ECLI:NL:HR:2015:1134

ECLI:NL:HR:2015:1134, Hoge Raad, 24-04-2015, 14/02147

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 24-04-2015
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 14/02147
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2015:501
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 5 zaken
Aangehaald door 6 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830 BWBR0001854 BWBR0001903

Samenvatting

Afschrift aan de raadsman van alle stukken die ter kennis van de verdachte worden gebracht ex art. 51 Sv. Hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk (ex art. 416.2 Sv). Bij de stukken van het geding bevindt zich een ontvangstbevestiging van de strafgriffie van het Hof, aan de raadsman van de verdachte, van diens stelbrief in hoger beroep. Niet kan blijken dat een afschrift van de appeldagvaarding aan de raadsman is gezonden. Ernstige vermoeden dat ten aanzien van de dagvaarding in hoger beroep art. 51 tweede volzin Sv niet is nageleefd. Niet-nakoming staat in de weg aan een geldige behandeling van de zaak ter terechtzitting buiten tegenwoordigheid van de verdachte en diens raadsman. Volgt vernietiging en terugwijzing. Anders A-G: ambtshalve niet-ontvankelijkheid van de verdachte in het cassatieberoep in het belang van een doelmatige rechtspleging. De verdachte heeft tardief hoger beroep ingesteld. Een hernieuwde behandeling zal tot dezelfde uitkomst zal leiden.

Uitspraak

24 april 2015

Strafkamer

nr.

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof Den Haag van 26 november 2013, nummer 22/003876-13, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J.H. Fellinger, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2. Beoordeling van het tweede middel

Het middel klaagt onder meer dat in hoger beroep het voorschrift van art. 51 Sv niet is nageleefd, doordat is verzuimd een afschrift van de appeldagvaarding aan de raadsman van de verdachte te zenden.

Bij de op de voet van art. 434, eerste lid, Sv aan de Hoge Raad toegezonden stukken van het geding bevindt zich een brief van 28 mei 2013 van de strafgriffie van het Hof gericht aan mr. Fellinger waarin de ontvangst wordt bevestigd van een brief van mr. Fellinger van 24 mei 2013 die inhoudt dat mr. Fellinger de verdachte in hoger beroep als raadsman bijstaat.

Bij de stukken bevindt zich tevens het dubbel van de dagvaarding in hoger beroep. Noch uit mededelingen gesteld op dat dubbel noch uit enig ander aan de Hoge Raad toegezonden stuk kan blijken dat een afschrift van die dagvaarding aan mr. Fellinger is gezonden.

Blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep is aldaar noch de verdachte noch diens raadsman verschenen.

Uit hetgeen hiervoor is overwogen, in onderlinge samenhang beschouwd, vloeit het ernstige vermoeden voort dat ten aanzien van de dagvaarding in hoger beroep het voorschrift vervat in de tweede volzin van art. 51 Sv niet is nageleefd.

Dit in het belang van de verdachte gegeven voorschrift is van zo grote betekenis dat, al is dit niet uitdrukkelijk in de wet bepaald, de niet-nakoming ervan moet worden geacht aan een geldige behandeling van de zaak ter terechtzitting buiten tegenwoordigheid van de verdachte en diens raadsman in de weg te staan.

Het middel is in zoverre terecht voorgesteld.

3. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, de middelen voor het overige geen bespreking behoeven en als volgt moet worden beslist.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren N. Jörg en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 april 2015.

Mr. Jörg is buiten staat dit arrest te ondertekenen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?