ECLI:NL:GHDHA:2026:1747

ECLI:NL:GHDHA:2026:1747

Instantie Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak 02-04-2026
Datum publicatie 19-05-2026
Zaaknummer 22-003648-24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Poging tot doodslag. De verdachte heeft zijn ex-vriendin met een vleesmes in haar buik gestoken, in een bedrijfsruimte te midden van omstanders. Het slachtoffer moest meerdere keren worden geopereerd en heeft aanzienlijke fysieke en psychische schade opgelopen. Oplegging vijf jaar gevangenisstraf. Wegens psychische stoornis licht verminderd toerekenbaar. Deze psychische stoornis werd versterkt door gebruik van testosteron en anabole steroïden. Toekenning schadevergoeding, onder meer smartengeld en gederfde inkomsten. Geen betwisting van de hoogte van de schade door de verdachte.

Uitspraak

Onderzoek van de zaak

Rolnummer: 22-003648-24

Parketnummer: 09-068435-24

Datum uitspraak: 2 april 2026

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Den Haag gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 22 oktober 2024 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,

thans gedetineerd in P.I. Heerhugowaard te Heerhugowaard.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het primair tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zes jaren, met aftrek van voorarrest. Voorts is een beslissing genomen omtrent de vordering van de benadeelde partij, zoals nader omschreven in het vonnis waarvan beroep.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 26 februari 2024 te Sassenheim, gemeente Teylingen, althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [het slachtoffer] opzettelijk van het leven te beroven [dat slachtoffer] meermalen met een (vlees)mes in de buik en/of het bovenlichaam, althans het lichaam, heeft gestoken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou

kunnen leiden:

hij op of omstreeks 26 februari 2024 te Sassenheim, gemeente Teylingen, althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [het slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen [dat slachtoffer] meermalen met een (vlees)mes in de buik en/of het bovenlichaam, althans het lichaam, heeft gestoken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof is van oordeel, dat de eerste rechter op juiste gronden heeft geoordeeld en op juiste wijze heeft beslist, zodat het vonnis, waarvan beroep, met overneming van gronden behoort te worden bevestigd, behalve voor wat betreft de oplegging van de straf, de motivering daarvan en de beslissing op de vordering van de benadeelde partij.

Het vonnis moet op die onderdelen worden vernietigd en in zoverre moet opnieuw worden rechtgedaan.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot doodslag door het slachtoffer met een vleesmes in haar buik te steken. De verdachte en het slachtoffer hadden – naar de verklaring van de verdachte – een explosieve relatie. Ze waren beiden werkzaam in een vleesverwerkingsbedrijf. In de bedrijfsruimte van dit bedrijf heeft het steekincident plaatsgevonden. Uit het dossier en de verklaring van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep volgt dat tussen de verdachte en het slachtoffer zich al enige tijd ruzies en spanningen voordeden, waarna de relatie in het weekend voorafgaand aan het steekincident is beëindigd. Op maandagochtend troffen de verdachte en het slachtoffer elkaar meermalen op het werk, waarna de verdachte zich op enig moment zodanig gekrenkt voelde door de gedragingen van het slachtoffer, dat de verdachte besloot het slachtoffer met een vleesmes in de buik te steken.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een buitengewoon ernstig misdrijf waarbij de verdachte een zeer ernstige inbreuk heeft gemaakt op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer. Het slachtoffer heeft ernstig letsel aan haar darmen opgelopen, waarbij tweemaal operatief ingrijpen noodzakelijk was. Daarbij deden zich meerdere complicaties voor waarvoor een derde keer operatief ingrijpen nodig was. Het slachtoffer is tijdens één van deze operaties zelfs gereanimeerd. Uit de ter terechtzitting in hoger beroep voorgelezen slachtofferverklaring blijkt onder meer dat het slachtoffer haar vertrouwen in de medemens volledig is verloren. Ze probeert de gebeurtenissen te verdringen, maar wordt elke keer geconfronteerd met het litteken op haar buik wat bij vlagen sterke negatieve emoties bij haar oproept. Ze voelt zich vaak bang in de aanwezigheid van anderen en heeft ernstige slaapproblemen. Ter terechtzitting in hoger beroep heeft haar advocaat een indrukwekkende foto getoond van het (door het medisch ingrijpen ontstane) litteken op haar bovenlichaam. Het slachtoffer omschrijft haar litteken als een reusachtig litteken, waar ze tot op heden nog geen acceptatie voor heeft kunnen vinden. De gedachte om badkleding te dragen en naar het water te gaan, is voor haar onrealistisch. Kortom, de fysieke en psychische gevolgen voor het slachtoffer zijn aanzienlijk en ingrijpend. Daarnaast heeft de verdachte door zijn handelen zijn collega’s die hiervan getuige waren angst aangejaagd.

