Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch, van 28 augustus 2024, in de strafzaak met parketnummer 01-267527-24 tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2003,
wonende te [adres] .
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte ter zake van het opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden.
Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het beroepen vonnis zal bevestigen.
Namens de verdachte is door diens raadsvrouw bepleit dat de verdachte wordt vrijgesproken van het hem tenlastegelegde.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis met aanvulling en verbetering van de gronden waarop het berust, in die zin dat het hof de door de politierechter opgesomde bewijsmiddelen zal aanvullen met een extra bewijsmiddel en de bewijsmiddelen zal uitwerken, en voorts de bewijsoverweging in haar geheel zal vervangen.
Bewijsmiddelen
De paginanummers die in onderstaande bewijsmiddelen zijn genoemd verwijzen naar pagina’s van het dossier van de Koninklijke Marechaussee, Landelijk Tactisch Commando, Brigade Brabant-Zuid, dossiernummer PL27YZ/24-003532, gesloten d.d. 23 augustus 2024 (doorgenummerde pagina's 0 tot en met 31), nader te noemen: het politiedossier.
Alle te noemen processen-verbaal zijn in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde verbalisanten. Alle verklaringen zijn, voor zover nodig, zakelijk weergegeven.
1. Het proces-verbaal van aanhouding d.d. 21 augustus 2024 (pg. 18-20), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant] :
Verdachte
Naam: [verdachte]
Voornamen: [verdachte]
Geboortedatum: [geboortedag] 2003 te [geboorteplaats]
Datum aanhouding: 21 augustus 2024
Locatie aanhouding: Eindhoven Airport
Op 21 augustus 2024 stond ik in de terminal van Eindhoven Airport. Ik zag een vrouw onze kant op lopen. De vrouw sprak ons aan. Ik hoorde de vrouw het volgende zeggen:
- Ik werk bij [bedrijf] hier op de luchthaven;
- Er staan twee mensen voor mij aan de balie die een auto willen huren;
- Ik kreeg een document overhandigd echter vertrouwde ik de uiterlijke kenmerken niet;
- Ik had het vermoeden dat dit een nep document is;
- Om die reden ben ik naar jullie gelopen.
Ik kreeg hierbij een Brits rijbewijs overhandigd voorzien van een goedgelijkende pasfoto en op naam van: [verdachte] , geboren op [geboortedag] 2003 te [geboorteplaats] . Ik, [verbalisant] , opgeleid tot documentonderzoeker niveau 1, heb dit document onderzocht en bij mij rees het vermoeden dat het document totaal vals was. Ik zag dat het paspoort van de man bij de medewerkster van [bedrijf] lag. Ik vroeg om het paspoort. Desgevraagd werd mij een geldig Brits paspoort overhandigd voorzien van een goedgelijkende foto en op naam van: [verdachte] , geboren in [geboorteplaats] . Ik zag dat dit document wel in orde was.
Ik heb vervolgens [verdachte] medegedeeld dat het Britse rijbewijs in beslag genomen is op 21 augustus 2024 te 10:53 uur ten behoeve van het onderzoek.
2. Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 21 augustus 2024 (pg. 29-31), voor zover inhoudende als relaas van documentdeskundige [deskundige] :
Aangeboden door: Koninklijke Marechaussee, brigade Brabant-Zuid op 21 augustus 2024.
Onderzocht document:
Document: rijbewijs
Land: Groot-Brittannië
Nummer: [documentnummer]
Ten name van:
Naam: [verdachte]
Voornamen: [verdachte]
Geboortedatum: [geboortedag] 2003
Vastgestelde afwijkende kenmerken t.o.v. een origineel document:
- Dit document komt qua detaillering en gebruikte beveiligingstechnieken niet overeen met originele door de autoriteiten van Groot-Brittannië afgegeven documenten van dit model;
- De ondergrondbedrukking is aangebracht middels een printtechniek. Dit is in tegenstelling tot originele door de autoriteiten van Groot-Brittannië afgegeven documenten van dit model waarop de ondergrondbedrukking is aangebracht middels een druktechniek.
Conclusie:
Naar aanleiding van vorenstaande kon dezerzijds worden vastgesteld dat het voornoemde document van Groot-Brittannië, voorzien van het nummer [documentnummer] , een vals exemplaar betrof.
3. Het proces-verbaal van verhoor d.d. 21 augustus 2024 (pg. 26-28), voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte:
V: Wist u dat het rijbewijs dat u vandaag, 21 augustus 2024, heeft aangeboden aan de medewerkers van [bedrijf] vermoedelijk vals dan wel vervalst was?
A: Ja
V: Sinds wanneer heeft u het vermoedelijk vals rijbewijs?
A: Een paar weken. (…) Ik heb met een vriend gesproken. Ik had tegen mijn vriend gezegd dat ik geen rijbewijs had. Hij zei tegen mij dat ik via een site een rijbewijs kan halen. Mijn vriend zei wel dat het dan wel een vals exemplaar zou zijn. Ik heb wel spijt dat ik dit gedaan heb. Ik heb het via [website] besteld. Ik heb er echt spijt van. Ik wilde gewoon met mijn vrouw op vakantie gaan en ik had een auto nodig.
V: Wist u dat het strafbaar is om een vervalst dan wel vals rijbewijs te overhandigen dan wel te gebruiken?
A: Ja ik was blind en te enthousiast. Ik heb er enorm spijt van. Ik dacht niet goed na.
Bewijsoverwegingen
De beslissing dat het bewezenverklaarde door de verdachte is begaan, berust op de feiten en omstandigheden als vervat in de hierboven weergegeven bewijsmiddelen in onderlinge samenhang beschouwd.
Het verweer dat de verdachte moet worden vrijgesproken, omdat niet bewezen kan worden dat de verdachte “gebruik heeft gemaakt” van het valse geschrift, dan wel dat de verdachte daartoe geen opzet had, vindt zijn weerlegging in de inhoud van de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Aldus gewezen door:
mr. H.A.T.G. Koning, voorzitter,
mr. G.J. Hanssen en mr. L. Feraaune, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. R.R.A.C. Dinnissen en mr. M.E. van Vessem, griffiers,
en op 28 juli 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. L. Feraaune is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.