[Verdachte] ,
Hoger beroep
Onderzoek van de zaak
De beslissing
Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-001562-25
Uitspraakdatum: 2 april 2026
TEGENSPRAAK
ONTNEMINGSZAAK
Arrest van de militaire kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen de beslissing van de militaire kamer van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, van 24 maart 2025 met parketnummer 05-061779-24 op de ontnemingsvordering, in de zaak tegen
geboren op [Geboortedatum] 1996 in [Geboorteplaats] ,
wonende te [Adres] .
Betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de militaire kamer van de rechtbank Gelderland.
Het hof heeft bij de beslissing betrokken wat op de zitting van het hof van 19 maart 2026 en wat er op de zitting bij de rechtbank besproken is.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.
Verder heeft het hof kennisgenomen van wat betrokkene en zijn raadsman, mr. E.A. Breetveld, hebben aangevoerd.
De militaire kamer van de rechtbank heeft het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vastgesteld op € 17.800,- en aan betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 11.745,25.
Het hof is van oordeel dat de rechtbank op goede gronden en juiste wijze heeft beslist. Het hof zal de uitspraak, zij het met aanvulling van de gronden op de wijze zoals hierna is vermeld, bevestigen.
Aanvulling van de gronden
Het hof ziet in de facturen die zien op de inkoop van 3-MMC, die de raadsman ter terechtzitting in hoger beroep heeft overgelegd, geen aanleiding om het wederrechtelijk verkregen voordeel naar beneden bij te stellen, nu bij de berekening van dat voordeel al rekening is gehouden met een (zelfs hogere dan daadwerkelijke) inkoopprijs van de 3-MMC.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt de uitspraak waarvan beroep, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door mr. R.H. Koning, mr. S. Bek en commandeur mr. F.E. Venema, militair lid, in aanwezigheid van de griffier mr. M.E. Ruiter en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 2 april 2026.
Commandeur mr. F.E. Venema is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 2 april 2026.
Tegenwoordig:
mr. R.H. Koning, voorzitter,
mr. M.C. Polfliet, advocaat-generaal,
mr. A.S. Janssen, griffier.
De voorzitter doet de zaak uitroepen.
De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.
De voorzitter spreekt het arrest uit.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.