ECLI:NL:GHARL:2025:7450

ECLI:NL:GHARL:2025:7450, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25-11-2025, 200.352.148

Instantie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak 25-11-2025
Datum publicatie 15-12-2025
Zaaknummer 200.352.148
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Arnhem
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0002656

Samenvatting

Beëindiging gezag.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem

zaaknummer gerechtshof 200.352.148

zaaknummer rechtbank Midden-Nederland 584080

beschikking van 25 november 2025

over de beëindiging van het gezag

in de zaak van

[verzoekster] (de moeder)

die woont op een geheim adresadvocaat: mr. R. Shahbazi

en

de raad voor de kinderbescherming (de raad)

die is gevestigd in Den Haag

en

de gecertificeerde instelling

stichting Jeugdbescherming Gelderland (de GI)

die is gevestigd in Helmond

en

de gezinshuisouders (van [minderjarige2] ) die wonen op een geheim adres.

1. Samenvatting

De rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, heeft het gezag van de moeder over [minderjarige1] en [minderjarige2] beëindigd. Het hof beslist dat dit zo moet blijven en legt hierna uit waarom.

2. De feiten

[minderjarige1] , geboren [in] 2018, is de dochter van de moeder en van [vader1] . [vader1] heeft [minderjarige1] erkend. Sinds augustus 2019 heeft [vader1] geen contact meer met de moeder en met [minderjarige1] .

[minderjarige2] , geboren [in] 2023, is de zoon van de moeder en van [vader2] . [vader2] heeft [minderjarige2] erkend, maar heeft sinds juni 2023 geen omgang meer met [minderjarige2] .

De moeder heeft het ouderlijk gezag over [minderjarige1] en [minderjarige2] .

De kinderen staan sinds 28 februari 2023 onder toezicht van de GI.

De kinderen zijn op 15 juni 2023 met een (spoed)machtiging van de kinderrechter uit huis geplaatst. [minderjarige1] en [minderjarige2] woonden sinds 19 oktober 2023 samen in een gezinshuis. [minderjarige1] is eind september 2025 overgeplaatst naar een ander gezinshuis.

3. De procedure bij de rechtbank

De raad heeft de rechtbank verzocht het gezag van de moeder te beëindigen.

De rechtbank heeft het verzoek van de raad toegewezen. De GI is benoemd tot voogd van [minderjarige1] en [minderjarige2] . Die beslissing is vastgelegd in een beschikking van 20 februari 2025.

4. De procedure bij het hof

De moeder is het niet eens met de beslissing van de rechtbank. Zij komt daarvan in hoger beroep. Zij wil dat het hof de beslissing van de rechtbank ongedaan maakt.

De raad wil dat de beslissing in stand blijft.

De informatie die het hof heeft ontvangen

Het hof heeft de volgende stukken ontvangen:

het beroepschrift

het verweerschrift van de raad

een journaalbericht van 4 juli 2025 van mr. Shahbazi met de reactie van moeder op het verweerschrift;

een journaalbericht van 9 september 2025 van mr. Shahbazi met als bijlage een mail van de moeder aan de GI;

een journaalbericht van 25 september 2025 van mr. Shahbazi met als bijlage een mail van de moeder aan de GI.

De zitting bij het hof was op 30 september 2025. Aanwezig waren:

de moeder met waarnemend advocaat mr. E.H. van de Gein

twee vertegenwoordigers van de raad

twee vertegenwoordigers van het Landelijk Expertise Team (LET) namens de GI

5. Het oordeel van het hof

Wat staat in de wet?

De rechtbank kan het gezag van een ouder beëindigen als het kind ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. Dat is als er grote zorgen zijn over zijn ontwikkeling. Daarbij moet duidelijk zijn dat de ouder de verzorging en opvoeding niet (binnen een aanvaardbare termijn) weer zelf op zich kan nemen. De aanvaardbare termijn is de periode van onzekerheid, die een kind kan overbruggen zonder ernstige schade in zijn ontwikkeling op te lopen. De rechtbank kan het gezag van een ouder ook beëindigen als de ouder het gezag misbruikt.

Het belang van het kind staat voorop. Een kind dat niet bij zijn ouders kan wonen heeft recht op zekerheid over waar het woont en blijft wonen.

Hoe oordeelt het hof?

Net als de rechtbank en op dezelfde gronden is het hof van oordeel dat is voldaan aan de voorwaarden om het gezag van de moeder te beëindigen. Het hof voegt daar nog het volgende aan toe.

