de verdachte) wist hoe ik eruit zag. Ik had de paar dagen ervoor namelijk al contact gehad met hem via kik. Hij wilde checken of ik het wel waard was om zijn piemel in te steken zoals hij dat zei. Ik kreeg van tevoren opdrachten van hem en ik moest allerlei dingen bij mezelf doen vooral allerlei voorwerpen bij mezelf naar binnen duwen. Dit kon van alles zijn. En ik moest in bepaalde houdingen gaan staan waarin ik me heel kwetsbaar voelde en het waren houdingen waarin ik lichamelijk tot het uiterste gedreven werd. Het was fysiek pijnlijk en mentaal was het ook verschrikkelijk om te moeten doen en dit alles moest ik dan steeds filmen en naar hem sturen. En was het niet goed moest het opnieuw. En eigenlijk was het nooit direct goed... Dus ik was eigenlijk de hele dag opdrachten aan het uitvoeren voor hem. Ik kreeg amper de ruimte om te eten of slapen. En als ik niet snel reageerde op zijn berichten of helemaal niet reageerde werd het dubbel zo erg. Dus ik moest dag en nacht mijn telefoon in de gaten houden om direct te kunnen reageren. (…)
Hij had al gezegd dat hij me zeer binnenkort in het echt wilde zien en me dan zou komen oppikken. Die vrijdag was ik mijn huis aan het schoonmaken op een dwangmatige manier omdat ik te bang was eigenlijk. En intussen hield ik nog steeds continu mijn telefoon in de gaten. Rond 11 uur kreeg ik een bericht van hem dat ik om 12 uur ergens klaar moest staan. Ik had die dag ervoor make-up gekocht. Dit moest van hem ook toen direct en hij vertelde me exact wat ik moest kopen. Ik had het verkeerde gekocht volgens hem en toen kon ik weer terug. Daar ging mijn geld wat ik al amper had op dat moment. Maar ik durfde niet te weigeren. Ik kreeg dus de instructies om me op te maken en hij besloot hoe ik mijn haar moest doen en welke kleren ik aan moest doen. Hij wilde dat ik er zo jong mogelijk uitzag. (…)
Niet veel later stopte er een auto. Er stapte een hele nette meneer uit in pak en met hele nette schoenen. Hij vroeg me in te stappen. (…) Hij reed maar tegelijkertijd zat een van zijn handen bij mij in mijn legging en zat hij al aan me op een vervelende manier. En niet veel later stak hij zijn vingers al bij mij naar binnen. (…) Had hij dan echt niet door dat ik verstijfd op de stoel zat en dat de tranen in mijn ogen stonden? Ik probeerde mezelf net als altijd uit te schakelen maar dit lukte niet goed. Niet veel later vroeg hij aan mij om mijn hand op zijn broek te leggen. Ik voelde hem toen hard worden en werd misselijk. Hij deed toen zijn broek open omdat hij wilde dat ik mijn hand op zijn piemel legde. Ik werd nog misselijker en in mezelf bad ik dat het niet lang zou gaan duren. (…) Uiteindelijk stopten we bij een hotel. (…)
Uiteindelijk kwamen we bij zijn hotelkamer helemaal achterin in een hoekje. (…) In een split second veranderde hij in tja wat zal ik zeggen een woest agressief beest. Ik was zo bang... Hij pakte mij heel hard vast bij mijn bovenarmen en ik moest hem aankijken en herhalen wat hij zei. (…) De eerste zin was: ik ben gemaakt om misbruikt te worden. Deze kon ik niet uit mijn mond krijgen en dit wilde ik helemaal niet zeggen. Maar het duurde hem te lang en hij werd heel boos en ik kreeg een harde klap in mijn gezicht. Op dat moment voelde ik dat ik maar beter kon doen en zeggen wat hij van me vroeg... Ik begon me op dat moment ook af te vragen waar deze man toe in staat was en of ik de hotelkamer nog wel levend uit zou gaan komen... De tweede zin was: ik ben gemaakt om in alle gaten die ik heb geneukt te worden. En de derde was: ik ben je slaaf en ik doe alles wat jij van me vraagt zonder tegen te stribbelen. Door deze zinnen die ik hardop moest uitspreken wist ik dat wat me te wachten stond de hel zou worden. (…) Nadat ik die zinnen hardop had uitgesproken begon de hel. Ik moest mijn kleren uitdoen. Mijn handen trilde en ik blokkeerde heel erg op dat moment omdat ik doodsbang was voor hem en ook helemaal niet wilde. Het ging hem niet snel genoeg dus hij hielp me. En toen ging het heel snel. Hij had zijn kleren intussen allang uit. Hij drukte me op bed en duwde mijn benen helemaal uit elkaar. Dat alleen al deed heel erg pijn want hij deed het heel hardhandig en veel te ver en bleef druk uitoefenen op mijn benen. Hij probeerde in mij te komen maar dit deed zoveel pijn dat ik begon te schreeuwen. Dat had ik beter niet kunnen doen. Ik kreeg weer klappen in mijn gezicht en mijn mond en neus werden dichtgedrukt. Niet veel later hoorde ik schoonmakers op de gang met elkaar lachen. Ik wist dat het schoonmakers waren doordat ik zo'n kar hoorde. Ook al wist ik wat er daarvoor gebeurd was toen ik moest schreeuwen van de pijn deed ik toch een poging. Ik begon hard help me te schreeuwen in de hoop dat ze het zouden horen. Ik kon niet lang schreeuwen want toen werd ik alweer half gewurgd en geslagen om me te laten stoppen en werd hij alleen nog maar agressiever. (…) Intussen bleef hij met grof geweld
proberen in mij te komen. Intussen bloedde ik best wel vanonder en hij werd daar heel boos om omdat het bed vies werd daardoor en begon me weer te slaan en sloeg met zijn vuist tegen mijn ribben aan. Het lukte hem niet om in mij te komen ik was te gespannen, meestal kon ik me uitschakelen maar dat lukte niet dus je kunt je misschien voorstellen dat de pijn en het bewust meekrijgen van alles voor enorme spanning zorgde ook vanonder. Alleen hij bleef proberen dus deed het alleen maar meer pijn dan anders. Toen het dus niet lukte sleurde hij me overeind en trok me mee naar de douche. Daar werd ik op de grond gegooid en kwam hard met mijn rug op de tegelvloer. Hij pakte mijn haren vast en trok mijn hoofd naar achteren. Hij richtte de straal van de douche op mijn gezicht waardoor ik amper kon ademen. Ik kan niet in details vertellen wat er allemaal onder de douche gebeurde maar in het kort heeft hij meerdere keren op mijn gezicht geplast en in mijn mond en dit moest ik doorslikken. Ook zijn sperma spoot hij op mijn gezicht en in mijn mond en dit moest ik ook doorslikken. Hij drukte mijn mond en neus dicht zodat ik het ook moest doorslikken. Hij heeft me anaal verkracht meerdere keren en tussendoor