ECLI:NL:GHARL:2026:523

ECLI:NL:GHARL:2026:523

Instantie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak 29-01-2026
Datum publicatie 30-01-2026
Zaaknummer 21-002887-24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Leeuwarden

Samenvatting

Het hof heeft verdachte ten aanzien van het onder 1 (kort gezegd: beschadiging van een goed van een ander) en onder 2 ten laste gelegde (kort gezegd: eenvoudige belediging) veroordeeld tot een taakstraf van 16 uren, bij niet naar behoren uitvoeren te vervangen door 8 dagen hechtenis. Verder heeft het hof de vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk toegewezen tot een bedrag van € 160,00 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Voor het overige heeft het hof de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in de vordering.

Uitspraak

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1980 in [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] , [woonplaats] .

Hoger beroep

Verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voornoemd vonnis van de politierechter.

Onderzoek van de zaak

Het hof heeft bij de beslissing betrokken wat op de zittingen van het hof van 7 augustus 2025 en 15 januari 2026 en op de zitting van de politierechter van 28 juni 2024 is besproken.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal strekkende tot

Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.

Verder heeft het hof kennisgenomen van wat verdachte op de zitting van het hof van 7 augustus 2025 en van wat zij in haar e-mail van 14 januari 2026 heeft aangevoerd.

Het vonnis

De politierechter heeft verdachte veroordeeld ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde tot een taakstraf van 16 uren, bij niet naar behoren uitvoeren te vervangen door 8 dagen hechtenis. De vordering van de benadeelde partij heeft de politierechter gedeeltelijk toegewezen tot een bedrag van € 410,00, bestaande uit € 160,00 materiële en € 250,00 immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Voor het overige heeft de politierechter de vordering van de benadeelde partij afgewezen.

In het proces-verbaal van de zitting van de politierechter zijn de gebruikte bewijsmiddelen niet uitgewerkt. Hierdoor kan het hof het vonnis niet bevestigen. Bovendien komt het hof tot een andere beslissing dan de politierechter ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij. Het hof zal daarom het vonnis vernietigen en opnieuw rechtdoen.

Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.zij op of omstreeks 30 december 2022 te [plaats] opzettelijk en wederrechtelijk een telefoon, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;

2.zij op of omstreeks 30 december 2022 te [plaats] opzettelijk [benadeelde] , in zijn tegenwoordigheid, mondeling, heeft beledigd door hem de woorden toe te voegen: “domme neger”, althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsoverweging

Standpunt van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat de onder 1 en 2 ten laste feiten wettig en overtuigend bewezen kunnen worden.

Standpunt van verdachte

Verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat zij vrijgesproken dient te worden van de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten. Ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde feit heeft zij aangevoerd dat zij heeft gehandeld met de bedoeling om het filmen door aangever te stoppen en aldus een schending van haar privacy te voorkomen. Zij had hierbij niet de intentie om de telefoon van aangever te beschadigen.

Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde heeft zij aangevoerd dat zij de betreffende woorden niet in beledigende zin heeft uitgesproken, maar ‘slechts’ om te provoceren. Bovendien kan het woord “neger” volgens verdachte enkel als beledigend worden gezien indien het racistische motieven verraadt. Dergelijke motieven ontbreken bij verdachte nu zij geen racist is. Dit kan volgens haar onder andere worden afgeleid uit het gegeven dat zij getrouwd is met een Surinaamse man. Binnen de Surinaamse gemeenschap is het gebruik van het woord neger bovendien lang niet zo beladen als in de “blank westerse” omgeving.

Oordeel van het hof

De door het hof gebruikte bewijsmiddelen ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde

1. Het proces-verbaal van de zitting van het hof van 7 augustus 2025, voor zover inhoudende als verklaring van verdachte zoals opgenomen op pagina’s 4 tot en met 6 van het proces-verbaal, zakelijk weergegeven:

Bij het vertrekken, heb ik in mijn emotie, ook uit boosheid en ergernis en na zelf voor

“stom dik wijf” te zijn uitgemaakt, gezegd “domme neger, als we zo tegen elkaar gaan praten, heb ik er ook nog wel een paar”. Daarna ben ik weggereden. Ik ben toen naar huis gereden en hij heeft mij op mijn oprit klemgezet. Ik ben uiteindelijk uitgestapt. Tijdens de discussie op mijn oprit zijn die woorden wel weer gevallen. Op het moment dat hij mij wilde filmen, heb ik een afwerende beweging gemaakt, zijn telefoon is daar ook absoluut bij geraakt en zijn telefoon is gevallen.

2. Het proces-verbaal van aangifte van 30 december 2022, opgenomen op pagina’s 6 tot en met 9 van het politiedossier, voor zover inhoudende als verklaring van aangever, zakelijk weergegeven:

Op 30 december 2022, omstreeks 15.38 uur reed ik samen met mijn drie kinderen in mijn voertuig op de [straatnaam] in de bocht ter hoogte de [straatnaam] te [plaats] . Ik zag dat een blauwe personenauto van het merk Renault, type Kangoo mij tegemoet reed. Ik zag dat de Renault stopte naast mijn auto. Ik zag dat een vrouw dit voertuig bestuurde. Ik zal deze vrouw hierna NN1 noemen. Ik zag dat NN1 alleen in het voertuig zat. Ik zag dat NN1 het raam van de bestuurdersportier opende. Ik hoorde dat ze tegen mij zei: “domme neger”. Ik zag dat NN1 vervolgens doorreed. Ik keerde mijn voertuig en reed achter NN1 aan. Ik zag dat NN1 haar voertuig stilzette op de oprit van perceel [straatnaam] . Ik stapte mijn auto uit en vroeg aan NN1 of ik goed gehoord had dat ze me net “domme neger” had genoemd. Ik hoorde dat NN1 tegen mij zei: ”Ja, je bent zwart dus een domme neger” en “Ja, jouw kinderen zijn zwart, maar jij bent een domme neger”. Op dat moment pakte ik mijn telefoon, want ik wilde vastleggen wat ze allemaal tegen mij zei. Ik zag en hoorde dat NN1 stopte met haar beledigende uitlatingen en ik zag dat ze op mij af kwam lopen. Ik zag en voelde dat NN1 mijn telefoon uit mijn hand sloeg waardoor deze tegen de rand van de motorkap van mijn auto terecht kwam en ik dacht dat hij daarna op de grond terechtkwam en hierdoor beschadigde. Het glas van mijn telefoon is nu gebarsten.

3. Het proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022, opgenomen op pagina’s 17 en 18 van het politiedossier, voor zover inhoudende als relaas van de verbalisant, zakelijk weergegeven:

Op vrijdag 30 december 2022 omstreeks 16.50 uur bevond ik mij verbalisant, in uniform gekleed en met de incidentenafhandeling belast op de [straatnaam] . Ik sprak daar met een vrouw welke mij later bleek te zijn genaamd [verdachte] , hierna te noemen [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1980 en wonende op voornoemd adres. Kort samengevat verklaarde [verdachte] mij ongevraagd dat ze zojuist een conflict had gehad met een man en dat ze hem een “domme neger” had genoemd, dat ze dit bewust deed omdat ze hem wilde “triggeren” en dat ze zijn telefoon had vernield.

Bewijsoverweging

Het hof is van oordeel dat de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen kunnen worden op grond van de hierboven opgenomen bewijsmiddelen. Het hof twijfelt niet aan de juistheid en betrouwbaarheid van deze bewijsmiddelen. Het hof overweegt meer in het bijzonder als volgt.

Ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde

Ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde geldt dat uit de hierboven uitgewerkte bewijsmiddelen blijkt dat verdachte tijdens het voorval op 30 december 2022 op enig moment met haar hand een zwaaiende, slaande beweging heeft gemaakt tegen de telefoon van aangever aan. Aangever had op dat moment de telefoon vast. Doordat verdachte de telefoon raakte viel deze waardoor het glazen scherm ervan is gebarsten. Uit de aard van dit handelen van verdachte en de omstandigheden waaronder dit plaatsvond, leidt het hof af dat verdachte door de slaande beweging tegen de telefoon van aangever te maken bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat deze daardoor zou vallen en zou worden beschadigd. Dat het (mede) verdachtes intentie is geweest om verdachte te doen stoppen met filmen, doet hieraan niet af. Het onder 1 ten laste gelegde feit kan daarom wettig en overtuigend bewezen worden. Het standpunt van verdachte, voor zover inhoudende dat niet vastgesteld kan worden dat sprake is geweest van zogenoemd ‘boos opzet’, maakt dit oordeel van het hof niet anders. Voor een bewezenverklaring van het onder 1 ten laste gelegde is immers niet vereist dat sprake is geweest van boos opzet, maar is de vaststelling van voorwaardelijk opzet voldoende.

Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde

Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde geldt dat uit de hierboven uitgewerkte bewijsmiddelen blijkt dat verdachte tijdens het voorval op 30 december 2022 aangever verschillende malen de woorden “domme neger” heeft toegevoegd. Verdachte heeft op de zitting van het hof verklaard dat zij het woord “dom” heeft gebruikt om te beledigen en het woord “neger” enkel heeft uitgesproken om te provoceren en niet om te beledigen. Verder heeft zij aangevoerd dat het woord “neger” alleen als beledigend kan worden gezien indien het racistische motieven verraadt, wat bij haar niet aan de orde is.

In dit kader stelt het hof voorop dat een uitlating die in iemands tegenwoordigheid wordt gedaan als beledigend moet worden beschouwd wanneer deze uitlating de strekking heeft die ander aan te randen in zijn eer of goede naam. Het oordeel dat daarvan sprake is, zal bij woorden waarvan het gebruik op zichzelf in het algemeen niet beledigend is, afhangen van de context waarin de uitlating is gedaan.

Het hof is in onderhavige zaak van oordeel dat de door de verdachte gebruikte woorden, te weten “domme neger”, in het algemeen hedendaags taalgebruik als scheldwoorden worden ervaren en onmiskenbaar ertoe strekten de eer en goede naam van aangever aan te tasten waardoor deze zonder meer als beledigend aangemerkt kunnen worden. Dat de betreffende woorden de strekking hadden aangever te beledigen wordt bovendien ondersteund door de verklaring van verdachte dat zij de betreffende woorden (mede) heeft uitgesproken als reactie op een belediging die aangever in haar richting zou hebben gemaakt. Het hof volgt verdachte dan ook niet in haar stelling dat de woorden niet beledigend, maar slechts “provocerend”, van aard waren. Gelet hierop is het hof van oordeel dat ook het onder 2 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden. De stelling van verdachte dat het woord “neger” enkel als beledigend kan worden gezien indien het racistische motieven verraadt, vindt geen steun in het recht en kan dit oordeel van het hof daarom niet anders maken. De omstandigheid dat verdachte is getrouwd met een Surinaamse man maakt dit oordeel evenmin anders.

Bewezenverklaring

Het hof acht op grond van de inhoud van wettige bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

1.zij op 30 december 2022 te [plaats] opzettelijk en wederrechtelijk een telefoon toebehorende aan [benadeelde] heeft beschadigd;

2.zij op 30 december 2022 te [plaats] opzettelijk [benadeelde] , in zijn tegenwoordigheid, mondeling, heeft beledigd door hem de woorden toe te voegen: “domme neger”.

Het hof spreekt verdachte vrij van de onderdelen van de tenlastelegging die hierboven niet bewezen zijn verklaard.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar.

Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:

opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen.

Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:

eenvoudige belediging.

