[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1981 in [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] .
Hoger beroep
Verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de zittingen van het hof van 9 april 2026 en het onderzoek op de zitting bij de politierechter.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot veroordeling van verdachte ter zake van opzetheling tot een gevangenisstraf van 2 weken met aftrek. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.
Verder heeft het hof kennisgenomen van wat namens de verdachte door zijn raadsman, mr. E. Albayrak, is aangevoerd.
Het vonnis
De politierechter heeft verdachte bij vonnis van 18 februari 2025, waartegen dit hoger beroep is gericht, verdachte ter zake van opzetheling veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twee weken.
Het hof komt in dit arrest tot een andere beslissing over het bewijs dan de politierechter. Het hof vernietigt daarom het vonnis en doet opnieuw recht.
Tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 16 augustus 2024 te [plaats] , een fiets, althans een goed heeft verworven, voorhanden heeft gehad, en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.
Vrijspraak
Het hof heeft uit het onderzoek op de zitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging gekregen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan. Daarom spreekt het hof verdachte daarvan vrij. Het hof overweegt als volgt.
Verdachte wordt door een handhavingsteam op 16 augustus 2024 te [plaats] gezien terwijl hij zich verdacht gedraagt. Hij kijkt veel om zich heen en loopt onrustig heen en weer. Verdachte heeft een elektrische fiets bij zich. Verdachte verschuilt zich met deze elektrische fiets achter een heg op het moment dat een politieauto voorbij komt. De handhavers zien dat de elektrische fiets geen origineel slot heeft en dat het zadel te hoog afgesteld lijkt voor verdachte. Daarnaast is het opvallend dat verdachte ondanks het warme weer, handschoenen draagt. Tijdens de aanhouding treffen ze bij verdachte verschillende gereedschappen, verschillende drugs en een fles “drain unblocker” (korrelontstopper) aan. Deze goederen zijn inbeslaggenomen. De elektrische fiets die verdachte bij zich heeft blijkt gestolen te zijn. De verdachte heeft in zijn verhoor geen verklaring gegeven over hoe hij aan de fiets komt.
Het hof is van oordeel dat de hiervoor genoemde omstandigheden erop wijzen dat verdachte verantwoordelijk is voor de diefstal van de elektrische fiets. Dit is echter niet tenlastegelegd. Verdachte wordt om die reden vrijgesproken.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
Dit arrest is gewezen door mr. A.F. van Kooij, mr. J. Hielkema en mr. A. Meester, in aanwezigheid van de griffier mr. E.M.M. Hendriks Vettehen en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 23 april 2026.