Gerechtshof Den Haag
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 13 oktober 2014 in de strafzaak tegen de verdachte:
[naam verdachte]
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
BRP-adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en - na terugwijzing van de zaak door de Hoge Raad der Nederlanden - het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde.
De officier van justitie heeft tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.
Bij arrest van dit hof van 22 november 2016 is de verdachte ter zake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 91 dagen, met aftrek van voorarrest, waarvan 90 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. Voorts is de verdachte veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 180 uren, subsidiair 90 dagen hechtenis. Ook zijn beslissingen genomen ten aanzien van de inbeslaggenomen en niet teruggeven voorwerpen, zoals nader omschreven in het arrest.
Namens de verdachte is tegen dit arrest beroep in cassatie ingesteld.
De Hoge Raad der Nederlanden heeft bij arrest van
20 november 2018 voormeld arrest van het hof vernietigd,
doch uitsluitend wat betreft de beslissing aangaande de
onder nummer 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet
teruggegeven voorwerpen vermelde computer, merk Medion,
en de zaak teruggewezen naar dit gerechtshof, opdat de
zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw
wordt berecht en afgedaan.
Bij arrest van 9 februari 2021 heeft dit hof de onttrekking aan het verkeer bevolen van de onder nummer 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet
teruggegeven voorwerpen vermelde computer, merk Medion.
Namens de verdachte is tegen dit arrest beroep in cassatie ingesteld.
De Hoge Raad der Nederlanden heeft bij arrest van 6 december 2022 laatstgenoemd arrest van het hof vernietigd, doch uitsluitend wat betreft de beslissing aangaande de onder nummer 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggeven voorwerpen vermelde computer, merk Medion, en de zaak teruggewezen naar dit gerechtshof, en wel met de hierna te bespreken terugwijzingsopdracht.
Omvang van de terugwijzingsopdracht
De Hoge Raad der Nederlanden heeft bij arrest van 6 december 2022 bepaald dat hij de zaak terugwijst naar het gerechtshof ‘zodat de zaak wat betreft de beslissing ten aanzien van het inbeslaggenomen voorwerp opnieuw wordt berecht en afgedaan’.
Gelet op voormelde procesgang legt het hof de terugwijzingsopdracht zo uit, dat het vonnis waarvan beroep aan het oordeel van het hof onderworpen is, enkel voor wat betreft de beslissing aangaande de inbeslaggenomen computer van het merk Medion.
Het hof vindt voor de onderbouwing van deze uitleg steun in randnummer 3.3 van de conclusie van de advocaat-generaal voor het arrest van de Hoge Raad d.d. 6 december 2022. Zij schrijft onder meer: “De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 20 november 2018 niet de (gehele) strafoplegging vernietigd, maar specifiek de verbeurdverklaring van de Medion-computer. Derhalve lees ik het arrest van de Hoge Raad zo dat de zaak is teruggewezen naar het hof, opdat deze enkel wat betreft de beslissing ten aanzien van (het beslag dat rust op) deze Medion-computer opnieuw wordt berecht en afgedaan en dat de (gehele) strafoplegging niet meer ter beoordeling van het hof staat. (…) Gelet op het voorgaande heeft het hof met zijn oordeel dat door het arrest van de Hoge Raad van 20 november 2018 enkel de beslissing ten aanzien van de verbeurdverklaarde Medion-computer, en dus niet de (gehele) strafoplegging, aan de orde was de zaak conform de terugwijzingsopdracht van de Hoge Raad behandeld.” Naar het oordeel van het hof geldt deze stand van zaken in de kern onverminderd voor de thans door het hof te nemen beslissing: het hof dient slechts een beslissing te nemen ten aanzien van de inbeslaggenomen Medion-computer en het dient zich te onthouden van inmenging in alle overige beslissingen nu die reeds onherroepelijk zijn geworden.
Op de terechtzitting in hoger beroep van 21 november 2024 heeft de raadsman in zijn pleidooi om aanpassing van de strafmaat verzocht. De verdachte zelf heeft, in zijn laatste woord, om wijziging van de bewijsbeslissing verzocht. Gelet op de voorgaande uitleg van de (beperkte) terugwijzingsopdracht zijn de bewezenverklaring en de strafoplegging, anders dan de verdediging wenst, in deze procedure niet meer aan de orde. Die beslissingen zijn door het arrest van de Hoge Raad d.d. 20 november 2018 reeds onherroepelijk geworden. Het staat het hof derhalve niet meer vrij inhoudelijk in te gaan op hetgeen de raadsman en de verdachte zelf hebben verzocht.
Waar hierna wordt gesproken van "de zaak" of "het vonnis", wordt daarmee bedoeld de zaak of het vonnis voor zover op grond van het vorenstaande aan het oordeel van dit hof onderworpen.
Het vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep kan, voor wat betreft de onder nummer 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggeven voorwerpen vermelde computer, merk Medion, niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.
Beslag
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de onder nummer
6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven
voorwerpen vermelde computer, merk Medion, zal worden
teruggegeven aan de verdachte.
Door en namens de verdachte is eveneens verzocht om teruggave van deze computer aan de verdachte.
Voor onttrekking aan het verkeer dan wel verbeurdverklaring van een goed is vereist dat er enige relatie is tot het bewezenverklaarde strafbare feit, in die zin dat het (onder andere) een goed betreft met betrekking tot welke het feit is begaan of met behulp waarvan het feit is begaan. Ook kan het gaan om een goed dat van zodanige aard is dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang. Daarvan is naar het oordeel van het hof geen sprake ten aanzien van de Medion-computer. Mede gelet op de standpunten van de advocaat-generaal en de verdediging zal het hof de teruggave van de Medion-computer gelasten.
BESLISSING
Het hof:
Gelast de teruggave aan de verdachte van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:
STK Computer K1: GRIJS, Medion PC MT7.
Dit arrest is gewezen door mr. G.C. Haverkate, mr. A.M.H. van der Poort-Schoenmakers en mr. E.A. Poppe-Gielesen,
in bijzijn van de griffier mr. E.C. Sjardin.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 5 december 2024.