ECLI:NL:GHSHE:2026:606

ECLI:NL:GHSHE:2026:606

Instantie Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak 04-03-2026
Datum publicatie 05-03-2026
Zaaknummer 20-001112-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Samenvatting

Opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, 14 kilogram hennep. Veroordeling tot voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand, proeftijd 2 jaren en een taakstraf van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis. Feitelijke beschikkingsmacht en wetenschap bewezen. De verdachte had niet alleen formeel maar ook materieel gezien beschikkingsmacht over de garagebox en de zich in die garagebox bevindende verdovende middelen. Onder wetenschap is ook begrepen het bewust aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat die middelen in een bepaalde ruimte aanwezig zijn.

Uitspraak

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 22 april 2025, parketnummer 02-039646-25 in de strafzaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1986,

wonende te [adres 1] .

Hoger beroep

Bij vonnis, waarvan beroep, is de verdachte vanwege opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod door de politierechter veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand met een proeftijd van twee jaren en een taakstraf voor de duur van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis.

Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het beroepen vonnis zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, primair bewezen zal verklaren wat de verdachte (naar het hof begrijpt) impliciet primair is tenlastegelegd (opzetvariant) en subsidiair bewezen zal verklaren wat de verdachte impliciet subsidiair is tenlastegelegd (schuldvariant). Verder heeft de advocaat-generaal gevorderd dat het hof de verdachte zal veroordelen tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand met een proeftijd van twee jaren en een taakstraf voor de duur van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis.

Door en namens de verdachte is verzocht dat het hof de verdachte primair van het (zo begrijpt het hof) impliciet primair tenlastegelegde zal vrijspreken. Subsidiair is verzocht dat het hof de verdachte van het impliciet subsidiair tenlastegelegde zal ontslaan van alle rechtsvervolging, vanwege afwezigheid van alle schuld.

Vonnis waarvan beroep

Het beroepen vonnis zal worden vernietigd omdat het hof tot een andere bewezenverklaring komt dan de politierechter.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 9 september 2024 te Breda opzettelijk aanwezig heeft gehad een hoeveelheid van ongeveer 14 kilogram hennep(toppen), in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het impliciet primair tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op 9 september 2024 te Breda opzettelijk aanwezig heeft gehad een hoeveelheid van ongeveer 14 kilogram henneptoppen, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II.

Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.

Bewijsmiddelen

Tenzij anders vermeld wordt hierna verwezen naar pagina’s van het procesdossier van de politie-eenheid Zeeland-West-Brabant, registratienummer PL2000-2024245896, met bijlagen (doorgenummerde pagina 1 tot en met 19) en het proces-verbaal van bevindingen van buitengewoon opsporingsambtenaar [verbalisant 1] van de gemeente Breda (vijf pagina’s). Alle tot het bewijs gebezigde processen-verbaal zijn, voor zover niet anders vermeld, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde verbalisanten en alle verklaringen zijn, voor zover nodig, zakelijk weergegeven.

3. Het geschrift, te weten de kennisgeving van inbeslagneming, datum registratie KVI 9 september 2024, voor zover inhoudende (pagina 15 en 16):InbeslagnemingPlaats: [adres 4] (het hof begrijpt: [adres 4] ) Breda

Datum: 9 september 2024Omstandigheden: rode sporttas met 14 zakken henneptoppen aangetroffen in een garagebox

Totale hoeveelheid: 14 kg

4. De verklaring van de verdachte, afgelegd op de terechtzitting in hoger beroep van 18 februari 2026, voor zover inhoudende:

Ik was op 9 september 2024 de huurder van de garagebox [adres 4] . De sleutel van de garagebox hing in de keuken van mijn restaurant. Na de brand in april 2023 heb ik een nieuwe sleutel aangevraagd. Ik gebruikte de garagebox voor de opslag van spullen van mijn zaak, die ik in mijn zaak niet kwijt kon, zoals inpakmateriaal en een paar oude kasten. In de garagebox stonden ook mijn scooter en nog wat andere persoonlijke spullen van mij. De garagebox ligt 200 meter van mijn restaurant vandaan.

Bewijsoverwegingen

De beslissing dat het bewezenverklaarde door de verdachte is begaan berust op de feiten en omstandigheden als vervat in de hierboven bedoelde bewijsmiddelen in onderlinge samenhang beschouwd.