Strafbaarheid van verdachte

Verdachte is strafbaar omdat geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die maakt dat verdachte niet strafbaar is.

Oplegging van straf

Bij het bepalen van de straf houdt het hof rekening met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte. Het hof heeft in het bijzonder gelet op het navolgende.

Verdachte heeft de telefoon van aangever beschadigd door deze uit zijn handen te slaan waardoor deze is gevallen. Hiermee heeft verdachte een inbreuk gemaakt op het eigendomsrecht van aangever en ervoor gezorgd dat bij aangever onnodige schade is ontstaan. Verder heeft verdachte aangever beledigd.

Het hof heeft verder gelet op het strafblad van verdachte van 15 december 2025. Daaruit volgt dat zij op 13 november 2023 is veroordeeld voor een ander strafbaar feit en dat artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing is.

Het hof heeft ook acht geslagen op de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Op de zitting van het hof van 7 augustus 2025 heeft verdachte naar voren gebracht dat zij een baan en een gezin heeft.

Gelet op het hiervoor overwogene acht het hof passend en noodzakelijk de oplegging van een taakstraf van 16 uren, bij niet naar behoren uitvoeren te vervangen door 8 dagen hechtenis.

Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]

De benadeelde partij heeft een vordering tot schadevergoeding van € 910,00 ingediend. De vordering bestaat voor € 160,00 uit materiële en voor € 750,00 uit immateriële schade. De politierechter heeft de vordering voor een deel toegewezen tot een bedrag van € 410,00, bestaande uit € 160,00 aan materiële en € 250,00 aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Voor het overige heeft de politierechter de vordering afgewezen. De benadeelde partij heeft in hoger beroep aangegeven dat het oorspronkelijke gevorderde bedrag nog steeds wordt gevorderd. Het hof moet daarom een beslissing nemen over de vordering zoals deze oorspronkelijk is ingediend.

Materiële schade

Naar het oordeel van het hof is op basis van het dossier en de door de benadeelde overgelegde stukken voldoende aannemelijk geworden dat de benadeelde partij de gestelde materiële schade betreffende de reparatiekosten van de telefoon rechtstreeks ten gevolge van het onder 1 bewezenverklaarde handelen van verdachte heeft geleden. Deze schade is door de benadeelde partij voldoende onderbouwd en door verdachte onvoldoende gemotiveerd betwist. Het hof is dan ook van oordeel dat de vordering tot een bedrag van € 160,00 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, kan worden toegewezen.

Immateriële schade

Ten aanzien van de gevorderde immateriële schade geldt dat het hof van oordeel is dat de benadeelde partij deze schadepost onvoldoende heeft onderbouwd. Hierdoor zal het hof de benadeelde partij in zoverre niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering.

Schadevergoedingsmaatregel

Om te bevorderen dat de toegewezen materiële schade door verdachte wordt vergoed, zal het hof de schadevergoedingsmaatregel opleggen.

Wetsartikelen

De straf en maatregel zijn gebaseerd op de artikelen 9, 22c, 22d, 36f, 57, 63, 266 en 350 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden op het moment van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1 en 2 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 16 (zestien) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 8 (acht) dagen hechtenis.

Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde] ter zake van het onder 1 bewezenverklaarde tot het bedrag van € 160,00 (honderdzestig euro) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.

Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij in zoverre de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Veroordeelt de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [benadeelde] , ter zake van het onder 1 bewezenverklaarde een bedrag te betalen van € 160,00 (honderdzestig euro) als vergoeding voor materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.

Bepaalt de duur van de gijzeling op ten hoogste 1 (één) dag. Toepassing van die gijzeling heft de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet op.

Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt.

Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente voor de materiële schade op 30 december 2022.

Dit arrest is gewezen door mr. F. van der Maden, mr. A.J. Rietveld en mr. A. Meester, in aanwezigheid van de griffier mr. I.C. Bita en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 29 januari 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?