Overwegingen
Het standpunt van de terbeschikkinggestelde
De terbeschikkinggestelde wil dat de maatregel wordt verlengd met één jaar in plaats van twee jaren. Zij geeft aan dat het goed met haar gaat en dat zij haar medicatie trouw inneemt. Zij heeft dit in eigen beheer en ziet ook het belang van de medicatie in. Momenteel praktiseert de terbeschikkinggestelde begeleid verlof en zij zou graag zien dat het traject sneller wordt doorlopen. De kliniek wil dat zij een jaar begeleid verlof praktiseert voordat de machtiging voor onbegeleid verlof wordt aangevraagd, maar de terbeschikkinggestelde zou daar liever al na drie maanden of een half jaar mee starten. Zij wil haar behandeling graag verder voortzetten in een GGZ-instelling. De raadsman heeft verzocht de maatregel te verlengen met één jaar zodat de voortgang van de behandeling en aspecten van het resocialisatietraject binnen afzienbare tijd opnieuw kunnen worden beoordeeld.
Het standpunt van het openbaar ministerie
De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing van de rechtbank. Aan de wettelijke criteria voor verlenging van de maatregel is voldaan. Uit de informatie van de kliniek blijkt dat er positieve stappen worden gezet. Er zijn echter nog belangrijke doelen die moeten worden nagestreefd. De verlofstappen en vrijheden moeten worden uitgebreid en dat moet in kleine stappen. Een verlenging met twee jaren is daarom aangewezen.
Het oordeel van het hof
Vernietiging
Het hof zal de beslissing van de rechtbank vernietigen omdat het tot een andere beslissing komt met betrekking tot de duur van de verlenging van de maatregel.
Indexdelicten
Het hof stelt vast dat de terbeschikkinggestelde bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 19 april 2023 is veroordeeld voor opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander te duchten is. Dat is een misdrijf dat gericht is tegen en/of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen. De terbeschikkingstelling is daarom niet in duur beperkt.
Stoornis en recidivegevaar
Uit het verlengingsadvies van FPC [locatie] van 10 september 2025 volgt dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van een schizo-affectieve stoornis van het bipolaire type en een posttraumatische stressstoornis welke in remissie is.
Uit ditzelfde advies volgt dat het recidiverisico als hoog wordt ingeschat in geval van beëindiging van het toezicht of de maatregel. Het algemene risicomanagement bestaat uit een hoge mate van (externe) structuur, toezicht en intensieve begeleiding. Voor een effectief risicomanagement is het essentieel dat de terbeschikkinggestelde medicatietrouw is en hiervoor gemotiveerd wordt. In de aanvullende informatie van 20 januari 2026 wordt het advies om de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar te verlengen gehandhaafd.
Verlenging
Gelet op de adviezen van FPC [locatie] en de andere omstandigheden die op de zitting naar voren zijn gekomen, stelt het hof vast dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van een stoornis en dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen en goederen verlenging van de terbeschikkingstelling eist.
Duur van de verlenging
Het hof heeft als uitgangspunt dat de terbeschikkingstelling verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling en resocialisatie van de terbeschikkinggestelde in het bestaande juridische kader meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging van met een termijn van een jaar. Het hof ziet in dit geval – anders dan de rechtbank – aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken.
Uit de aanvullende informatie van FPC [locatie] blijkt dat de terbeschikkinggestelde inmiddels is gestart met begeleide verloven. De verwachting is dat na ongeveer een jaar een machtiging voor onbegeleid verlof zal worden aangevraagd. Wanneer die er is, kan de terbeschikkinggestelde worden aangemeld bij de Forensisch Psychiatrische Afdeling (FPA). Hoewel het hof de koers van de kliniek onderschrijft, begrijpt het hof niet zonder meer waarom nu reeds wordt vastgesteld dat bij een verder goed verloop van het traject pas na een jaar een machtiging voor onbegeleid verlof kan worden aangevraagd. Het hof acht het daarom wenselijk dat op kortere termijn een toetsingsmoment plaatsvindt om de voortgang van het traject te kunnen bezien en ziet daarom reden de maatregel te verlengen met een jaar.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt de beslissing van de rechtbank Noord-Holland, zittingsplaats Alkmaar, van 23 oktober 2025 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [terbeschikkinggestelde].
Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar.
Aldus op 26 februari 2026 beraadslaagd en beslist door
mr. O.G. Schuur, voorzitter,
mr. M. Keppels en mr. P.C. Vegter, raadsheren,
en dr. W.J. Canton en drs. I.A.M. Breukel, raden,
in tegenwoordigheid van mr. I.M.G. van der Lee, griffier,
en vervolgens schriftelijk vastgelegd en op 12 maart 2026 in het openbaar uitgesproken.
De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.