Het hof heeft acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 5 maart 2026, waaruit blijkt dat de verdachte eerder, zij het lang geleden, onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van (soortgelijke) strafbare feiten.

Het hof heeft voorts acht geslagen op de reclasseringsrapportages van 13 november 2025 en 8 augustus 2024. In de meest recente rapportage wordt geadviseerd om de verdachte in aanmerking te laten komen voor een re-integratietraject waarbij een aantal bijzondere voorwaarden wordt geadviseerd, te weten een ambulante behandeling bij een zorgverlener, waaronder het innemen van medicijnen, indien de zorgverlener dit nodig acht. In het reclasseringsadvies van 8 augustus 2024 werd door de reclassering geadviseerd om, naast bovengenoemde bijzondere voorwaarden, een middelenverbod op te leggen en de verdachte mee te laten werken aan middelencontrole.

Het hof heeft voorts kennis genomen van de rapportage Pro Justitia, inhoudende het psychiatrisch onderzoek van de verdachte van 19 juli 2024. De psychiater, dr. B.A. Blansjaar, concludeert dat de verdachte lijdt aan een psychische stoornis in de vorm van een aandachtsdeficiëntie-/hyperactiviteitsstoornis met een overwegend hyperactief-impulsief beeld. De verschijnselen overlappen deels met cluster B-persoonlijkheidsstrekken.

De bovenomschreven psychische stoornis was ten tijde van het tenlastegelegde aanwezig en zelfs versterkt en verscherpt aanwezig, namelijk door het gebruik door de verdachte van anabole steroïden en testosteron. De verdachte diende zichzelf deze middelen toe in de periode waarin het strafbare feit is gepleegd. Ter terechtzitting heeft de verdachte verklaard dat hij bekend was met de mogelijke bijwerkingen van deze middelen, te weten (een toename van) prikkelbaarheid en agressie. (Bij eerder gebruik, jaren geleden, had hij deze bijwerkingen overigens niet daadwerkelijk ervaren.) De psychiater adviseert het bewezenverklaarde in licht verminderde mate aan de verdachte toe te rekenen. Het hof neemt dit advies over.

Ten slotte heeft de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep ervan blijk gegeven dat hij oprecht spijt heeft en zich diep schaamt voor wat hij het slachtoffer heeft aangedaan. Het hof merkt op dat de verdachte van meet af aan openheid van zaken heeft gegeven en in die zin verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn handelen.

Het hof is – alles afwegende – van oordeel dat een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van vijf jaar een passende en geboden reactie vormt. Een lagere, deels voorwaardelijke gevangenisstraf zoals door de raadsman bepleit, doet naar het oordeel van het hof onvoldoende recht aan de ernst en de aard van het bewezenverklaarde feit. Hoewel het hof zich realiseert dat het daaromtrent geen zeggenschap heeft, gaat het ervan uit dat de door de reclassering voorgestelde bijzondere voorwaarden – die de verdediging graag opgelegd zou zien – aan de voorwaardelijke invrijheidsstelling zullen worden gekoppeld, op het moment dat de verdachte daarvoor in aanmerking komt.

Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de veroordeelde in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.

Vordering tot schadevergoeding [het slachtoffer]

In het onderhavige strafproces heeft [het slachtoffer] zich als benadeelde partij gevoegd en een vordering ingediend tot vergoeding van geleden materiële en immateriële schade als gevolg van het aan de verdachte tenlastegelegde, welke vordering in eerste aanleg nog is gewijzigd, tot een bedrag van € 19.326,57.