werd ik elke keer weer op de grond gesmeten op mijn rug en begon hij weer met wat ik hiervoor schreef. Dit wisselde steeds af en hij schopte me vaak en sloeg me ook vaak en trok me steeds heel hard aan mijn haren en richtte steeds die straal van de douche op mijn gezicht zodat ik amper kon ademhalen. Ook moest ik zijn piemel meerdere keren in mijn mond hebben. Ik moest op deze momenten en als ik iets moest doorslikken of in mijn mond kreeg steeds bijna overgeven en moest kokhalzen maar daar werd hij alleen maar steeds heel boos van en sloeg of schopte me dan weer of deed andere dingen. Ik probeerde dus om niet te kokhalzen maar dit was moeilijk want het was verschrikkelijk... (…) Toen ineens sloeg hij om en was het klaar, hij ging zich aankleden en ik moest me douchen. Dit heb ik niet echt goed gedaan omdat ik zo snel mogelijk die douche uit wilde. Ik snapte zijn verandering in gedrag even niet want hij switchte weer heel snel van het agressieve beest naar een hele rustige lieve man. Een paar minuten later snapte ik waarom. Hij had zich aangekleed en ik moest op bed gaan zitten, naakt en ik had me niet mogen afdrogen dus ik had het ook koud. Hij zei dat hij even in werkoverleg moest. Ik wist niet wat me overkwam. Werkoverleg nu op dit moment. Dit werkoverleg duurde uiteindelijk een uur. In dat uur kwam ik erachter dat hij een vrouw en kinderen had. Zijn vrouw was net bevallen van een dochtertje en hij werd daarmee gefeliciteerd. (…) Ik zat als een standbeeld op bed, ik was bevroren en het lukte me niet om te vluchten. Uiteindelijk heeft hij 3 kwartier in werkoverleg gezeten. Ik bloedde intussen behoorlijk en de pijn sloeg toe. Toen hij klaar was begon het weer van voren af aan. Eerst begon hij weer op bed en daarna nog een keer in de douche dit alles op dezelfde manier als wat ik hiervoor al benoemde. En na de douche ging hij op bed liggen en moest ik weer zijn piemel in mijn mond doen en dingen doen. Daarna was het klaar. (…) Hij zette me weer af op de plek waar hij me opgepikt had. (…) Ik raakte in paniek. Ik durfde niemand te bellen en ik durfde mijn telefoon sowieso niet te pakken. Ik was bang dat hij nog achter me aan zou komen als ik mijn telefoon pakte. Hij hield me namelijk echt nog in de gaten en stond nog te wachten. (…) Ik wist niet wie ik moest bellen maar ik heb uiteindelijk degene gebeld waar ik me op dat moment het veiligste bij voelde. Ik was compleet overstuur en kon niet uit mijn woorden komen. (…) Niet veel later kwam [persoon] binnen. Ik was eigenlijk compleet in shock en kon niet veel uitbrengen. Ik was in de badkamer gaan zitten, dit was de kleinste en dus voor mij veiligste ruimte. Uiteindelijk kon ik een paar woorden uitbrengen en heeft [persoon] mijn ouders gebeld. En ze heeft daarna de politie en ambulance gebeld.
Dit geschrift houdt onder meer in als verklaringen van artsen [deskundige 1] , [deskundige 2] en [deskundige 3] , zakelijk weergegeven:
Onderwerp
[slachtoffer 3] , geb. [geboortedag 2] -1998, gesl vrouw,
Geachte collega,
Bovengenoemde patiënte werd op 25-4-2021 gezien op de afdeling Spoedeisende hulp.
Conclusie;
22 jarige patiënte, in de voorgeschiedenis oa bekend met anorexia nervosa en chronische suïcidaliteit, presenteert zich nu opnieuw op de SEH met:
1. Persisterend vaginaal bloedverlies en peri-anale pijn na seksincident, laceratie vagina wand, anale fissuur
2. Beurse plekken lumbale wervelkolom en costa links
3 Mictieklachten (dysurie) en koorts
4 Toename suïcidale gedachten en anorexiagedachtes sinds seksincident
5. Verlaagd ureum
Anamnese [deskundige 1]
Acuut op chronische suïcidaliteit
Chronisch suïcidaal, maar sinds misbruik afgelopen vrijdag toename met daarbij in de nacht geen rust in haar hoofd. Steeds herbelevingen en daardoor steeds de gedachte dat ze dood wil. Daardoor slecht
geslapen opspeling van anorexia, waardoor eten en drinken niet goed gaat (krijgt herbelevingen bij slikken)
Somatisch:
Sinds seksaccident vrijdag nog steeds vaginaal bloedverlies, kan niet zitten, pijn bij plassen. Heeft nog geen ontlasting gehad. Tevens koorts sinds vrijdagavond.
Lichamelijk onderzoek (door [deskundige 2] )
Ligt op de zij, pijnlijk om op de rug te draaien.
Drukpijn over lumbale WK, aldaar hematoom aan de buitenzijde.
Vaginaal: helderrood bloedverlies.
Aanvulling [deskundige 3]
Aanvullend onderzoek:
Urinesediment niet gelukt; lukt niet om te plassen nu. Heeft geen infuus gekregen, heel moeilijk te prikken.
icc psychiatrie voor beoordeling suïcidaliteitsrisico Er is sprake van chronische suïcidaliteit die nu is toegenomen n.a.v een recent trauma, waarna herbelevingen, voortdurende alertheid, paniekaanvallen
en slaapproblemen.
Dit proces-verbaal houdt ouder meer in als verklaring van voornoemde opsporingsambtenaren, zakelijk weergegeven:
Vandaag vrijdag 23 april (het hof begrijpt: 23 april 2021) waren wij verbalisanten [verbalisant 7] en [verbalisant 8] belast met een surveillance dienst.
Omstreeks 16.30 uur kregen wij de melding om te gaan naar de [adres] . Aldaar was een cliënt thuisgekomen en ze had verteld dat ze met een auto was meegenomen en enkele uren was verkracht. Hierop zijn wij naar het adres toegereden en werden wij opgevangen door de begeleiding van het slachtoffer.Ik, verbalisant [verbalisant 7] , liep de woning in en zag in de badkamer een vrouw op de grond zitten. Deze vrouw betrof de bewoner van de [adres] , welke later bleek te zijn [slachtoffer 3] , geboren op [geboortedag 2] 1998, hierna te noemen slachtoffer. Ik zag naast slachtoffer een vrouw zitten, welke zich voorstelde als [persoon] , de begeleider van het slachtoffer.
Ik, verbalisant [verbalisant 7] . liep de badkamer in en zag dat het slachtoffer schrok van mijn aanwezigheid. Ik zag dat het slachtoffer in een foetushouding tegen de muur aan zat en haar dichtgeknepen vuisten voor haar hoofd hield. Ik stelde me voor en zag dat slachtoffer niet reageerde op mijn aanwezigheid. Ik hoorde dat [persoon] de begeleider van het slachtoffer contact probeerde te maken met haar, dit lukte nauwelijks. Ik zag dat het slachtoffer tijdens het praten in haarzelf keerde waardoor ze steeds stopte met praten.
