GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
beslissing van 22 mei 2025
mr. H.K. Elzinga
zittingsplaats Leeuwarden
meervoudige kamer voor behandeling van wrakings- en verschoningsverzoeken
zaaknummer gerechtshof 200.354.873/01
op het schriftelijke verzoek van:
raadsheer-plaatsvervanger in dit hof.
Het verloop van de procedure
Op 20 mei 2025 heeft een inhoudelijke behandeling door een meervoudige strafraadkamer plaatsgevonden van het verzoek om vergoeding van kosten en schade ex de artikelen 530 en 533 van het Wetboek van Strafvordering dat afkomstig [naam]V. Tarinskij (AV-nummers 0247-25 en 0248-25).
Mr. H.K. Elzinga maakte deel uit van die meervoudige strafraadkamer van het hof.
Op 21 mei 2025 is door mr. H.K. Elzinga een verschoningsverzoek ingediend. Zij heeft aangegeven zich in voornoemde zaak te willen verschonen. Tijdens de behandeling van het verzoek is haar gebleken dat de advocaat van verzoeker, mr. M.M. Scholten, een collega van haar is, nu zij beiden werkzaam zijn bij de vakgroep strafrecht en criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen.
Het verschoningsverzoek is op 22 mei 2025 door de meervoudige kamer voor behandeling van wrakings- en verschoningsverzoeken beoordeeld.
De beoordeling van het verzoek
Op grond van artikel 517 jo. artikel 512 van het Wetboek van Strafvordering kan elk van de rechters die een zaak behandelen, verzoeken zich te mogen verschonen op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
Het verzoek van mr. H.K. Elzinga zich in voornoemde zaak te willen verschonen moet, gelet op wat zij daaraan ten grondslag heeft gelegd, worden toegewezen.
Bovenstaande brengt mee dat het onderzoek in voornoemde zaak zal moeten worden heropend.
De beslissing
Het gerechtshof (meervoudige kamer voor behandeling van wrakings- en verschonings-verzoeken):
wijst het verzoek tot verschoning van mr. H.K. Elzinga in de [naam]V. Tarinskij (AV 0247-25 en 0248-25) toe.
Deze beslissing is gegeven door mrs. L.G. Wijma, J.J. Beswerda en W.F. Boele, leden van de meervoudige kamer voor behandeling van wrakings- en verschoningsverzoeken, en is in tegenwoordigheid van de griffier, mr. W. Landstra, in het openbaar uitgesproken op 22 mei 2025.