GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
zittingsplaats Leeuwarden
Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Den Haag van 15 januari 2025, betreffende
wonende te [woonplaats].
De gemachtigde van de betrokkene is M.J.M. Bergers, kantoorhoudende te Maastricht.
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.
Het verloop van de procedure
De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
De beoordeling
1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 160,- voor: “het kenteken is niet behoorlijk zichtbaar aanwezig op of aan het motorrijtuig”. Deze gedraging zou zijn verricht op 17 augustus 2023 om 13:52 uur op de Oranje Nassausingel in Alphen aan den Rijn met het voertuig met het kenteken [kenteken].
2. De gemachtigde van de betrokkene betwist dat de gedraging heeft plaatsgevonden. De staandehouding werd verricht door vier agenten, van wie twee of drie in opleiding waren en één agent als begeleider fungeerde. De agenten zijn bijna drie kwartier bezig geweest om te beoordelen of de kentekenplaat van de betrokkene te schuin gemonteerd was. De betrokkene moest daarbij zelf de motorfiets rechtop houden, terwijl de agenten op provisorische wijze de hellingshoek van de kentekenplaat bepaalden. De betrokkene vraagt zich af of deze manier van meten is toegestaan. De motor is nieuw geleverd door de Ducati-dealer, waarbij de kentekenplaat onderdeel was van het optionele carbon sportpakket, zoals door Ducati af-fabriek wordt geleverd. De betrokkene kon dus niet weten dat de plaat mogelijk schuin stond. Bovendien gaven de ambtenaren aan zelf te twijfelen en hadden zij ook kunnen volstaan met een waarschuwing. Volgens de gemachtigde is het bijzonder dat de kantonrechter verwijst naar artikel 7, zesde lid, van de Regeling kentekens en kentekenplaten, omdat dit artikellid niet ten grondslag ligt aan de gedraging, maar artikel 40 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994).
3. De gedraging waarvoor de sanctie is opgelegd is gebaseerd op artikel 40 van de WVW 1994. Deze bepaling luidt, voor zover hier van belang, als volgt:
“1. Het kenteken dient behoorlijk zichtbaar op of aan het motorrijtuig of de aanhangwagen aanwezig te zijn.
2. Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels vastgesteld omtrent de inrichting, het aanbrengen en de verlichting van het kenteken en worden regels vastgesteld omtrent de kentekenplaat. (...)
3. Bij ministeriële regeling worden nadere regels vastgesteld ter uitvoering van het bepaalde krachtens het tweede lid.”
4. Het op artikel 40, derde lid, van de WVW 1994 gebaseerde artikel 7 van de Regeling kentekens en kentekenplaten houdt onder meer het volgende in:
“2. Bij motorrijtuigen op twee of drie wielen (…) moet de kentekenplaat zijn aangebracht aan de achterzijde van het motorrijtuig op de daartoe bestemde plaats. (…)
6. De kentekenplaat moet loodrecht op het verticale mediaanvlak van het voertuig zijn aangebracht en zich in verticale stand bevinden, met een tolerantie van 5%. Indien de vorm van het voertuig zulks vereist, mag de kentekenplaat evenwel de volgende helling ten opzichte van de verticale stand hebben:
a. indien de van het kenteken voorziene zijde van de kentekenplaat naar boven is gekeerd, een hoek van ten hoogste 30°, mits de bovenrand van de kentekenplaat zich niet hoger dan 1.20 m boven het wegdek bevindt,
b. indien de van het kenteken voorziene zijde van de kentekenplaat naar beneden is gekeerd, een hoek van ten hoogste 15°, mits de bovenrand van de kentekenplaat zich op een grotere hoogte dan 1.20 m boven het wegdek bevindt.
8. De kentekenplaat moet zodanig op het motorrijtuig dan wel de aanhangwagen bevestigd, dat:
a.de kentekenplaat en het kenteken aan de achterzijde van het voertuig over de volle, in de bijlage voorgeschreven, oppervlakte zichtbaar is voor een waarnemer, die zich op een afstand van 20 m midden achter het voertuig bevindt. (…)”.
