De beslissing van de kantonrechter
WAHV 200.153.974
23 mei 2016
CJIB 162895189
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
locatie Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter van de rechtbank Amsterdam
van 26 juni 2014
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [woonplaats] ,
voor wie als gemachtigde optreedt [gemachtigde] , wonende te [woonplaats] .
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie genomen beslissing ongegrond verklaard.
Het procesverloop
De gemachtigde van de betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De gemachtigde van de betrokkene is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Hiervan is geen gebruik gemaakt.
Naar aanleiding van het verweerschrift van de advocaat-generaal is door het hof nadere informatie opgevraagd bij de CVOM.De gemachtigde is in de gelegenheid gesteld op de nadere stukken te reageren. Hiervan is geen gebruik gemaakt.
Beoordeling
3. In de WAHV is geen bepaling opgenomen waarin wordt voorgeschreven dat het proces-verbaal, waarin de beslissing van de kantonrechter is aangetekend, door de rechter die de beslissing gegeven heeft moet worden ondertekend. Artikel 8:77, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 365, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv) houden wel in dat de schriftelijke uitspraak door de rechter moet worden ondertekend. Artikel 378, tweede lid, Sv schrijft evenals voormelde bepalingen van de WAHV voor dat een mondelinge uitspraak in het proces-verbaal van de zitting wordt aangetekend. Dit proces-verbaal dient, gelet op artikel 327 Sv, door de rechter te worden ondertekend.
4. Ondertekening door de rechter dient het belang dat de rechter aldus bevestigt dat de weergegeven beslissing de zijne is. Het betreft hier een uit de beginselen van behoorlijke rechtspleging voortvloeiende eis.
5. Gelet hierop dient ook het in artikel 13, derde lid, WAHV bedoelde proces-verbaal te worden ondertekend door de rechter die de daarin weergegeven beslissing heeft genomen. Nu het proces-verbaal van de ter zitting uitgesproken beslissing niet is ondertekend door de kantonrechter en evenmin is vermeld dat hij buiten staat was het proces-verbaal mede te ondertekenen, moet de beslissing van de kantonrechter worden vernietigd. Het hof zal de zaak naar analogie van artikel 20d, tweede lid, van de WAHV terugwijzen naar de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam.
6. Niet is gebleken dat de betrokkene in hoger beroep proceskosten heeft gemaakt die voor vergoeding in aanmerking kunnen komen.
Beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt de bestreden beslissing en wijst de zaak terug naar de rechtbank Amsterdam ter behandeling en beslissing met inachtneming van dit arrest.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Verstraaten als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.