ECLI:NL:HR:2004:AR7387

ECLI:NL:HR:2004:AR7387, Hoge Raad, 24-12-2004, C03/268HR

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 24-12-2004
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer C03/268HR
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2004:AR7387
Formele relatie: ECLI:NL:GHARN:2001:AD5953
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 6 zaken
Aangehaald door 3 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827 BWBR0001830

Samenvatting

24 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/268HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], zowel voor zich als in zijn hoedanigheid van curator over [betrokkene 1], beiden wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, incidenteel verweerder, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n 1. [Verweerder 1], 2. [Verweerder 2], 3. [Verweerder 3], allen wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in cassatie, incidenteel eisers, advocaat: jhr. mr. A.J. Sandberg. 1. Het geding in feitelijke instanties...

Uitspraak

24 december 2004

Eerste Kamer

Nr. C03/268HR

JMH/AT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser], zowel voor zich als in zijn hoedanigheid van curator over [betrokkene 1],

beiden wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie, incidenteel verweerder,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

1. [Verweerder 1],

2. [Verweerder 2],

3. [Verweerder 3],

allen wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie, incidenteel eisers,

advocaat: jhr. mr. A.J. Sandberg.

1. Het geding in feitelijke instanties

Eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - heeft bij exploot van 10 februari 2000 verweerders in cassatie - verder te noemen: [verweerder] c.s. - gedagvaard voor de rechtbank te Arnhem en gevorderd voor recht te verklaren dat [verweerder] c.s. zich jegens [eiser] hebben schuldig gemaakt aan een onrechtmatige daad en [verweerder] c.s. bij vonnis - voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad - te veroordelen om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [eiser] bij wege van schadevergoeding te betalen een bedrag, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, verhoogd met wettelijke interessen vanaf de dag van rechtsingang tot die der algehele voldoening.

[Verweerder] c.s. hebben de vordering bestreden.

De rechtbank heeft de vordering bij vonnis van 23 november 2000 afgewezen.

Tegen dit vonnis heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.

Bij tussenarrest van 20 november 2001 heeft het hof de zaak naar de rol verwezen voor nadere memorie aan de zijde van [eiser] en het heeft bij eindarrest van 18 maart 2003 het bestreden vonnis bekrachtigd.

Beide arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen beide arresten van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. [verweerder] c.s. hebben voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende het incidentele beroep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.

Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [verweerder] c.s. mede door mr. J.A.M.P. [verweerder], advocaat te Nijmegen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het principale beroep.

3. Beoordeling van de middelen in het principale beroep

3.1 De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.2 Nu het principale beroep faalt, is de voorwaarde waaronder het incidentele beroep is ingesteld, niet vervuld, zodat dit geen behandeling behoeft.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het principale beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 316,34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, P.C. Kop en E.J. Numann, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president P. Neleman op 24 december 2004.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl JOL 2004, 720 JWB 2004/482
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?