ECLI:NL:GHARL:2016:3930

ECLI:NL:GHARL:2016:3930, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23-05-2016, WAHV 200.154.836

Instantie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak 23-05-2016
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer WAHV 200.154.836
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 5 zaken

Aangehaald door

Samenvatting

Foto van snelheidsmeting van een motorfiets onbruikbaar omdat er twee voertuigen op de foto staan? Nee. Na onderzoek door Gatso, op initiatief van het openbaar ministerie, is gebleken dat de meting het voertuig van de betrokkene betreft. Sanctie terecht aan de betrokkene opgelegd.

Uitspraak

De beslissing van de kantonrechter

WAHV 200.154.836

23 mei 2016

CJIB 171838799

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

locatie Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland

van 4 juli 2014

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

wonende te [woonplaats].

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie genomen beslissing ongegrond verklaard.

Het procesverloop

De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.

De betrokkene is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Hiervan is geen gebruik gemaakt.

Beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van € 157,- opgelegd ter zake van “Overschrijding maximum snelheid op (auto)wegen buiten bebouwde kom, met 19 km/h (verkeersbord A1)”, welke gedraging zou zijn verricht op 2 mei 2013 om 17.38 uur op de Provincialeweg N245 te Noord-Scharwoude met het voertuig met het kenteken [kenteken].

2. De betrokkene stelt dat de constatering dat hij te hard heeft gereden niet juist is. Hij voert daartoe aan dat er meerdere voertuigen op de foto zijn te zien, waardoor er sprake kan zijn van reflectie, in welk geval er geen betrouwbare meting is. Daarbij merkt de betrokkene op dat het een complex proces is, dat gemakkelijk fout gaat; het verkeerd uitlijnen door de verbalisant is mensenwerk en dat is al genoeg om verkeerde waardes te krijgen. Voorts heeft de betrokkene het sjabloon op de tweede foto getekend, en ook daaruit volgt dat de foto onbruikbaar is, nu daarop is te zien dat er twee voertuigen in het meetgebied bevinden. Tenslotte voert de betrokkene aan dat er geen rijbaan lane wordt genoemd, zoals rijbaan 1,2 of 3, waardoor duidelijk zou kunnen worden wie de snelheidsovertreding heeft begaan.

3. In WAHV-zaken biedt de ambtsedige verklaring van de verbalisant in beginsel een voldoende grondslag voor de vaststelling dat de gedraging is verricht. Dat is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert, die aanleiding geven te twijfelen aan de juistheid van één of meer onderdelen van de ambtsedige verklaring dan wel indien uit het dossier zulke feiten en omstandigheden blijken.

4. De ambtsedige verklaring van de verbalisant zoals opgenomen in het zaakoverzicht van het CJIB houdt, naar de onder 1 genoemde datum, tijd, plaats en het kenteken van het voertuig, onder meer het volgende in:

“De werkelijke snelheid stelde ik vast m.b.v. een voor de meting geteste, geijkte en op de voorgeschreven wijze gebruikte snelheidsmeetmiddel.

Gemeten (afgelezen) snelheid : 103 km per uur.

Werkelijke (gecorrigeerde) snelheid : 99 km per uur.

Toegestane snelheid : 80 km per uur.

Overschrijding met : 19 km per uur. (…)

Merk van voertuig: Honda

Type van voertuig: SC48. (…)”

5. Het dossier bevat voorts een foto van de gedraging. Uit deze foto en de databalk daaronder blijkt dat het gaat om een afgaande meting (T = tail), waarbij de meetapparatuur, Gatso Digital RSC (= radar camera system), rechts van de rijbaan stond opgesteld. Het voertuig van de betrokkene, een motorfiets met kenteken [kenteken], bevindt zich rechts van het midden van de foto. Op de foto is tevens een ander voertuig te zien, een personenauto. Dit bevindt zich op de rijstrook links van de betrokkene, net voor dat van de betrokkene.

6. Naar aanleiding van het verweer van de betrokkene heeft de advocaat-generaal nadere informatie ingewonnen bij GATSO omtrent de onderhavige snelheidsmeting en de hiervoor beschreven foto. Van de heer [werknemer GATSO], senior advisor bij GATSO, heeft de advocaat-generaal de volgende reactie ontvangen:

"Het betreft hier een opname van 2 mei 2013 gemaakt om 17:38:02 van een motorfiets met een gemeten snelheid van 103 km/h.

Hierin stelt verweerder dat de radar maar 3 punten meet maar dit is niet juist. De radar ontvangt voor een motorfiets gemiddeld tussen de 150-250 metingen en hiervan wordt de gemiddelde snelheid berekend wat in dit geval 103 km/h is.

Bij gebruik van het sjablone (het hof begrijpt: sjabloon) zoals U op de bijgevoegde foto kunt zien, is de motorfiets met zijn achterkant nog in het deel van de sjablone (het hof begrijpt: het sjabloon) dat gebruikt kan worden als er meerdere voertuigen op een foto staan. Als de personenauto gelijktijdig gemeten zou zijn dan had de radar van zowel de motorfiets als de personenauto gereflecteerde metingen ontvangen wat tot verschillende snelheden als resultaat zou opleveren en dan wordt er geen snelheid getoond en ook geen opname gemaakt.

Ik ben van mening dat dit een correcte opname is van de motorfiets gemeten met een snelheid van 103 km/h."

7. De advocaat-generaal heeft de foto met het sjabloon waarnaar de heer [werknemer GATSO] naar verwijst als bijlage bij het verweerschrift gevoegd.

8. Gelet op deze verklaring van de heer [werknemer GATSO] ziet het hof in hetgeen de betrokkene heeft aangevoerd geen aanleiding te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de snelheidsmeting. Nu de betrokkene voor het overige geen voor deze zaak specifieke feiten en omstandigheden heeft aangevoerd die aanleiding geven te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant in het zaakoverzicht, noch uit het dossier zulke feiten en omstandigheden blijken, is naar de overtuiging van het hof komen vast te staan dat de gedraging is verricht.

9. Gelet op het voorgaande heeft de kantonrechter het beroep terecht ongegrond verklaard. Derhalve zal het hof de beslissing van de kantonrechter bevestigen.

Beslissing

Het gerechtshof:

bevestigt de beslissing van de kantonrechter.

Dit arrest is gewezen door mr. Dijkstra, in tegenwoordigheid van mr. Arntz als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. Arntz

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?