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van [persoon] , zakelijk weergegeven:
[slachtoffer 3] (het hof begrijpt: [slachtoffer 3]) belde mij ergens aan het einde van de middag. (...). Wat ik zeker weet was dat een vrijdagmiddag (...). Ik kon haar niet verstaan. Ze klonk overstuur. Ze was heel erg aan het huilen. (...). Ik kwam uiteindelijk vrij snel aan en trof haar aan als een zielig hoopje ellende. Ik vond haar in de haar badkamer. (...). Ze zat helemaal in elkaar gedoken. Ik zag dat ze trilde, zat te shaken en huilde. (...). Ze vertelde dat ze was meegenomen door iemand en (...) langdurig misbruikt was. (...). Toen ik [slachtoffer 3] zag, rook ze naar urine en haar haar was heel smerig. (...). Ze had veel pijn zei ze en dat was ook wat ik waarnam. Ze zat helemaal in elkaar gedoken en had overal pijn, voornamelijk de romp. Wat vooral opviel was de geur van urine en haar haren die zo vies waren. Haar haar was ook nat. (...). In het ziekenhuis kwamen er op een gegeven moment flarden uit. (…) Ze vertelde dat ze mee was genomen naar een hotelkamer, dat hij (het hof begrijpt: de verdachte) haar heeft misbruikt onder de douche, heel hardhandig en dat hij over haar heen had gepist. Het was heel hardhandig, dat zei ze meerdere malen.
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van de vader van [slachtoffer 3] , [vader] , zakelijk weergegeven:
De verkrachting van [slachtoffer 3] (het hof begrijpt [slachtoffer 3]) heeft plaatsgevonden op 23 april 2021. (…) Half 5 ‘s middags werden wij gebeld door [persoon] , haar mentor en begeleider, dat [slachtoffer 3] een ontmoeting had gehad met een kerel en dat er een zedendelict had plaatsgevonden. Rond kwart voor 6 belde [persoon] mij weer en vertelde dat zij onderweg waren naar het ziekenhuis in Nijmegen. Daar is zij terecht gekomen op de spoedhulp (…). Rond een uur of 11 ’s avonds heb ik haar opgehaald.
Toen ik [slachtoffer 3] in het ziekenhuis zag, viel het mij op dat ze moeilijk kon lopen. Ze was een beetje in shock. Een beetje van de wereld eigenlijk. Ze had vooral pijn in haar midden lichaam. Ze had ook last van haar achterste. In de auto zat ze helemaal weggedoken in een hoekje. (…)
In de ochtend kon ze amper zitten en had pijn. (…)
Zij had heel veel moeite met eten toen zij weer thuis was. Ze kon niks meer in haar mond hebben. Zij gaf wel aan dat dat kwam door de dingen die zij toen met hem (het hof begrijpt: de verdachte) moest doen. (…)
De eerste week zat zij in de lappenmand. Het was dramatisch. Zowel geestelijk als lichamelijk. Heel
veel last van haar onderrug en keel. Veel last van herbelevingen. We zijn ook bij de huisarts geweest.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
1.hij in de periode van 5 januari 2022 tot en met 8 februari 2022 te Nederland, met gebruikmaking van een communicatiedienst, aan iemand die zich voordeed als een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, te weten als ' [slachtoffer 1] ' met de leeftijd van 15 jaar, een ontmoeting heeft voorgesteld met het oogmerk ontuchtige handelingen met een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt te plegen, terwijl hij, verdachte, enige handeling heeft ondernomen tot het verwezenlijken van die ontmoeting, door
- online contact te leggen en te onderhouden met ' [slachtoffer 1] ', wetende dat zij kwetsbaar en minderjarig was en gewicht wilde verliezen en
- zich daarbij voor te doen als coach en
- daarbij te noemen en te benadrukken dat als zij ( [slachtoffer 1] ) verdachte als coach wil, zij zich volledig aan hem moet onderwerpen en dat zij onder zijn (verdachtes) controle komt te staan en
- daarbij te noemen dat er ontmoetingen zullen plaatsvinden voor oefeningen, controleren van de voortgang, straffen en gebruik (van die [slachtoffer 1] ) als seksslavin en
- door te noemen en te benadrukken dat zij ( [slachtoffer 1] ) daardoor extra calorieën zal verbranden en beter naar hem (verdachte) zal luisteren en mooi zal worden en
- concrete seksuele handelingen te benoemen die nodig zouden zijn in het kader van de coaching en waardoor die ' [slachtoffer 1] ' extra calorieën zou verbranden en
- te noemen en aan te kondigen dat hij haar ( [slachtoffer 1] ) bij de eerste afspraak zal leren pijpen en
- een afspraak te maken voor een ontmoeting op 8 februari 2022 en
- op 8 februari 2022 daadwerkelijk af te spreken met die ' [slachtoffer 1] ';
2.hij op 8 januari 2021 te Rotterdam, meerdere malen door een feitelijkheid en bedreiging met geweld, te weten door
- online contact te leggen en te onderhouden met [slachtoffer 2] , wetende dat zij kwetsbaar en minderjarig was en op zoek was naar hulp om gewicht te verliezen en
- zich daarbij voor te doen als coach en
- aan die [slachtoffer 2] te vragen om naaktfoto's van zichzelf te sturen en
- het noemen en benadrukken van noodzaak dat zij de controle aan verdachte moest geven en
- het onder valse voorwendselen uitnodigen van die [slachtoffer 2] in een hotelkamer en
- haar onverhoeds te zoenen en stevig vast te pakken en dwingend toe te spreken en
- gebruik te maken van fysiek en mentaal overwicht en
- aldus een dwingende in elk geval een onvrijwillige situatie te creëren, en vervolgens
- op die [slachtoffer 2] te gaan liggen en zijn arm om haar keel te leggen en
- tegen haar te zeggen: "nu ga ik je echt kapot maken" en
- het lichaam van die [slachtoffer 2] stevig vast te houden,
[slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het meerdere malen ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] , te weten het
- met zijn penis, oraal binnendringen van het lichaam en
- met zijn penis, vaginaal binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2]
terwijl het feit is begaan tegen een persoon beneden de leeftijd van achttien jaar bij wie misbruik van een kwetsbare positie wordt gemaakt;
3.hij op 23 april 2021 te Overberg door geweld en een andere feitelijkheid, te weten door
- online contact te leggen en te onderhouden met [slachtoffer 3] , wetende dat zij kwetsbaar was en/of op zoek was naar hulp om gewicht te verliezen en/of
- aan die [slachtoffer 3] te vragen om naaktfoto's van zichzelf te sturen (om te beoordelen)
- [slachtoffer 3] mee te nemen naar een hotelkamer en
- in die hotelkamer die [slachtoffer 3] stevig vast te pakken en haar te dwingen om hem (verdachte) aan te kijken en haar meerdere malen te dwingen om zijn woorden te herhalen, waaronder "ik ben gemaakt om misbruikt te worden" en
- boos te worden en die [slachtoffer 3] in het gezicht te slaan en
- haar uit te kleden en op bed te duwen en haar benen met kracht uit elkaar te duwen en
- haar mond en neus dicht te drukken en
- met kracht zijn penis in haar vagina te duwen en
- haar mee te slepen naar de badkamer en haar in de badkamer op de grond te gooien en
- aan de haren van die [slachtoffer 3] te trekken en
- de waterstraal van de douche op haar gezicht te zetten waardoor ademhaling werd bemoeilijkt en
- in haar gezicht en mond te urineren en
- te ejaculeren in het gezicht en de mond van die [slachtoffer 3] en haar te dwingen om het sperma door te slikken en
- die [slachtoffer 3] te schoppen en te slaan,
[slachtoffer 3] heeft gedwongen tot het meerdere malen ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3] , te weten het meerdere malen, met zijn penis, oraal en vaginaal en anaal binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3] .
Hetgeen onder 1, 2 en 3 meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.
Het bewezenverklaarde is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Geen omstandigheid is aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.
Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:
met gebruikmaking van een communicatiedienst een ontmoeting voorstellen aan iemand die zich, al dan niet met een technisch hulpmiddel, waaronder een virtuele creatie van
een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, voordoet als een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, met het oogmerk ontuchtige handelingen te
plegen met die persoon, welk voorstel tot ontmoeting is gevolgd door enige handeling gericht op het verwezenlijken van die ontmoeting.
Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:
verkrachting, terwijl de schuldige het feit begaat tegen een persoon beneden de leeftijd van achttien jaar bij wie misbruik van een kwetsbare positie wordt gemaakt.
Het onder 3 bewezenverklaarde levert op:
verkrachting.
Strafbaarheid van de verdachte
De verdachte is strafbaar, omdat geen omstandigheid aannemelijk is geworden die de strafbaarheid ten aanzien van het onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde uitsluit.
Oplegging van straf en maatregelen
De rechtbank heeft de verdachte voor het in eerste aanleg onder 1, 2, 3 en 4 primair bewezenverklaarde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaren met aftrek van voorarrest, een contactverbod met de slachtoffers voor de duur van 5 jaren, dadelijk uitvoerbaar, en een maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperking.
De advocaat-generaal heeft primair gevorderd dat de verdachte voor het onder 1, 2, 3 en 4 primair tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 jaren met aftrek van voorarrest, de maatregel van tbs met dwangverpleging en een contactverbod met de slachtoffers. Subsidiair, indien het hof niet overgaat tot oplegging van de maatregel van tbs met dwangverpleging, heeft de advocaat-generaal gevorderd dat aan de verdachte een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaren met aftrek van voorarrest, een contactverbod met de slachtoffers en een maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperking zal worden opgelegd.
De verdediging heeft verzocht bij de strafoplegging het gehele beeld te betrekken en rekening te houden met de persoon van verdachte, zijn ontwikkeling sinds de behandeling van de strafzaak in eerste aanleg, de mate waarin hij inmiddels verantwoordelijkheid neemt en hetgeen uit de rapportages naar voren komt over het risico op herhaling. Verder heeft de verdediging verzocht rekening te houden met de overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg met drie maanden en de aan de verdachte op te leggen straf ernstig te matigen, nu deze in eerste aanleg disproportioneel hoog is geweest.
Oordeel van het hof
Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf en maatregelen bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.
Ernst van de feiten
De verdachte heeft zich op zeer berekenende wijze schuldig gemaakt aan grooming en de buitengewoon ernstige verkrachtingen van minderjarige [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] . De slachtoffers die de verdachte uitkoos, waren jonge en kwetsbare meisjes die kampten met een psychische (eet)stoornis. De verdachte koos deze zeer kwetsbare slachtoffers doelbewust uit door zich online op pro-ana websites voor te doen als coach om hen zogenaamd te helpen met afvallen. De verdachte deed dit echter met maar één doel, namelijk seks waarbij hij zijn kwetsbare en jonge slachtoffers kon domineren en laten doen wat hij wilde. De verdachte dwong zijn slachtoffers op zeer manipulatieve wijze om zich volledig aan hem over te geven door hen het gevoel te geven dat zij anders niet geholpen konden worden met hun eetstoornis. Zo heeft de verdachte de destijds 15-jarige aangeefster [slachtoffer 2] aangepraat dat BDSM-seks een goede manier was om af te vallen en moest zij hem seksueel getinte foto’s sturen. Toen [slachtoffer 2] nét 16 jaar was geworden haalde de verdachte haar over om af te spreken in een hotel, waar hij haar vervolgens verkrachtte. Daarbij was de verdachte heel dwingend, sprak hij de woorden uit “Nu ga ik je echt kapotmaken” en pakte hij haar steeds heel stevig vast, onder andere bij haar nek. Aangeefster [slachtoffer 3] was op het moment van de verkrachting door de verdachte slachtoffer van een loverboy-netwerk en ook zij had een eetstoornis. De verdachte gaf haar voorafgaand aan hun fysieke afspraak allerlei seksueel getinte opdrachten, om te checken of ‘zij het wel waard zou zijn om zijn piemel in te steken’. Voor de fysieke afspraak moest zij zich kleden en opmaken om er zo jong mogelijk uit te zien. De verdachte haalde haar op en bracht haar naar een hotel waar hij haar op zeer gewelddadige en vernederende manier verkrachtte. Daarbij moest zij onder andere de zin uitspreken “Ik ben gemaakt om misbruikt te worden”, gebruikte hij fors geweld om in haar te komen, plaste hij meermaals over haar heen en dwong hij haar om zijn urine en sperma door te slikken. [slachtoffer 3] werd door de verdachte zowel vaginaal als anaal tot bloedens aan toe verkracht, waardoor zij vandaag de dag, als gevolg hiervan, met een katheter door het leven moet en zij tijdens het verschonen van de katheter voor de rest van haar leven meermalen per dag herinnerd wordt aan de verkrachting.
Met zijn handelen heeft de verdachte een zeer grove inbreuk gemaakt op zowel de lichamelijke als geestelijke integriteit van zijn slachtoffers. Zij waren al kwetsbaar en beschadigd, maar de verdachte heeft hen moedwillig extra beschadigd. De verdachte heeft zich op geen enkel moment gedurende de urenlange en mensonterende verkrachtingen bekommerd om het welzijn van zijn slachtoffers. Hij had enkel oog voor de bevrediging van zijn eigen seksuele behoeftes en zucht naar volledige dominantie. Ook toen de verdachte gedurende beide verkrachtingen tussendoor via Teams een werkoverleg voerde, waarin hij in één overleg nota bene door zijn collega’s werd gefeliciteerd met de geboorte van zijn dochter, is hij niet tot inkeer gekomen, maar is hij na afloop gewoon doorgegaan met de verkrachtingen. Ook in hoger beroep heeft de verdachte ten aanzien van [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] nauwelijks verantwoordelijkheid genomen voor zijn handelen. Hoewel hij nu toegeeft dat hij fout zat, omdat hij seks had met [slachtoffer 2] terwijl zij pas net 16 jaar oud en kwetsbaar was en met [slachtoffer 3] terwijl hij wist dat ook zij kwetsbaar en beschadigd was, blijft de verdachte ontkennen dat sprake was van verkrachting en zou er niets waar zijn van de mensonterende en gewelddadige handelingen waartoe hij hen in de hotelkamer dwong.
De feiten die de verdachte heeft gepleegd zijn zeer traumatisch geweest voor zijn slachtoffers. Zij kunnen levenslang de psychische gevolgen ondervinden van hetgeen hen is aangedaan. Ten aanzien van [slachtoffer 3] zal zij ook lichamelijk levenslang de gevolgen ondervinden, nu zij een katheter heeft overgehouden aan de gewelddadige verkrachting door de verdachte. Uit de onderbouwingen bij de vorderingen tot schadevergoeding en het door [slachtoffer 3] uitgeoefende spreekrecht blijkt hoe groot de impact op de levens van [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] is geweest en vandaag de dag nog steeds is. Het hof neemt het de verdachte voorts kwalijk dat hij ten tijde van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg heeft verklaard dat de seksuele handelingen met [slachtoffer 3] zijn gepleegd in het kader van een betaalde seksafspraak. Uit het spreekrecht van [slachtoffer 3] blijkt hoe groot de impact is geweest van deze openbare uitspraak door de verdachte. Dat hij hier ten tijde van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep op is teruggekomen maakt dit niet veel anders.
Persoon van de verdachte
Het hof heeft met betrekking tot de persoon van de verdachte onder meer gelet op:
De verdachte heeft in eerste aanleg niet willen meewerken aan de Pro-Justitiarapportages die over de persoon van de verdachte zijn uitgebracht. Daardoor hebben de psychologen en psychiaters geen adequaat psychologisch en psychiatrisch onderzoek kunnen uitvoeren met het gevolg dat zij onvoldoende zicht konden krijgen op de psychische functies en persoonlijkheidsaspecten van de verdachte.
Tijdens de tweede pro forma zitting in hoger beroep van 25 november 2025 heeft de verdediging nadrukkelijk opgegeven dat de verdachte ook in hoger beroep niet bereid was om zijn medewerking te verlenen aan nieuwe Pro Justitia rapportages over zijn persoon. Tegelijkertijd blijkt achteraf dat de verdediging diezelfde maand op eigen initiatief en zonder het hof of het openbaar ministerie daarover te informeren, contact zocht met psychiater [deskundige 8] om toch een nieuw rapport te laten opstellen over de persoon van de verdachte, waaraan de verdachte wél medewerking wilde verlenen. Hoewel het eerste gesprek tussen de verdachte en [deskundige 8] op de dag van de pro forma van 17 februari 2026 plaatsvond, heeft de verdediging ook toen met geen woord gerept over deze nieuwe rapportage. Pas toen de rapportage reeds was afgerond en de verdediging kennis had genomen van de inhoud, heeft de verdediging per e-mail aan het hof en het openbaar ministerie laten weten dat er nieuw rapport lag met het verzoek dit rapport in het dossier te voegen. Het hof heeft toestemming verleend voor het voegen van het rapport in het dossier en [deskundige 8] opgeroepen voor de inhoudelijke behandeling.
De conclusies die psychiater [deskundige 8] in zijn rapport van 4 april 2026 trekt, houden – zakelijk weergegeven – het volgende in.
Betrokkene lijdt naar mijn mening niet aan een aperte psychiatrische ziekte of stoornis, niet in engere zin maar ook niet in de bredere zin van het woord.
Een stemmingsstoornis (depressie, -hypo-manie) wordt door mij, na mijn eigen onderzoek dat plaatsvindt in de maanden februari, maart en april 2026, uitgesloten geacht, evenals een psychotische stoornis, een parafiele stoornis, een seksuele disfunctie, een autismespectrumstoornis, een (sociale) angststoornis, een verstandelijke beperking en een persoonlijkheidsstoornis.
Vanwege de diagnostische overwegingen, geopperd in het PBC-rapport d.d. 19 februari 2025, werden door mij wel nog een drietal vragenlijsten aan betrokkene voorgelegd die alle (eveneens) geen grote psychopathologie aan het licht brachten.
Weliswaar bestaat er bij betrokkene, zo blijkt ook uit de afname van de SAST-R, een verhoogde seksuele aandrift, een verhoogd libido, maar dit verschijnsel kan niet worden ondergebracht bij een van de diagnostische categorieën in het DSM-5-TR classificatiesysteem.
Binnen forensisch psychiatrische polikliniek De Waag zou in 2022, met behulp van de gangbare risicotaxatie-instrumenten, zijn vastgesteld dat de kans op seksueel-gewelddadige recidive als laag moest worden bestempeld.
In het PBC-rapport uit 2025 wordt althans op pagina 35 en volgende aan deze conclusie gerefereerd maar ik beschikte niet over rechtstreekse informatie van De Waag.
Het is evident dat betrokkene ten tijde van het plegen van de hem ten laste gelegde feiten, mits deze uiteraard door het gerechtshof bewezen worden geacht, te maken had met grote psychosociale spanningen: een ernstig ziek kind, een eveneens zieke vrouw en huwelijksperikelen. Het is ook algemeen bekend dat in tijden van psychosociale stress de seksuele aandrift verhoogd kan zijn. Het is uiteraard speculatief om de verhoogde libido volledig toe te schrijven aan de psychosociale stress maar zeker
is wel dat deze stress van invloed is geweest op de aandrift en de daaruit kennelijk voortvloeiende (seksuele) gedragingen.
Omdat er bij betrokkene geen klinisch ziektebeeld bestaat, is het voor mij niet mogelijk om uitspraken te doen over het verband tussen de (afwezige) psychopathologie en de ten laste gelegde feiten en over de kans op delictgedrag op grond van deze psychopathologie. Er is immers louter sprake van een geïsoleerd symptoom, van een verhoogde seksuele aandrift en niet van een welomschreven en goed afgegrensde psychiatrische ziekte of stoornis.
Tijdens de inhoudelijke behandeling bleek dat [deskundige 8] gedurende zijn onderzoek slechts beschikking had over een deel van het dossier. Zo beschikte [deskundige 8] bijvoorbeeld niet over de ontkennende verklaring die de verdachte bij de rechter-commissaris heeft afgelegd en was [deskundige 8] niet op de hoogte van het feit dat de verdachte specifiek naar slachtoffers tussen de 15-17 jaar zocht, noch dat zij voor de verdachte moesten fungeren als ‘seksslavin’. Ook de deels bekennende proceshouding van de verdachte ter terechtzitting in eerste aanleg (waarvan de deskundige geen afschrift van het proces-verbaal van de zitting had ontvangen) als in hoger beroep was nieuwe informatie voor [deskundige 8] . Op vragen van het hof antwoordde [deskundige 8] ter terechtzitting dat hij – met de nieuwe kennis van het verhandelde ter terechtzitting en indien hij beschikking zou hebben gehad over het volledige dossier – ten aanzien van de risicotaxatie mogelijk wel wat hoger zou uitkomen. De deskundige merkte ook op dat het maar de vraag is in hoeverre een behandeling in het kader van een terbeschikkingstelling zou bijdragen aan het verminderen van het recidiverisico, nu zedendelinquenten in het algemeen moeilijk behandelbaar zijn en een begaafd persoon als de verdachte in staat zou kunnen zijn om het tijdens een behandeling te doen voorkomen alsof het goed met hem gaat, waardoor het risico op recidive in theorie afneemt.
Oplegging van straf en maatregelen
Net als de rechtbank heeft het hof ter voorkoming van recidive en ter beveiliging van de maatschappij nadrukkelijk overwogen aan de verdachte de maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging op te leggen. In tegenstelling tot de rechtbank beschikt het hof in hoger beroep wél over een Pro-Justitia rapportage waaraan de verdachte medewerking heeft verleend: het rapport van psychiater [deskundige 8] . Hoewel ter terechtzitting is gebleken dat [deskundige 8] tijdens zijn onderzoek geen beschikking had over het gehele dossier, hebben het rapport en de toelichting van [deskundige 8] ter terechtzitting in hoger beroep het hof wel meer inzicht geboden in de persoonlijkheid van de verdachte en de toegevoegde waarde van de maatregel van terbeschikkingstelling ter vermindering van het recidiverisico.
Een voorwaarde om de maatregel van terbeschikkingstelling op te leggen is dat het hof vaststelt dat sprake is geweest van een psychische stoornis bij de verdachte ten tijde van het begaan van de delicten. De rapportages die over de persoon van de verdachte zijn opgemaakt, waaronder de in hoger beroep opgestelde rapportages van [deskundige 8] en de reclassering bieden echter onvoldoende aanknopingspunten voor deze vaststelling. Naast de rapporteurs van het Pieter Baan Centrum die – ondanks de weigering van de verdachte – een aantal ernstige psychiatrische stoornissen konden uitsluiten, heeft nu ook psychiater [deskundige 8] geconcludeerd dat de verdachte niet lijdt aan een psychiatrische ziekte of stoornis. Nu na alle deskundigenrapportages zelfs geen vermoedens van een stoornis resteren, is het hof niet in staat om zelfstandig een stoornis in de geestvermogens vast te stellen. Het hof merkt ten overvloede op dat het ook maar de vraag is in hoeverre een behandeling in het kader van een terbeschikkingstelling zou bijdragen aan het verminderen van het recidiverisico bij een begaafde zedendelinquent als de verdachte. Gelet op het voorgaande zal het hof, in tegenstelling tot de primaire vordering van de advocaat-generaal, niet overgaan tot oplegging van de maatregel van terbeschikkingstelling.
Het hof leidt uit de ernst van de feiten, de zeer berekenende wijze waarop de verdachte te werk is gegaan en het beperkte inzicht dat de verdachte heeft getoond in het verwerpelijke van zijn handelen af dat de verdachte een gevaar oplevert voor de maatschappij en meer in het bijzonder voor kwetsbare jonge meisjes. Daarom kan naar het oordeel van het hof niet worden volstaan met een andere straf dan een gevangenisstraf van aanzienlijke duur, waardoor de maatschappij voor een langere periode kan worden beschermd tegen de verdachte. Met de rechtbank is het hof daarom van oordeel dat de door de verdachte gepleegde feiten, met de nadruk op de twee zeer gewelddadige en mensonterende verkrachtingen van twee jonge kwetsbare meisjes, behoren tot een buitencategorie. Voor dergelijke feiten schrijft de wet een maximale gevangenisstraf voor de duur van 12 jaren voor. Daar komt bij dat het hof bewezen verklaart dat de verdachte misbruik heeft gemaakt van de kwetsbare positie van de slachtoffers waardoor de maximale gevangenisstraf van 12 jaren nog eens met een derde kan worden verhoogd. Hoewel het hof minder feiten heeft bewezen verklaard, acht het de straf van de rechtbank toch passend en geboden en zal het hof conform de subsidiaire vordering van de advocaat-generaal de verdachte veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaren met aftrek van voorarrest
Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de veroordeelde in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.
Redelijke termijn
Hoewel het hof vaststelt dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in eerste aanleg met zo’n drie maanden is overschreden, ziet het hof geen aanleiding om deze overschrijding te compenseren. In eerste aanleg heeft er immers uitgebreid onderzoek moeten plaatsvinden naar de geestestoestand van de verdachte en is de verdediging in staat gesteld om aangeefsters te horen bij de rechter-commissaris. Het hof volstaat dan ook met de constatering dat de redelijke termijn in eerste aanleg is overschreden en verbindt aan deze overschrijding geen gevolgen.
Maatregel artikel 38v Sr en dadelijke uitvoerbaarheid
Ter beveiliging van de maatschappij en ter voorkoming van strafbare feiten is het hof van oordeel dat een vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 38v Sr, in de vorm van een contactverbod, dient te worden opgelegd. Dit contactverbod strekt tot bescherming van [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] en is ingegeven doordat de verdachte hen op gewelddadige wijze heeft verkracht. Het hof legt het contactverbod op voor de duur van vijf jaren en bepaalt daarbij dat voor iedere keer dat de verdachte voornoemde maatregel overtreedt, 7 dagen vervangende hechtenis zal worden toegepast, met een maximum van 6 maanden.
Het hof is daarnaast van oordeel dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte opnieuw een strafbaar feit zal plegen en/of zich belastend zal gedragen jegens bepaalde personen. Het hof zal de maatregel daarom dadelijk uitvoerbaar verklaren.
Gelet op het Pro Justitia-rapport door [deskundige 8] van 4 april 2026 en het adviesrapport van de reclassering van 27 augustus 2026, waarin de reclassering negatief adviseert ten aanzien van een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel, acht het hof in tegenstelling tot de subsidiaire vordering van de advocaat-generaal onvoldoende termen aanwezig om aan de verdachte tevens een maatregel ingevolge artikel 38z Sr op te leggen.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]
De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 41.995,00 bestaande uit € 26.995,00 aan materiële schade en € 15.000,00 aan immateriële schade. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van de oorspronkelijke vordering. De advocaat van de benadeelde partij heeft de vordering ter terechtzitting nader toegelicht.
De advocaat-generaal heeft geadviseerd tot toewijzing van gehele vordering, te vermeerderen met de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
De verdediging heeft primair verzocht de vordering niet-ontvankelijk te verklaren, gelet op de bepleite vrijspraak. Subsidiair heeft de verdediging verzocht de materiële schadepost die ziet op de studievertraging en de immateriële schadepost te matigen, dan wel deels niet-ontvankelijk te verklaren. De verdediging heeft geen verweer gevoerd op de materiële posten die zien op het gevorderde eigen risico over 2023 en 2024.
Het hof overweegt als volgt.
Materiële schade
Naar het oordeel van het hof staat vast dat [slachtoffer 2] door het onder 2 bewezenverklaarde handelen van de verdachte rechtstreeks materiële schade heeft geleden. De materiële schadeposten die zien op het gevorderde eigen risico over 2023 en 2024 zijn door de verdediging niet betwist. De gevorderde bedragen van tweemaal € 385,00 komen het hof ook niet onrechtmatig of ongegrond voor en daarom zal het hof voor deze twee posten een totaalbedrag van € 770,00 toewijzen.
Ten aanzien van de schadepost studievertraging oordeelt het hof dat het – gelet op de ernst van de bewezenverklaarde feiten en de evident grote en langdurige negatieve gevolgen daarvan voor de benadeelde partij – op zichzelf al voor de hand ligt dat het door de verdachte gepleegde feit tot gevolg heeft dat de benadeelde partij studievertraging oploopt. Bij de vordering van de benadeelde partij zijn voorts stukken aangeleverd waaruit blijkt dat zij na het doen van haar aangifte op 7 februari 2023 geen studiepunten meer heeft gehaald. In datzelfde jaar is de benadeelde traumabehandeling (EMDR) gestart in verband met klachten die passen bij een posttraumatische stressstoornis gerelateerd aan seksueel geweld. De behandelend gezondheidspsycholoog van de benadeelde heeft schriftelijk verklaard dat de benadeelde gedurende de behandeling last had van somberheidsklachten en concentratieproblemen, wat van negatieve invloed was op het volgen van colleges en haar vermogen om te kunnen studeren voor tentamens. Anders dan de verdediging is het hof, op basis van het voorgaande, van oordeel dat voldoende is komen vast te staan dat de benadeelde partij ten minste één jaar aan studievertraging heeft opgelopen als rechtstreeks gevolg van het bewezenverklaarde. Het hof zoekt voor de bepaling van de hoogte van het daarvoor te vergoeden bedrag aansluiting bij de Letselschaderichtlijn Studievertraging van de Letselschaderaad. Daarin wordt een bedrag van € 26.225,00 genoemd voor schade wegens studievertraging op basis van één jaar voor de categorie hbo en wo. Het hof zal het gevorderde bedrag aan studievertraging ter hoogte van € 26.225,00 dan ook geheel toewijzen.
