ECLI:NL:HR:2000:AA8359

ECLI:NL:HR:2000:AA8359, Hoge Raad, 17-11-2000, R99/024HR

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 17-11-2000
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer R99/024HR
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2000:AA8359
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 4 zaken
Aangehaald door 5 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

-

Uitspraak

17 november 2000

Eerste Kamer

Rek.nr. R99/024HR

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[Verzoekster], wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. ir. P.J.A. Prinsen,

t e g e n

STICHTING BUREAU JEUGDZORG AMSTERDAM (BJA),

rechtsopvolgster van de Stichting Interculturele Jeugdzorg Amsterdam (SiJA), gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

1. Het geding

Op 9 februari 1999 is ter griffie van de Hoge Raad een verzoekschrift binnengekomen, dat er blijkens zijn inhoud toe strekt beroep in cassatie in te stellen tegen een tussen partijen gegeven beschikking van de Rechtbank te Amsterdam van 9 december 1998.

Dit verzoekschrift is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

Ondanks herhaald rappel is door de advocaat van de verzoekster tot cassatie geen dossier overgelegd. Bij brief van 18 januari 2000 is van de zijde van de Hoge Raad aan de advocaat van de verzoekster medegedeeld dat hem nog tot 1 februari 2000 de gelegenheid werd geboden dit verzuim te herstellen. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De op 14 juli 2000 genomen conclusie van de Advocaat-Generaal in buitengewone dienst Moltmaker strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de verzoekster in het beroep.

2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad kan bij gebrek aan de daartoe nodige stukken niet vaststellen dat het cassatieberoep tijdig is ingesteld, noch of het middel feitelijke grondslag in de bestreden uitspraak en de gedingstukken vindt. Dit brengt mee dat verzoekster in haar cassatieberoep niet-ontvankelijk is.

3. Beslissing

De Hoge Raad verklaart de verzoekster tot cassatie niet-ontvankelijk in haar beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren R. Herrmann, als voorzitter, A.E.M. van der Putt-Lauwers en H.A.M. Aaftink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 17 november 2000.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl JOL 2000, 565 NJ 2001, 223 JWB 2000/207
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?