De gevorderde materiële schade bestaat uit:

( i) daggeldvergoeding ziekenhuis € 630,00

(ii) reiskostenvergoeding moeder € 2.206,23

(iii) reiskostenvergoeding slachtoffer € 121,99

(iv) factuur opvragen medische stukken LUMC € 22,50

( v) verlies arbeidsvermogen € 2.804,88

(vi) opnemen vakantiedagen afspraken/zittingen € 540,97

(vii) toekomstige kosten (fysieke en psychische schade) € 3.000,00

De benadeelde partij vordert daarnaast een bedrag van € 10.000,00 aan smartengeld.

In hoger beroep is deze vordering aan de orde tot dit in eerste aanleg gevorderde en in hoger beroep gehandhaafde bedrag.

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

De vordering van de benadeelde partij is door en namens de verdachte niet betwist.

Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte verklaard dat dit een bewuste keuze is.

Naar het oordeel van het hof heeft de benadeelde partij aangetoond dat tot een bedrag van € 6.326,57 materiële schade is geleden. Deze schade is een rechtstreeks gevolg van het bewezenverklaarde. De vordering van de benadeelde partij zal derhalve tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 februari 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. De materiële schadepost (vii) toekomstige schade (fysieke en psychische schade) is niet geconcretiseerd en daarmee onvoldoende onderbouwd. Het hof zal dan ook bepalen dat de benadeelde partij

in de vordering niet-ontvankelijk wordt verklaard voor zover deze ziet op toekomstige schade. Deze kan in zoverre bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Het hof is van oordeel dat aannemelijk is geworden dat de benadeelde partij immateriële schade heeft geleden en dat deze schade het rechtstreeks gevolg is van het bewezenverklaarde. De vordering leent zich – naar maatstaven van billijkheid – voor toewijzing tot een bedrag van € 10.000,00, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 februari 2024 tot aan de dag der algehele voldoening.

Betaling aan de Staat ten behoeve van [het slachtoffer]

Nu vaststaat dat de verdachte tot een bedrag van € 16.326,57 aansprakelijk is voor de schade die door het bewezenverklaarde is toegebracht, zal het hof aan de verdachte de verplichting opleggen dat bedrag aan de Staat te betalen ten behoeve van [het slachtoffer] .

Proceskosten

Gelet op het voorgaande dient de verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met de vordering heeft gemaakt, welke kosten het hof vooralsnog begroot op nihil, en in de kosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 36f, 45 en 287 van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde straf, de motivering daarvan en de beslissing op de vordering van de benadeelde partij en doet in zoverre opnieuw recht.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) jaren.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Vordering van [de benadeelde partij]

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van [de benadeelde partij] ter zake van het primair bewezenverklaarde tot het bedrag van € 16.326,57 (zestienduizend driehonderdzesentwintig euro en zevenenvijftig cent) bestaande uit € 6.326,57 (zesduizend driehonderdzesentwintig euro en zevenenvijftig cent) materiële schade en € 10.000,00 (tienduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.

Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij in zoverre de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Veroordeelt de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van [het slachtoffer] , ter zake van het primair bewezenverklaarde een bedrag te betalen van € 16.326,57 (zestienduizend driehonderdzesentwintig euro en zevenenvijftig cent) bestaande uit € 6.326,57 (zesduizend driehonderdzesentwintig euro en zevenenvijftig cent) materiële schade en € 10.000,00 (tienduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.

Bepaalt de duur van de gijzeling op ten hoogste 106 (honderdzes) dagen. Toepassing van die gijzeling heft de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet op.

Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt.

Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente op 26 februari 2024.

Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Dit arrest is gewezen door mr. W.J. van Boven, als voorzitter, mr. G.C. Haverkate en mr. J.A.M. Jansen, leden, in bijzijn van de griffier mr. E. Savans.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 2 april 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. G.C. Haverkate
  • mr. J.A.M. Jansen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand