ECLI:NL:HR:2008:BD6171

ECLI:NL:HR:2008:BD6171, Hoge Raad, 26-09-2008, C07/118HR

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 26-09-2008
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer C07/118HR
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2008:BD6171
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 9 zaken
Aangehaald door 1 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827 BWBR0001830 BWBR0005290

Samenvatting

Verbintenissenrecht; vervolg op HR 21 december 2007, NJ 2008, 32. Geschil over beëindiging van een overeenkomst tot aanneming van werk en onbetaald gebleven facturen (81 RO).

Uitspraak

26 september 2008

Eerste Kamer

Nr. C07/118HR

EV/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [Eiser 1],

wonende te [woonplaats],

2. CONNECTICOM WATERLAND B.V.,

gevestigd te Watergang, gemeente Waterland,

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[Verweerster], handelende onder de naam Hout Moet,

gevestigd te [vestigingsplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. P.S. Kamminga.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerster].

1. Het geding in feitelijke instanties

[Verweerster] heeft bij exploot van 29 januari 2001 [eiser] c.s. gedagvaard voor de rechtbank te Haarlem en gevorderd, kort gezegd, [eiser] c.s. te veroordelen om aan [verweerster] te betalen een bedrag van ƒ 101.862,63, vermeerderd met de wettelijke rente over ƒ 94.807,36 en kosten.

[Eiser] c.s. hebben de vordering bestreden en, in reconventie, gevorderd, kort gezegd, de overeenkomst tussen partijen ontbonden te verklaren, althans voor zover nodig te ontbinden en [verweerster] te veroordelen tot betaling aan [eiser] c.s. van een bedrag van ƒ 60.000,--, met rente en kosten.

De rechtbank heeft, na tussenvonnissen waarbij o.a. tot comparitie van partijen is gelast en tot een deskundigenbericht is besloten dan wel later bevolen door de rechtbank, bij eindvonnis van 4 augustus 2004 in conventie [eiser] c.s. veroordeeld tot betaling aan [verweerster] een bedrag van € 28.599,78 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 6 december 2000 tot aan de dag van de algehele afdoening, en het meer of anders gevorderde afgewezen. In reconventie is de vordering afgewezen.

Tegen het eindvonnis hebben [eiser] c.s. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam en - na wijziging van eis - geconcludeerd tot vernietiging van de vonnissen van 24 april 2001, 19 februari 2003, 27 augustus 2003 en 4 augustus 2004. Voorts hebben zij, na wijziging van eis, het hof verzocht, opnieuw rechtdoende, het bindend advies te vernietigen, de overeenkomst tussen partijen te ontbinden althans aan te passen en [verweerster] te veroordelen tot betaling aan hen van € 131.642,71, te vermeerderen met wettelijke rente.

[Verweerster] heeft incidenteel appel ingesteld en gevorderd, kort gezegd, dat het hof [eiser] c.s. zal veroordelen tot betaling van € 1.783,04, te vermeerderen met de wettelijke rente en de bestreden vonnissen voor het overige, met afwijzing van de in hoger beroep gewijzigde eis, zal bekrachtigen.

Bij arrest van 2 november 2006 heeft het hof de bestreden vonnissen van de rechtbank bekrachtigd en hetgeen door partijen in hoger beroep bij wege van vermeerdering van eis is gevorderd, afgewezen.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Het beroep van [verweerster] op niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep van [eiser] c.s. heeft de Hoge Raad bij arrest d.d. 21 december 2007 verworpen.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] c.s. heeft op 11 juli 2008 schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 4.021,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 26 september 2008.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl JOL 2008, 688 RvdW 2008, 900
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?