5. Een daartoe aangewezen ambtenaar kan op grond van artikel 3, tweede lid, van de Wahv een administratieve sanctie opleggen voor een gedraging die door deze ambtenaar zelf of op geautomatiseerde wijze is vastgesteld. Dat de gedraging is verricht, moet voldoende blijken uit de beschikbare gegevens. Of van de juistheid van deze gegevens kan worden uitgegaan, is ervan afhankelijk of de betrokkene argumenten heeft aangevoerd die leiden tot twijfel aan de juistheid van (delen van) die gegevens dan wel het dossier daar aanleiding toe geeft.
6. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens:
“Wij, verbalisanten, zagen dat de kentekenplaat niet voldeed aan de wettelijke eisen. Wij hebben de hoek van de kentekenplaat door middel van een hoekmeter gemeten. Wij zagen dat de hoek 47 graden betrof.
Opmerkingen ambtenaar 1: Wij hebben betrokkene een waarschuwing gegeven voor het feit dat zijn motorvoertuig niet was voorzien van een rode retroreflector aan de achterzijde van het voertuig.
Verklaring betrokkene: Ik heb de motor zo bij de dealer gekocht. Het is een showroommodel en die wilde ik zo hebben.”
7. Verder bevat het dossier de foto die de ambtenaar ter plaatse heeft gemaakt. Hierop is de kentekenplaat van het voertuig van de betrokkene te zien, waartegen een hoekmeter is geplaatst. Deze hoekmeter geeft een hoek van 47 graden aan.
8. Ingevolge artikel 40 van de WVW 1994 dient de kentekenplaat ten minste te voldoen aan de eisen gesteld in artikel 7, zesde lid, van de Regeling kentekens en kentekenplaten. De ambtenaar heeft met behulp van een hoekmeter gemeten onder welke hoek de kentekenplaat is gemonteerd en vastgesteld dat de hoek exact 47 graden bedraagt. Anders dan de gemachtigde van de betrokkene suggereert, heeft de meting op zorgvuldige wijze plaatsgevonden en bestaat, mede gelet op de foto die van de meting is gemaakt, geen aanleiding voor twijfel aan de vaststelling van de gedraging. Gelet op de helling waaronder de kentekenplaat op de motorfiets van de betrokkene was gemonteerd is terecht vastgesteld dat de gedraging is verricht.
9. Met betrekking tot de grond dat de ambtenaar hier met een waarschuwing had moeten volstaan, wijst het hof op de discretionaire bevoegdheid van de ambtenaar. Die bevoegdheid houdt in dat de betreffende ambtenaar een zekere ruimte heeft om te beslissen of hij volstaat met een waarschuwing dan wel direct een sanctie oplegt. Niet kan worden geoordeeld dat de ambtenaar in dit geval geen gebruik heeft kunnen maken van zijn bevoegdheid om een sanctie op te leggen.
10. De omstandigheid dat de betrokkene het voertuig zo van de dealer heeft gekocht, vormt geen reden een sanctie achterwege te laten of het sanctiebedrag te matigen. De betrokkene is er als kentekenhouder verantwoordelijk voor dat zijn voertuig aan de geldende vereisten voldoet. Dat de betrokkene niet op de hoogte was van de regels omtrent de zichtbaarheid van de kentekenplaat, is een omstandigheid waarvan de gevolgen voor zijn rekening en risico komen.
11. Het hof komt tot de slotsom dat de kantonrechter het beroep terecht met verwijzing naar artikel 7, zesde lid, van de Regeling kentekens en kentekenplaten ongegrond heeft verklaard. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter bevestigen. Aanleiding voor het toekennen van een proceskostenvergoeding is er niet.
De beslissing
Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Dit arrest is gewezen door mr. De Witt, in tegenwoordigheid van mr. Van der Zee-Venema als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.