Door de verdediging is primair betoogd dat de verdachte niet wist en ook niet bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat in de garagebox henneptoppen aanwezig waren. Daartoe is aangevoerd dat de verdachte sinds april 2023 nooit meer in de garagebox is geweest en dat hij sindsdien bezorgers en/of koks van en naar de garagebox liet gaan om goederen te brengen, te halen en een inventarisatie te maken. Als alternatief scenario is dan ook naar voren gebracht dat niet de verdachte, maar iemand anders de henneptoppen in de garagebox heeft geplaatst.

Het hof overweegt het volgende.

Het hof stelt voorop dat op grond van artikel 3, aanhef en onder C van de Opiumwet het verboden is een middel als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst II aanwezig te hebben.

Van ‘aanwezig hebben’ als bedoeld in artikel 3, aanhef en onder C, van de Opiumwet is sprake als de verdachte feitelijke macht over de verdovende middelen kan uitoefenen in de zin dat hij daarover kan beschikken. De verdovende middelen hoeven zich daarvoor niet noodzakelijkerwijs in de directe nabijheid van de verdachte te bevinden. Voor de bewezenverklaring van het ‘aanwezig hebben’ hoeft niet te kunnen worden vastgesteld dat de verdovende middelen aan de verdachte toebehoren of dat sprake is van beschikkings- of beheersbevoegdheid ten aanzien van de verdovende middelen. Dit aanwezig hebben geldt als misdrijf wanneer wordt tenlastegelegd en bewezenverklaard dat sprake is van opzet (daaronder begrepen voorwaardelijk opzet) op het aanwezig hebben.

Feitelijke beschikkingsmacht?

Het hof stelt vast dat de verdachte ten tijde van het aantreffen van de tenlastegelegde hennep huurder was van de garagebox. De verdachte had toegang tot de garagebox door middel van een hem ter beschikking staande sleutel, die in zijn zaak hing. In de garagebox had de verdachte persoonlijke en zakelijke eigendommen staan. Hij gebruikte de garagebox voor de opslag van voorraden die hij nodig had voor zijn bedrijf (restaurant), maar die hij daar niet kwijt kon. De garagebox was derhalve ten tijde van het aantreffen van de hennep ook daadwerkelijk in gebruik bij de verdachte. Bij gebrek aan een medehuurder geldt de verdachte in beginsel als enige gebruiker. De verdachte had gelet hierop niet alleen formeel maar ook materieel gezien beschikkingsmacht over de garagebox en de zich in die garagebox bevindende spullen.

Wetenschap?

Een volgende vraag die het hof dient te beantwoorden is of de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van de verdovende middelen. Daaronder is ook begrepen het bewust aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat die middelen in een bepaalde ruimte aanwezig zijn.

De verdachte heeft verklaard dat hij niets van de henneptoppen afwist. Sinds de brand in april 2023 is hij nooit meer in de garagebox geweest. Sinds april 2023 ging alleen (vast) personeel, als bijvoorbeeld een kok of een voor hem werkende maaltijdbezorger, naar die garagebox. Hij had constant verschillende maaltijdbezorgers in dienst, per dag wel twee. Zijn personeel en deze bezorgers moesten geregeld naar de garagebox om daar spullen te stallen of op te halen. Het waren ook deze bezorgers die de in de garagebox opgeslagen voor zijn restaurant benodigde voorraden inventariseerden.

Het hof begrijpt de verklaring van de verdachte zo dat een van zijn bezorgers dan wel een ander personeelslid de hennep in de garagebox moet hebben geplaatst. Door de politie gevraagd naar een lijst met zijn werknemers geeft de verdachte evenwel aan daarvoor niet open te staan.

Naar het oordeel van het hof had het in de rede gelegen deze namen te verstrekken om het door de verdachte gegeven alternatieve scenario handen en voeten te geven; hierdoor is een eenvoudige en in potentie effectieve opsporingsmogelijkheid onbenut gebleven. Dat eventueel ook nog ander onderzoek, zoals het opvragen van camerabeelden, had kunnen worden gedaan maakt dit niet anders, nog daargelaten de vraag of een of meer camera’s deze garagebox in beeld hadden. Daarentegen waren de gegevens van de werknemers voor de verdachte wel bekend. De verdachte heeft er niet voor gekozen deze te delen met de politie. Ook in hoger beroep heeft de verdachte nagelaten zijn scenario aannemelijk te maken door bijvoorbeeld de raadsheer-commissaris te verzoeken deze werknemers en bezorgers te horen. Van een gehoudenheid de eigen onschuld te bewijzen, zoals door de verdediging ter zitting is opgemerkt, is geen sprake. Immers, het is aan de verdediging om bij gebrek aan aanknopingspunten in het dossier de rechter zo goed mogelijk in staat te stellen het gestelde alternatieve scenario op aannemelijkheid te kunnen toetsen.