Gebleken is dat de ontwikkeling van [minderjarige1] en [minderjarige2] ernstig wordt bedreigd. Beide kinderen, met name [minderjarige1] , zijn in het verleden beschadigd geraakt. De raad en de GI hebben het hof verteld dat [minderjarige2] profiteert van de rust, veiligheid en voorspelbaarheid in het gezinshuis. [minderjarige2] heeft EMDR therapie gehad en positief afgerond. Hij groeit en ontwikkelt zich goed en volgens zijn leeftijd. De moeder heeft tijdens de zitting beaamd dat het goed gaat met [minderjarige2] . Zij ziet hem eens per twee weken en wekelijks videobellen zij met elkaar. [minderjarige2] is op zijn plek in het gezinshuis. Over [minderjarige1] zijn veel zorgen. Haar gedrag is heftig en zorgwekkend en zij heeft 24-uurs zorg nodig, naast therapie. De moeder heeft tijdens de zitting onderschreven dat de zorgen zijn toegenomen.Het gezinshuis kon [minderjarige1] niet bieden wat zij nodig heeft en zij is eind september 2025 naar een ander gezinshuis (waar zij vaker is geweest in vakanties en op momenten dat het niet goed met haar ging) gegaan. Voor haar moet een passende, perspectief biedende plek worden gevonden waar zij een-op-een begeleiding krijgt. De GI is op zoek naar zo’n plek.

De moeder erkent inmiddels dat zij [minderjarige1] en [minderjarige2] zelf thuis niet de benodigde zorg kan bieden en dat het opvoedperspectief van de kinderen niet bij haar ligt. Als thuisplaatsing niet meer aan de orde is, past het in het systeem van de wet dat het gezag van de ouder(s) op enig moment wordt beëindigd. Een jaarlijkse verlenging van de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing is in dat geval niet langer passend en zou de onzekerheid over het opvoedperspectief voor de kinderen laten voortduren. Daar komt bij [minderjarige1] bijna acht jaar oud is en dat zij betrokken zal worden in de gerechtelijke procedures. Dit kan voor extra spanning en onrust zorgen en dat is niet in haar belang.

De moeder vindt dat de uithuisplaatsing voortgezet kan worden in een vrijwillig kader, en dat gezagsbeëindiging dus niet nodig is.

Het is positief en in het belang van de kinderen dat de moeder instemt met het verblijf van de kinderen in een gezinshuis. Het hof is er echter niet van overtuigd dat volstaan kan worden met een plaatsing in een vrijwillig kader onder handhaving van het gezag van de moeder. Zoals ook is besproken bij de zitting, zijn er grote zorgen over de veiligheid van de moeder. Begin dit jaar heeft zich nog een heel ernstig incident voorgedaan waarbij de vader van [minderjarige2] de moeder, zoals zij tijdens de zitting heeft verteld, gegijzeld heeft gehouden en heeft bedreigd. Deze onveiligheid strekt zich ook uit over de kinderen. De raad en de GI vinden dat er onvoldoende zicht is op de situatie van de moeder. Tijdens de zitting vertelde de moeder pas dat haar behandeling bij [naam] (positief) is afgerond. Dat was een behandeling voor de post-traumatische stressstoornis die verband hield met een geweldsincident door de vader van [minderjarige2] , twee jaar geleden. Ook vertelde zij toen pas meer (in detail) over de hierboven genoemde bedreiging en gijzeling. Hoewel de moeder zeer betrokken is bij haar kinderen, is zij naar de hulpverleners niet altijd open over haar eigen situatie, terwijl dat wel belangrijk is voor de samenwerking (juist in het belang van haar kinderen).

Op dit moment heeft de moeder wekelijks contact met [minderjarige2] . De GI heeft verklaard dat met [minderjarige1] nog geen contact mogelijk is. Er is nog meer hulp nodig voor [minderjarige1] voordat veilig contactherstel met de moeder kan plaatsvinden. Ook is voor [minderjarige1] een stabiele thuisbasis nodig die haar kan opvangen na de omgangsmomenten. Het hof acht de structurele betrokkenheid en begeleiding van de GI als voogd daarbij noodzakelijk. De GI kan kijken naar de hulpverlening voor de kinderen en (uitbreiding van) de omgang met de moeder.

Gelet op de complexe situatie rondom de moeder en de kinderen, ziet het hof geen mogelijkheden binnen een vrijwillig kader. De GI heeft tijdens de zitting bevestigd dat de moeder heel betrokken is bij de kinderen. De moeder heeft gevraagd of de GI haar goed op de hoogte wil houden, vooral waar het gaat over wijzigingen in verblijf en therapieën van [minderjarige1] . Het hof gaat ervan uit dat de GI dat zal doen.

Het hof is van oordeel dat is voldaan aan de gronden om het gezag van de moeder te beëindigen. De beslissing van de rechtbank zal in stand blijven (worden bekrachtigd).

6. De beslissing

Het hof:

bekrachtigt de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, van

20 februari 2025.

Deze beschikking is gegeven door mrs. E. de Boer, K. Mans en M.E.L. Klein, bijgestaan door de griffier en is in het openbaar uitgesproken op 25 november 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?