Toepasselijke wettelijke voorschriften
De artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24a, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde straffen en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 900,00 (negenhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 9 (negen) dagen hechtenis.
Bepaalt dat het totaal van de geldboetes mag worden voldaan in 3 (drie) termijnen van 1 maand, elke termijn groot € 300,00 (driehonderd euro).
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 (zes) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de bijkomende straf van ontzegging, groot 3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met dien verstande dat artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht aan de wettelijke voorschriften wordt toegevoegd.
Gewezen door mr. D.A.C. Koster, in bijzijn van mr. C.H. Sillen en mr. L.A.H. van Wieren, griffiers.
mr. D.A.C. Koster