ECLI:NL:GHARL:2026:5269

ECLI:NL:GHARL:2026:5269

Instantie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak 12-08-2026
Datum publicatie 12-08-2026
Zaaknummer Wahv 200.363.299/01
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Leeuwarden

Samenvatting

Geslotenverklaring Escamplaan in Den Haag. Bevoegdheid ambtenaar. De ten tijde van de gedraging geldende Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaren bepaalt (nog steeds) dat digitale handhaving van feiten als het onderhavige slechts mogelijk is na instemming van de CVOM. Uit de door de advocaat-generaal verstrekte informatie blijkt dat sprake is van die instemming.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

[betrokkene] (hierna: de betrokkene),

De beslissing van de kantonrechter

zittingsplaats Leeuwarden

Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Den Haag van 29 september 2025, betreffende

wonende te [woonplaats] .

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard.

Het verloop van de procedure

De betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Daarbij is gevraagd om de zaak op een zitting van het hof te behandelen.

De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.

De betrokkene heeft het beroep schriftelijk nader toegelicht.

De advocaat-generaal heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om daarop te reageren.

De zaak is behandeld op de zitting van 29 juli 2026. De betrokkene is verschenen.

De advocaat-generaal is vertegenwoordigd door mr. [naam] .

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 120,- voor: “een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen negeren (bord C12)”. Deze gedraging zou zijn verricht op 21 mei 2024 om 14:19 uur op de Escamplaan ter hoogte van nummer 904 in ’s-Gravenhage met het voertuig met het kenteken [kenteken] .

2. De betrokkene voert aan dat ter hoogte van de ingang van de parkeergarage onder het ziekenhuis aan het begin van de Escamplaan een waarschuwingsbord staat dat na 80 meter sprake is van een geslotenverklaring. Dit betekent dat men bij de uitgang van de parkeergarage verderop op de Escamplaan niet links mag afslaan. Dat is immers nog de weg waarvoor de geslotenverklaring geldt. Dit verbod was nog niet opgeheven, want er was geen bord F8 (einde van alle door verkeersborden aangegeven verboden) geplaatst. De betrokkene meent dat de sanctie door het ontbreken van het bord F8 niet rechtsgeldig is. Omdat links afslaan dus niet was toegestaan, is de betrokkene na het verlaten van de parkeergarage rechts afgeslagen. Toen hij zag dat dit ook niet was toegestaan, wilde hij eigenlijk keren. Dit was vanwege de aldaar gelegen vluchtheuvel echter niet mogelijk. Ook vraagt de betrokkene zich af of de gemeente na de gewijzigde verkeerssituatie ter plaatse wel instemming van het openbaar ministerie heeft gekregen om daar digitaal te mogen handhaven.

3. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Hierin staat zakelijk weergegeven dat geautomatiseerd is geconstateerd en door een camera op een digitale foto is vastgelegd dat met het voertuig met voormeld kenteken op voormelde datum, tijd en plaats een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen is genegeerd, die was aangegeven met een bord C12 van bijlage 1 bij het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990).

4. In het dossier bevinden zich processen-verbaal, waarin de ambtenaar verklaart dat hij op respectievelijk 2 mei 2024 en 4 juni 2024 de betreffende geslotenverklaring heeft gecontroleerd en daarbij heeft geconstateerd dat de bebording duidelijk zichtbaar was.

5. Bij het verweerschrift zijn door de advocaat-generaal afdrukken van Google Street View overgelegd van de situatie ter plaatse. Hierop zijn de betreffende borden C12 te zien, alsmede de vooraankondigingsborden eerder op de Escamplaan.

6. Op basis van de bovengenoemde gegevens stelt het hof vast dat de met het voertuig van de betrokkene genegeerde geslotenverklaring duidelijk door middel van bebording was aangegeven. Aldus kan worden vastgesteld dat de gedraging is verricht.

