GERECHTSHOF DEN HAAG
Team Belastingrecht
meervoudige kamer
nummer BK-21/00362bis
HERSTELUITSPRAAK van 3 maart 2022
in het geding tussen:
[X] te [Z] , belanghebbende,
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Den Haag, de Heffingsambtenaar,
(vertegenwoordiger: […] )
gedaan ter verbetering van de uitspraak van dit Hof met nummer BK-21/00362, ECLI:NL:GHDHA:2022:53, inzake het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 16 april 2021, nummer SGR 20/2169.
1. De uitspraak in het hoger beroep
Het is het Hof gebleken dat in de uitspraak van 18 januari 2022 abusievelijk als uitspraakdatum 18 januari 2021 is vermeld (op blz. 1 en 6).
Het Hof zal de verbetering doorvoeren zoals in 1.1 is vermeld.
2. Beslissing
Het Hof:
Deze uitspraak is vastgesteld door F.G.F. Peters, W.M.G. Visser en L.D. van Wijck-Koolstra, in tegenwoordigheid van de griffier J. Azmi Shenouda. De beslissing is op 3 maart 2022 in het openbaar uitgesproken.
aangetekend aan
partijen verzonden: