ECLI:NL:GHARL:2021:1234

ECLI:NL:GHARL:2021:1234, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 09-02-2021, 200.286.572/01

Instantie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak 09-02-2021
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 200.286.572/01
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Leeuwarden
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2022:1387
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 3 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Anticipatie. Appellanten verschijnen niet bij advocaat na anticipatie-exploot. Hof gaat voorbij aan advocaatstelling nadat arrest was gevraagd en wijst het gevraagde ontslag van instantie toe.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.286.572/01

(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 197403)

arrest van 9 februari 2021

in de zaak van

1. de vennootschap naar Duits recht Depra GmbH,

die is gevestigd in Leer (Duitsland),

2. [appellant2],

die woont in [woonplaats1] ,

3. [appellant3],

die woont in [woonplaats1] ,

appellanten,

bij de rechtbank: eisers in de hoofdzaak, verweerders in het incident,

hierna: Depra c.s.,

niet verschenen,

tegen

de naamloze vennootschap naar Duits recht Oldenburgische Landesbank AG,

die is gevestigd in Oldenburg (Duitsland),

geïntimeerde,

bij de rechtbank: gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident,

hierna: OLB,

advocaat: mr. J.J. Veldhuis, die kantoor houdt in Leeuwarden.

1. De procedure bij de rechtbank

Hoe de procedure bij de rechtbank is verlopen, blijkt uit het vonnis in incident van 22 juli 2020 van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Groningen (hierna: de rechtbank). In dat vonnis heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard van de vordering in de hoofdzaak kennis te nemen en Depra c.s. veroordeeld tot betaling van de proceskosten.

2. De procedure in hoger beroep

Bij exploot van 12 oktober 2020 (met één bijlage) is door Depra c.s. hoger beroep ingesteld van het vonnis van 22 juli 2020, met dagvaarding van OLB tegen de zitting van 9 november 2021. In de dagvaarding in hoger beroep zijn mrs. L. de Kok en P. Bavelaar, beiden werkzaam bij Bavelaar & Bavelaar Rechtsanwälte in Amsterdam, vermeld als de advocaten van Depra c.s. De conclusie van de dagvaarding in hoger beroep strekt tot vernietiging van het bestreden vonnis, tot het alsnog toewijzen van de vordering van Depra c.s. en tot veroordeling van OLB tot betaling van de proceskosten in beide instanties.

OLB heeft bij exploot van anticipatie van 23 november 2020 de eerst dienende dag vervroegd naar 8 december 2020. Het exploot van anticipatie is betekend aan het kantoor van mrs. De Kok en Bavelaar voornoemd.

Op de eerst dienende dag heeft zich namens Depra c.s. geen advocaat gesteld.

Aan Depra c.s. is daarop, conform art. 123 lid 1 Rv in verbinding met artikel 353 Rv, gelegenheid gegeven om binnen een door het hof gestelde termijn alsnog advocaat te stellen. De zaak is hiervoor op de rol geplaatst van 22 december 2020. Op deze datum heeft zich voor Depra c.s. geen advocaat gesteld.

Op de rol van 22 december 2020 heeft OLB gevraagd om bij arrest te worden ontslagen van de instantie. Arrest is bepaald op heden, te wijzen op het griffiedossier.

3. De beoordeling

Het hof stelt vast dat Depra c.s. binnen de hen gegeven termijn geen gebruik hebben gemaakt van de geboden gelegenheid tot herstel van het verzuim van advocaatstelling. Op 22 januari 2021 is er een H2-formulier ontvangen waarin mr. Bavelaar zich alsnog stelt voor Depra c.s. Hieraan gaat het hof voorbij, aangezien deze advocaatstelling buiten de gestelde termijn heeft plaatsgevonden en de zaak in staat van wijzen was. OLB zal daarom van de instantie worden ontslagen.

Met toepassing van art. 123 lid 2 Rv zullen Depra c.s. worden veroordeeld in de kosten van het geding in hoger beroep (salaris advocaat: ½ punt in tarief II)..

De beslissing

Het hof, rechtdoende in hoger beroep:

ontslaat OLB van de instantie (de procedure in hoger beroep);

veroordeelt Depra c.s. in de kosten van het geding in hoger beroep en stelt die kosten aan de zijde van OLB tot aan deze uitspraak vast op € 557,- aan geliquideerd salaris voor de advocaat en op € 865,03 aan verschotten.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.H. Kuiper, M.W. Zandbergen en J. Smit, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op

dinsdag 9 februari 2021.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl NJF 2022/299
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?