Het hof is van oordeel dat de verklaring van de verdachte als onaannemelijk terzijde moet worden geschoven. Dat de verdachte sinds april 2023 nooit meer in de garagebox was, terwijl de garagebox op 200 meter van zijn restaurant was gesitueerd en aldaar - naast persoonlijke spullen van de verdachte ook - voorraden voor het restaurant waren opgeslagen, acht het hof onaannemelijk. Het laat zich niet eenvoudig denken dat die voorraden en het beheer daarvan werden overgelaten aan elkaar snel afwisselende bezorgers. Het hof vermag evenmin in te zien waarom de verdachte sinds de brand in april 2023 nooit meer in de garagebox is geweest, terwijl hij er daarvoor kennelijk wel kwam. Het hof acht het voorts, hoewel het hof best wil aannemen dat ook verdachtes personeel in de garagebox kwam, onaannemelijk dat iemand anders, bijvoorbeeld een personeelslid, daar ongeveer 14 kilo kostbare henneptoppen in een opvallende grote rode sporttas zichtbaar op een tafel in de garagebox zou achterlaten, terwijl daarvan een sterke hennepgeur uitging; dit gelet op de hoge waarde en het grote risico op ontdekking daarvan. Bovendien is het alternatieve scenario van de verdachte op geen enkele manier verifieerbaar gemaakt.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de verdachte als enige huurder en bij gebrek aan een aannemelijk geworden alternatief scenario wetenschap had van de aanwezigheid van de henneptoppen in zijn garagebox. Er zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die nopen tot een ander oordeel.

Daarmee komt het hof tot een bewezenverklaring van het impliciet primair tenlastegelegde.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde wordt als volgt gekwalificeerd:

opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten. Het feit is strafbaar.

Strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluiten. De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezenverklaarde.

Op te leggen sanctie

Het hof heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarnaast is gelet op de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komende in de hierop gestelde wettelijke strafmaxima en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd.

De verdachte heeft ongeveer 14 kilo henneptoppen opzettelijk aanwezig gehad en heeft zich dus schuldig gemaakt aan opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod. Met zijn handelen heeft de verdachte een essentiële bijdrage geleverd aan het in stand houden van de illegale softdrugshandel met alle kwalijke neveneffecten van dien. Tevens gaan illegale hennepactiviteiten vaak gepaard met andere vormen van (gewelds-, vermogens- en andere) criminaliteit. Het hof rekent dit de verdachte aan.

Het hof heeft bij de strafoplegging acht geslagen op de inhoud van het uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 29 december 2025, betreffende het justitiële verleden van de verdachte. Hieruit blijkt dat de verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten is veroordeeld. Het uittreksel Justitiële Documentatie heeft dan ook geen invloed op de op te leggen straffen.

Het hof is – alles afwegende en met de advocaat-generaal en de rechtbank – van oordeel dat een geheel onvoorwaardelijke taakstraf van na te melden duur in combinatie met een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormen. Met de op te leggen voorwaardelijke gevangenisstraf wordt enerzijds de ernst van het bewezenverklaarde tot uitdrukking gebracht en wordt anderzijds de strafoplegging dienstbaar gemaakt aan het voorkomen van nieuwe strafbare feiten.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De beslissing is gegrond op de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 63 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) maand.

Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 120 (honderdtwintig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 60 (zestig) dagen hechtenis.

Aldus gewezen door:

mr. C.C.H.T. Coert, voorzitter,

mr. G.J. Hanssen en mr. H.A.T.G. Koning, raadsheren,

in tegenwoordigheid van R.O. Hollander, griffier,

en op 4 maart 2026 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

De griffier is buiten staat dit

arrest mede te ondertekenen

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. C.C.H.T. Coert
  • mr. G.J. Hanssen
  • mr. H.A.T.G. Koning

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?