7. Het hof begrijpt de grond van de betrokkene zo dat hij de bevoegdheid van de ambtenaar betwist om te handhaven op het negeren van de onderhavige geslotenverklaring, omdat niet is gebleken dat voor het digitaal handhaven instemming is verleend door het openbaar ministerie.

8. De ten tijde van de gedraging geldende Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaren bepaalde ten aanzien van de bevoegdheid van de boa Openbare ruimte in de bij deze Regeling behorende bijlage, voor zover hier van belang, dat digitaal handhaven van feiten als het onderhavige slechts mogelijk is na instemming van het Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (hierna: CVOM).

9. Het bestaan van de bevoegdheid van de betreffende ambtenaar is het uitgangspunt (vgl. het arrest van het hof van 23 december 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:10797). Dit is slechts anders indien hetgeen wordt aangevoerd gerede twijfel doet ontstaan over de bevoegdheid van de ambtenaar. De enkele betwisting van die bevoegdheid, dan wel het in meer algemene zin aan de orde stellen daarvan door het stellen van vragen of het doen van suggesties, is hiervoor onvoldoende. Bovendien heeft de advocaat-generaal bij het verweerschrift een verklaring overgelegd van een beleidsadviseur van het Parket CVOM waarin staat het Parket CVOM op 18 juli 2023 akkoord heeft gegeven op het plan van aanpak van de gemeente met betrekking tot het instellen van de geslotenverklaring op de Escamplaan in Den Haag en vervolgens op 2 april 2024 instemming heeft verleend om digitaal te handhaven op overtredingen van het RVV 1990 op deze locatie. Op het moment van de constatering van de onderhavige gedraging was dan ook instemming verleend voor digitale handhaving.

10. Dat de gedraging de betrokkene redelijkerwijs niet kan worden verweten, omdat het ter plaatse niet was toegestaan om links af te slaan, volgt het hof dit niet. De betrokkene was het aan het begin van de Escamplaan geplaatste bord C12 immers nog niet gepasseerd toen hij de parkeergarage inreed, zodat dit bord voor hem geen gelding had toen hij de parkeergarage verderop op de Escamplaan weer verliet. De werking van een verkeersbord is beperkt tot het wegvak waar het is geplaatst. Onder een wegvak wordt blijkens het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer verstaan: “gedeelte van een weg tussen twee zijwegen of - indien geen zijweg aanwezig is - tussen twee punten waarop een verkeersmaatregel betrekking heeft”. In het onderhavige geval was de werking van het aan het begin van de Escamplaan geplaatste bord C12 dus geëindigd bij de zijweg waar de betrokkene vandaan kwam. Dat daar geen bord F8 was geplaatst maakt dit niet anders.

11. Ook het door de betrokkene ingenomen standpunt dat de gedraging redelijkerwijs niet kan worden verweten, omdat sprake was van een fuik, volgt het hof niet. Uit de door de advocaat-generaal ingebrachte afbeeldingen van Google Street View blijkt namelijk dat het bord C12 op enkele meters van de kruising is geplaatst en voor het oprijden van de kruising duidelijk zichtbaar is. Aldus is voldoende tijdig duidelijk dat op de kruising niet rechts mag worden afgeslagen. Dit volgt eveneens uit het voor de kruising geplaatste bord D5 (gebod tot het volgen van de rijrichting die op het bord is aangegeven) met daarop een pijl naar links, waaruit volgt dat links moet worden afgeslagen. Bovendien is aan de overzijde van de kruising een bord geplaatst "Doorgaand verkeer" dat naar links wijst. Dit betekent dat geen sprake is van een fuik waarbij bestuurders zouden kunnen worden gedwongen de geslotenverklaring te negeren.

12. Het voorgaande brengt mee dat dat de kantonrechter het beroep terecht ongegrond heeft verklaard. De beslissing van de kantonrechter zal dan ook worden bevestigd.

De beslissing

Het gerechtshof:

bevestigt de beslissing van de kantonrechter.

Dit arrest is gewezen door mr. De Witt, in tegenwoordigheid van mr. Starreveld als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. Starreveld

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand