ECLI:NL:HR:1994:ZC5609

ECLI:NL:HR:1994:ZC5609, Hoge Raad, 02-03-1994, 29.642

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 02-03-1994
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 29.642
Rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure Cassatie
Zittingsplaats Den Haag
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 19 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005416 BWBR0005537 BWBR0006358

Samenvatting

Woonforensenbelasting; art. 275 Gemeentewet (oud); woonschip; uitleg begrip gemeubileerde woning.

Uitspraak

Hoge Raad der Nederlanden

D e r d e k a m e r

nr. 29.642

2 maart 1994

PdM

ARREST

gewezen op het beroep in cassatie van Burgemeester en Wethouders van de gemeente [Q] tegen de uitspraak van het Gerechtshof te [Z] van 2 april 1993 betreffende de aan

[X] te [Z]

voor het jaar 1988 opgelegde aanslag in de woonforensenbelasting van de gemeente [Q].

1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof

Aan belanghebbende is voor het jaar 1988 ter zake van het zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, op meer dan negentig dagen van dat jaar voor zich of zijn gezin beschikbaar houden van een gemeubileerde woning, een aanslag in de woonforensenbelasting van de gemeente [Q] opgelegd ten bedrage van f 525,--, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van Burgemeester en Wethouders van de gemeente [Q] is gehandhaafd.

Belanghebbende is van de uitspraak van Burgemeester en Wethouders in beroep gekomen bij het Hof.

Het Hof heeft die uitspraak alsmede de aanslag vernietigd. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.

2. Geding in cassatie

Burgemeester en Wethouders hebben tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Belanghebbende heeft een vertoogschrift ingediend.

3. Beoordeling van het middel

3.1. In cassatie moet van het volgende worden uitgegaan. Belanghebbende, die in het onderhavige jaar geen hoofdverblijf hield in de gemeente [Q], had in dat jaar een betrekkelijk eenvoudig woonschip in die gemeente tot zijn beschikking.

3.2. In cassatie is de vraag aan de orde of dat woonschip een gemeubileerde woning in de zin van artikel 1, van de Verordening woonforensenbelasting van de gemeente [Q] is.

3.3. Het Hof heeft geoordeeld dat onder het begrip ‘’gemeubileerde woning'' in de zin van artikel 275 van de gemeentewet, op welke bepaling artikel 1 van de Verordening steunt, nimmer woonschepen vallen. Dat oordeel is onjuist. In zijn arrest van 19 december 1962, nr. 14.905, BNB 1963/95 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat sprake is van een ‘’gemeubileerde woning'' in de zin van het toenmalige artikel 288 van de gemeentewet, voor welke bepaling artikel 275 in de plaats is getreden, indien die gemeubileerde woning op zichzelf beschouwd zowel bestemd als geschikt is om enigszins duurzaam - zij het niet bepaaldelijk in alle jaargetijden - voor menselijke bewoning te dienen, zonder dat wordt acht geslagen op de mate waarin daarvan werkelijk gebruik wordt gemaakt. De geschiedenis van de totstandkoming van de Wet van 24 december 1970, Stb. 608, biedt onvoldoende steun aan de opvatting dat naar de bedoeling van de wetgever aan dat begrip thans een meer beperkte, en in het bijzonder woonschepen en caravans uitsluitende, betekenis zou toekomen. Het middel treft derhalve doel. 's Hofs uitspraak kan niet in stand blijven. Verwijzing moet volgen.

4. Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.

5. Beslissing

De Hoge Raad vernietigt de uitspraak van het Hof, verwijst het geding naar het Gerechtshof te Arnhem ter verdere behandeling en beslissing van de zaak in meervoudige kamer met inachtneming van dit arrest, en bepaalt dat door de Griffier van de Hoge Raad aan Burgemeester en Wethouders van de gemeente [Q] wordt terugbetaald het ter zake van de vervanging van de mondelinge uitspraak bij het Hof gestorte bedrag van f 150,--.

Dit arrest is gewezen door de vice-president Stoffer als voorzitter, en de raadsheren Urlings, Zuurmond, Herrmann en Fleers, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier Den Ouden, in raadkamer van 2 maart 1994.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl Belastingblad 1994/305 met annotatie van M.R.P. de Bruin BNB 1994/115 FED 1994/202 WFR 1994/422, 1 V-N 1994/1083, 32 met annotatie van Redactie
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?