beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.352.252/01 OK (enquêteprocedure) en 200.353.491/01 OK (geschillenregeling)
beschikking van de Ondernemingskamer van 26 februari 2026
in de zaak met zaaknummer 200.352.252/01 OK (enquêteprocedure) van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[aandeelhouder 1] .,
gevestigd te [plaats] ,
VERZOEKSTER,
advocaten: mr. T.J. Teggelaar en mr. L.R. Verhagen, kantoorhoudende te Nijmegen,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[vennootschap 1] .,
gevestigd te [plaats] ,
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[aandeelhouder 2] ,
gevestigd te [plaats] ,
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[dochter 2] ,
gevestigd te [plaats] ,
advocaat: mr. S.J. Bruins Slot, kantoorhoudende te Zaltbommel,
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[dochter 3] ,
gevestigd te [plaats] ,
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[dochter 1] ,
gevestigd te [plaats] ,
VERWEERSTERS,
e n t e g e n
[bestuurder 1] ,
gevestigd te [plaats] ,
advocaat: mr. S.J. Bruins Slot, kantoorhoudende te Zaltbommel,
BELANGHEBBENDE
en in de zaak met zaaknummer 200.353.491/01 OK (geschillenregeling) van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[bestuurder 1]
gevestigd te [plaats] ,
VERZOEKSTER,
advocaat: mr. S.J. Bruins Slot, kantoorhoudende te Zaltbommel,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[aandeelhouder 1] .,
gevestigd te [plaats] ,
VERWEERSTER,
advocaten: mr. T.J. Teggelaar en mr. L.R. Verhagen, kantoorhoudende te Nijmegen,
en tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[vennootschap 1] .,
gevestigd te [plaats] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. S.J. Bruins Slot, kantoorhoudende te Zaltbommel.
Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid:
1. Het verloop van het geding in beide zaken
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikking van 17 juni 2025.
Bij die beschikking heeft de Ondernemingskamer (in de enquêteprocedure) een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van [vennootschap 1] c.s. over de periode vanaf 1 januari 2024. De aanwijzing van een onderzoeker is daarbij voorlopig aangehouden. Voorts heeft de Ondernemingskamer bij die beschikking, bij wijze van onmiddellijke voorziening met onmiddellijke ingang en vooralsnog voor de duur van het geding J.C. Jaakke als bestuurder van [vennootschap 1] benoemd aan wie in het bestuur van [vennootschap 1] – voor zover nodig in afwijking van de statuten – een beslissende stem toekomt en die zelfstandig bevoegd is [vennootschap 1] te vertegenwoordigen en zonder wie [vennootschap 1] niet vertegenwoordigd kan worden.
De Ondernemingskamer heeft aanleiding gezien deze bestuurder in het bijzonder ook tot taak te geven om in het belang van [vennootschap 1] c.s. en de met haar verbonden onderneming, met partijen te onderzoeken op welke wijze tot een voor alle betrokkenen accepteerbare, financierbare en werkbare ontvlechting van de belangen van de aandeelhouders kan worden gekomen.
De Ondernemingskamer heeft in de geschillenregelingsprocedure de beslissing op het verzoek om uitstoting van [aandeelhouder 1] als aandeelhouder van [vennootschap 1] aangehouden om te bezien of met het treffen van de hiervoor genoemde onmiddellijke voorziening en in het bijzonder ook de daarbij aan de te benoemen bestuurder opdragen bijzondere taak een oplossing van het geschil kan worden gevonden die beter aansluit bij de wensen en (on)mogelijkheden van de beide aandeelhouders, dan mogelijkerwijs met de enkele uitstoting van [aandeelhouder 1] als aandeelhouder van [vennootschap 1] kan worden bereikt.
Bij e-mailbericht van 20 februari 2026 heeft mr. B. Tideman namens J.C. Jaakke en [vennootschap 1] de Ondernemingskamer bericht dat partijen onderling overeenstemming hebben bereikt over een minnelijke regeling. Als gevolg hiervan worden de onderhavige procedures ingetrokken met compensatie van kosten, zodat ieder de eigen proceskosten draagt.
Bij e-mailbericht van 23 februari 2026 heeft mr. Bruins Slot namens verweerders in de enquêteprocedure tevens verzoekster in de geschillenregeling de juistheid van het e-mailbericht van mr. Tideman bevestigd.
Bij e-mailbericht van 24 februari 2026 heeft mr. Verhagen namens [aandeelhouder 1] eveneens de juistheid van het e-mailbericht van mr. Tideman bevestigd.
2. De gronden van de beslissing
In de enquêteprocedure
Nu partijen een regeling hebben getroffen, er geen bezwaren zijn ontvangen tegen het verzoek tot beëindiging van het bevolen onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorzieningen en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich tegen toewijzing van het verzoek verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen in die zin dat zij het bij de beschikking van 17 juni 2025 in de enquêteprocedure bevolen onderzoek en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorzieningen zal beëindigen, een en ander met ingang van heden.
In de geschillenregelingsprocedure
De Ondernemingskamer heeft in de uitspraak van 17 juni 2025 de beslissing op het uitstotingsverzoek aangehouden. Nu partijen een minnelijke regeling hebben getroffen behoeft dit uitstotingsverzoek geen beoordeling en beslissing meer. [bestuurder 1] zal dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard in haar verzoek tot uitstoting van [aandeelhouder 1] als aandeelhouder van [vennootschap 1] .
3. De beslissing
De Ondernemingskamer:
in de zaak met rolnummer 200.352.252/01 OK
beëindigt met ingang van heden het bij de beschikking van 17 juni 2025 bevolen onderzoek en de bij de beschikking getroffen onmiddellijke voorziening;
in de zaak met zaaknummer 200.353.491/01 OK
verklaart [bestuurder 1] niet ontvankelijk in haar verzoek;
in beide zaken
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, voorzitter, mr. W.A.H. Melissen en mr. E. Loesberg, raadsheren, en dr. M.J.R. Broekema RV en drs. G. Eikelenboom AG, raden, in tegenwoordigheid van mr. N.E.M. Keereweer, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 26 februari 2026.