BESLISSING
Het hof:
vernietigt het vonnis waarvan beroep alsmede de afzonderlijke beslissing op de vordering tot (gedeeltelijke) herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling van 12 november 2021 met v.i. zaaknummer 99-000705-24, en doet opnieuw recht:
verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 01-167213-21 onder 1, 2 en 3 en in de zaak met parketnummer 01-224370-21 onder 1, 2, 3, 4 en 5 en in de zaak met parketnummer 96-125824-21 tenlastegelegde heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
verklaart het in de zaak met parketnummer 01-167213-21 onder 1, 2 en 3 en in de zaak met parketnummer 01-224370-21 onder 1, 2, 3, 4 en 5 en in de zaak met parketnummer 96-125824-21 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar;
ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-167213-21 onder 1 en 2 en in de zaak met parketnummer 01-224370-21 onder 1 en 2 bewezenverklaarde:
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) maanden;
ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-167213-21 onder 3, in de zaak met parketnummer 01-224370-21 onder 3, 4 en 5 en in de zaak met parketnummer 96-125824-21 bewezenverklaarde:
verklaart verbeurd de inbeslaggenomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten een scooter (beslagnummer G1783132), een handschoen (beslagnummer G1837947), twee schroevendraaiers (beslagnummer G1837948) en een knijptang (beslagnummer G1837949);
wijst de vordering tot (gedeeltelijke) herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling toe en gelast dat het gedeelte van de bij vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch, d.d. 14 mei 2019 met parketnummer 01-880487-18 opgelegde vrijheidsstraf, dat als gevolg van de toepassing van de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling niet ten uitvoer is gelegd, alsnog gedeeltelijk, en wel voor de duur van 90 (negentig) dagen, wordt ondergaan.
Aldus gewezen door:
mr. A.J. Henzen, voorzitter,
mr. A.R. Hartmann en mr. Y. van Setten, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. S. Kerssies, griffier,
en op 2 februari 2024 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. Y. van Setten is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.