Immateriële schade
Uit het onderzoek ter terechtzitting is tevens voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 2 bewezenverklaarde handelen van de verdachte in haar persoon is aangetast. Uit de overgelegde medische verklaring van haar behandelend psycholoog bij de onderbouwing van de immateriële schadepost blijkt dat de benadeelde sinds de verkrachting last heeft van herbelevingen, vermijdingsklachten, hyperalertheid, stemmings- en angstklachten. Deze klachten zijn volgens de behandeld psycholoog passend bij een posttraumatische stressstoornis gerelateerd aan seksueel geweld. De benadeelde heeft daarom traumabehandeling (EMDR) gevolgd, waarbij is gewerkt aan het reduceren van haar posttraumatische stressklachten.
Op grond van artikel 6:106 aanhef en onder b BW heeft de benadeelde partij recht op een naar billijkheid vast te stellen vergoeding van immateriële schade wegens aantasting in de persoon op andere wijze. Naar het oordeel van het hof heeft de benadeelde partij voldoende concrete gegevens aangevoerd waaruit volgt dat zij geestelijk letsel heeft opgelopen door het handelen van de verdachte. Daarnaast maken ook de aard en ernst van de normschending en de gevolgen daarvan voor de benadeelde dat sprake is van een aantasting in haar persoon op andere wijze. Het hof heeft bij het vaststellen van de omvang van de immateriële schade onder meer acht geslagen op de Rotterdamse Schaal. In hoofdstuk 14.2 ‘Posttraumatische stressstoornis (PTSS)’ wordt in categorie (c) ‘Middelzwaar’ – waarbij de benadeelde grotendeels herstelt en resterende klachten niet tot ernstige beperkingen leiden – een bandbreedte genoemd van € 5.500 tot € 16.000. Daarnaast heeft het hof acht geslagen op hoofdstuk 15, waarbij in categorie (b) voor een ernstige verkrachting waarbij sprake is van bijzonder ernstige omstandigheden, een bandbreedte wordt genoemd van € 7.500 tot € 15.000. Verder heeft het hof bij de bepaling van de omvang van de immateriële schade gelet op de aard, de ernst en de verwijtbaarheid van het onrechtmatige handelen van de verdachte, alsmede de ernst van de inbreuk die daarmee op de lichamelijke integriteit van de benadeelde partij is gemaakt, haar jonge leeftijd en bijzondere kwetsbaarheid en de nadelige gevolgen die het handelen van de verdachte heeft gehad en nog steeds heeft op haar dagelijks leven. Alles afwegend stelt het hof de omvang van de immateriële schade daarom vast op de gevorderde € 15.000,00.
De wettelijke rente over het toegewezen bedrag aan materiële en immateriële schade zal het hof toewijzen vanaf de pleegdatum tot aan de dag der algehele voldoening.
Het hof zal de verdachte tevens veroordelen in de proceskosten aan de zijde van de benadeelde partij. Voorts zal de verdachte worden veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging van dit arrest door de benadeelde partij nog te maken kosten. Deze proceskosten zijn tot op heden begroot op nihil.
Het hof zal tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen op de hierna te noemen wijze om te bevorderen dat de schade door de verdachte wordt vergoed.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3]
De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 27.193,37 bestaande uit € 2.193,37 aan materiële schade en € 25.000,00 aan immateriële schade. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van de oorspronkelijke vordering. De advocaat van de benadeelde partij heeft de vordering ter terechtzitting nader toegelicht.
De advocaat-generaal heeft geadviseerd tot toewijzing van gehele vordering te vermeerderen met de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
De verdediging heeft verzocht de immateriële schadepost te matigen en aansluiting te zoeken bij de Rotterdamse Schaal. De verdediging heeft geen verweer gevoerd ten aanzien van de materiële schadepost.
Het hof oordeelt als volgt.
Materiële schade
Naar het oordeel van het hof staat vast dat [slachtoffer 3] door het onder 3 bewezenverklaarde handelen van de verdachte rechtstreeks materiële schade heeft geleden. De vordering is niet betwist. Het gevorderde bedrag van € 2.193,37 komt het hof ook niet onrechtmatig of ongegrond voor en daarom zal het hof het volledige bedrag toewijzen, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf de pleegdatum tot aan de dag der algehele voldoening.
Immateriële schade
Uit het onderzoek ter terechtzitting is tevens voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 3 bewezenverklaarde handelen van de verdachte in haar persoon is aangetast. Uit de onderbouwing bij deze post blijkt dat de benadeelde door de verkrachting zowel lichamelijk als psychisch letsel heeft opgelopen. Zo had de benadeelde last van blauwe plekken, pijn aan haar ribben, benauwdheid en letsel bij haar vagina en anus. Zij kon de dagen na de verkrachting bijna niet lopen en zitten van de pijn. In het ziekenhuis is vastgesteld dat er sprake was van persisterend vaginaal bloedverlies en peri-anale pijn, laceratie (scheur) van de vaginawand en anale fissuur. Verder zijn er beurse plekken op haar rug geconstateerd en was er sprake van mictieklachten (problemen bij het plassen) en koorts. Er was ook sprake van dehydratatie door slikproblematiek. De benadeelde kon niet zitten of op haar rug liggen en had pijn bij het plassen. Daarbij had zij last van psychische klachten en toenemende suïcidaliteit. Zij had last van herbelevingen (o.a. bij slikken), paniekaanvallen, voortdurende alertheid en slaapproblemen. De mictieproblematiek van de benadeelde die kort na het incident in het ziekenhuis is geconstateerd, is na het incident verergerd en niet meer overgegaan. Zij kon (bijna) niet meer plassen in verband met een hypertone bekkenbodem. De benadeelde is in november 2021 voor het eerst gezien bij de gynaecoloog en gekatheteriseerd. Uiteindelijk is de benadeelde doorverwezen naar een uroloog, die concludeerde dat er sprake was van urine retentie, waarvoor de benadeelde moest worden gekatheteriseerd. Dit is door haar misbruikverleden bijzonder stressvol. Er is om deze reden meermaals een buikwandkatheter geplaatst. Uit de stukken van de uroloog volgt dat er sprake is van forse PTSS en dat dit mede van invloed is op haar blaasproblematiek.
