beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.363.911/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 20 oktober 2026
inzake
in het uittredingsverzoek
[A] ,
wonende te Garbsen, Bondsrepubliek Duitsland,
VERZOEKER,
advocaten: mr. H.K. Schrama en mr. V.L. Denswil, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BOPAEX INVESTMENTS B.V.,
gevestigd te Aerdenhout,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BOPAEX BEHEER- EN EXPLOITATIEMAATSCHAPPIJ B.V.,
gevestigd te Aerdenhout,
VERWEERSTERS
advocaten: mr. L.I. Velthuysen en mr. T. Visser, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
en tegen
[B] ,
wonende te Haarlem
BELANGHEBBENDE,
niet verschenen,
in het uitstotingsverzoek
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BOPAEX BEHEER- EN EXPLOITATIEMAATSCHAPPIJ B.V.,
gevestigd te Aerdenhout,
VERZOEKSTER
advocaten: mr. L.I. Velthuysen en mr. T. Visser, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
[A] ,
wonende te Garbsen, Bondsrepubliek Duitsland,
VERWEERDER,
advocaten: mr. H.K. Schrama en mr. V.L. Denswil, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
en tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BOPAEX INVESTMENTS B.V.,
gevestigd te Aerdenhout,
BELANGHEBBENDE,
advocaten: mr. L.I. Velthuysen en mr. T. Visser, beiden kantoorhoudende te Amsterdam
1. Het verloop van het geding
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikking van 6 oktober 2026.
Bij beschikking van 6 oktober 2026 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar de waarde van de door [A] gehouden aandelen in Bopaex Investments B.V., en een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten.
2. De gronden van de beslissing
De Ondernemingskamer zal thans de hierna te vermelden persoon aanwijzen als deskundige, een en ander als bedoeld in de beschikking van 6 oktober 2026.
3. De beslissing
De Ondernemingskamer:
wijst aan als deskundige als bedoeld in de beschikking van 6 oktober 2026 in deze zaak:
ir. A.B. Sparrius CVA RV te Amsterdam;
Deze beschikking is gegeven door mr. E. Loesberg, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. W.A.H. Melissen, raadsheren, en drs. G. Eikelenboom AG en mr. drs. F. Marring RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. S. IJntema, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 20 oktober 2026.