Anders dan de verdediging heeft aangevoerd is het hof van oordeel dat voldoende causaal verband bestaat tussen het handelen van de verdachte en de blaasproblemen van de benadeelde. Na de verkrachting door de verdachte is in het ziekenhuis vastgesteld dat de benadeelde bijna niet meer kon plassen in verband met een hypertone bekkenbodem, waarna zij eerst is gezien door een gynaecoloog en later door een uroloog. Zowel de gynaecoloog als de uroloog hebben katheters geplaatst bij de benadeelde. Het enkele feit dat de benadeelde ook in het verleden bekend was met blaasproblemen maakt nog niet dat geen sprake is van rechtstreekse schade als gevolg van de verkrachting. In het civiele recht heeft immers te gelden dat men het slachtoffer moet nemen zoals het is, ook indien sprake is van een predispositie wat inhoudt dat het slachtoffer een bepaalde aanleg, dan wel kwetsbaarheid heeft die hem of haar bovengemiddeld vatbaar maakt voor het ontstaan van bepaalde klachten. Het feit dat de benadeelde na de verkrachting door de verdachte meermaals gekatheteriseerd moest worden, moet dus de verdachte worden aangerekend, ook als dit (mede) teweeg is gebracht door de persoonlijke predispositie van de benadeelde die ook in het verleden bekend was met blaasproblemen. Het hof verwerpt het verweer van de verdediging.
Op grond van artikel 6:106 aanhef en onder b BW heeft de benadeelde partij recht op een naar billijkheid vast te stellen vergoeding van immateriële schade nu zij gelet op de aard en ernst van de normschending en van de gevolgen daarvan in haar persoon is aangetast op andere wijze. Het hof heeft bij het vaststellen van de omvang van de immateriële schade onder meer acht geslagen op de Rotterdamse Schaal. In hoofdstuk 4.10 wordt schade aan de blaas behandeld, waarbij in de laagste categorie (d) – waarbij de blaas vrijwel volledig herstelt (hetgeen niet het geval is bij de benadeelde) – al een bandbreedte wordt genoemd van € 16.000 tot € 21.000 en de categorie daarboven (c) – waarbij controle over de blaas ernstig is beperkt met enige pijn en incontinentie – de bandbreedte oploopt van € 44.000 tot € 55.000. Daarnaast heeft het hof acht geslagen op hoofdstuk 15, waarbij in categorie (b) voor een ernstige verkrachting waarbij sprake is van bijzonder ernstige omstandigheden, zoals het gebruik van ernstig geweld, een bandbreedte wordt genoemd van € 7.500 tot € 15.000. Verder heeft het hof bij de bepaling van de omvang van de immateriële schade gelet op de aard, de ernst en de verwijtbaarheid van het onrechtmatige handelen van de verdachte, alsmede de ernst van de inbreuk die daarmee op de lichamelijk integriteit van de benadeelde partij is gemaakt, haar jonge leeftijd en bijzondere kwetsbaarheid en de nadelige gevolgen die het handelen van de verdachte heeft gehad en nog steeds heeft op haar dagelijks leven. Alles afwegend stelt het hof de omvang van de immateriële schade daarom vast op de gevorderde € 25.000,00. De wettelijke rente over het toegewezen bedrag zal het hof toewijzen vanaf de pleegdatum tot aan de dag der algehele voldoening.
Het hof zal de verdachte tevens veroordelen in de proceskosten aan de zijde van de benadeelde partij. Voorts zal de verdachte worden veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging van dit arrest door de benadeelde partij nog te maken kosten. Deze proceskosten zijn tot op heden begroot op nihil.
Het hof zal tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen op de hierna te noemen wijze om te bevorderen dat de schade door de verdachte wordt vergoed.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 4]
De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 5.000,00. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van de oorspronkelijke vordering.
Het hof spreekt de verdachte vrij van het onder 4 primair en subsidiair tenlastegelegde. De benadeelde partij kan daarom binnen deze strafprocedure niet in de vordering worden ontvangen. De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep wel bekend zich onrechtmatig jegens [slachtoffer 4] te hebben gedragen door onder meer zonder haar toestemming een foto van haar op twee internetforums te openbaren. Het hof zal de vordering van de benadeelde partij daarom niet-ontvankelijk verklaren, zodat zij haar vordering nog bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De op te leggen straf en maatregelen zijn gegrond op de artikelen 36f, 38v, 38w, 57, 242, 248 en 248e van het Wetboek van Strafrecht.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 4 primair en 4 subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) jaren.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Legt op de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid inhoudende dat de veroordeelde voor de duur van 5 jaren op geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedag 3] 2004) en [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedag 2] 1998).
Beveelt dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan. De duur van deze vervangende hechtenis bedraagt 7 dagen voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een gezamenlijk maximum van 6 maanden.
Toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichtingen ingevolge de opgelegde maatregel niet op.
Beveelt dat de opgelegde maatregel dadelijk uitvoerbaar is.
Beveelt dat de tijd die de verdachte al onderworpen is geweest aan de door de rechtbank opgelegde en dadelijk uitvoerbaar verklaarde vrijheidsbeperkende maatregel bij de uitvoering van de opgelegde vrijheidsbeperkende maatregel in mindering zal worden gebracht.
Beveelt daarnaast dat de vervangende hechtenis die eventueel al is tenuitvoergelegd, eveneens bij een eventuele tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis in mindering wordt gebracht.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]
Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer 2] ter zake van het onder 2 bewezenverklaarde tot het bedrag van € 41.995,00 (eenenveertigduizend negenhonderdvijfennegentig euro) bestaande uit € 26.995,00 (zesentwintigduizend negenhonderdvijfennegentig euro) materiële schade en € 15.000,00 (vijftienduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Veroordeelt de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.
Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 2] , ter zake van het onder 2 bewezenverklaarde een bedrag te betalen van € 41.995,00 (eenenveertigduizend negenhonderdvijfennegentig euro) bestaande uit € 26.995,00 (zesentwintigduizend negenhonderdvijfennegentig euro) materiële schade en € 15.000,00 (vijftienduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Bepaalt de duur van de gijzeling op ten hoogste 198 (honderdachtennegentig) dagen. Toepassing van die gijzeling heft de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet op.
Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt.
Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente voor de materiële en de immateriële schade op 8 januari 2021.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3]
Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer 3] ter zake van het onder 3 bewezenverklaarde tot het bedrag van € 27.193,37 (zevenentwintigduizend honderddrieënnegentig euro en zevenendertig cent) bestaande uit € 2.193,37 (tweeduizend honderddrieënnegentig euro en zevenendertig cent) materiële schade en € 25.000,00 (vijfentwintigduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Veroordeelt de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.
Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 3] , ter zake van het onder 3 bewezenverklaarde een bedrag te betalen van € 27.213,37 (zevenentwintigduizend tweehonderddertien euro en zevenendertig cent) bestaande uit € 2.213,37 (tweeduizend tweehonderddertien euro en zevenendertig cent) materiële schade en € 25.000,00 (vijfentwintigduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Bepaalt de duur van de gijzeling op ten hoogste 149 (honderdnegenenveertig) dagen. Toepassing van die gijzeling heft de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet op.
Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt.
Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente voor de materiële en de immateriële schade op 23 april 2021.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 4]
Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 4] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding.
Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.R.O. Mooy, mr. A.E. Kleene-Krom en mr. B. de Wilde, in tegenwoordigheid van mr. R.J.C. Wegerif, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 18 september 2026.
Mr. De Wilde is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.