ECLI:NL:HR:2016:1009

ECLI:NL:HR:2016:1009, Hoge Raad, 31-05-2016, 15/01900

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 31-05-2016
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 15/01900
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2016:426
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 5 zaken
Aangehaald door 7 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830 BWBR0001903

Samenvatting

Verstek verleend en aanwezigheidsrecht i.g.v. opname in psychiatrisch ziekenhuis. Uit de inhoud van de in cassatie overgelegde stukken moet worden afgeleid dat de verdachte ten tijde van de behandeling van haar strafzaak in h.b. in een psychiatrisch ziekenhuis verbleef en om die reden verhinderd was op de tz. in h.b. te verschijnen, zodat de beslissing van het hof om tegen de verdachte verstek te verlenen en het onderzoek ter terechtzitting voort te zetten, achteraf bezien, onjuist was. Gelet op het grote belang van de verdachte om bij de behandeling van haar zaak aanwezig te zijn of zich door een gevolmachtigd raadsman te laten verdedigen, brengt dit mee dat de verdachte de mogelijkheid dient te hebben om haar zaak alsnog in h.b. in haar tegenwoordigheid of de tegenwoordigheid van een gevolmachtigd raadsman te doen behandelen. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Uitspraak

31 mei 2016

Strafkamer

nr. S 15/01900

AJ/EC

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 10 april 2015, nummer 20/002489-14, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.S. Nan, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het eerste middel

Het middel strekt ten betoge dat het Hof ten onrechte verstek heeft verleend tegen de niet verschenen verdachte aangezien deze ten tijde van de behandeling van haar zaak ter terechtzitting in hoger beroep in een psychiatrisch ziekenhuis verbleef en zij niet vrijwillig afstand heeft gedaan van haar recht om bij de behandeling van haar zaak aanwezig te zijn.

Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep houdt in dat aldaar de verdachte niet is verschenen, dat tegen haar verstek is verleend en dat het onderzoek is gesloten.

Uitgangspunt is dat indien de dagvaarding van een verdachte die is ingeschreven in de BRP, rechtsgeldig is betekend en de verdachte noch een door hem bepaaldelijk gevolmachtigd raadsman op de terechtzitting is verschenen, de rechter - behoudens duidelijke aanwijzingen van het tegendeel - kan uitgaan van het vermoeden dat de verdachte vrijwillig afstand heeft gedaan van zijn recht om in zijn tegenwoordigheid te worden berecht. Nochtans bestaat de mogelijkheid dat achteraf moet worden vastgesteld dat aan het recht van de verdachte om in zijn tegenwoordigheid te worden berecht, is tekortgedaan. Dit kan zich voordoen indien de verdachte wegens ziekte is verhinderd op de terechtzitting te verschijnen zonder dat dit de rechter bekend was.

Uit de in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4.3 weergegeven inhoud van de in cassatie overgelegde stukken - aan de herkomst en betrouwbaarheid waarvan in redelijkheid niet behoeft te worden getwijfeld - moet worden afgeleid dat de verdachte ten tijde van de behandeling van haar strafzaak in hoger beroep in een psychiatrisch ziekenhuis verbleef en om die reden verhinderd was op de terechtzitting in hoger beroep te verschijnen, zodat de beslissing van het Hof om tegen de verdachte verstek te verlenen en het onderzoek ter terechtzitting voort te zetten, achteraf bezien, onjuist was. Gelet op het grote belang van de verdachte om bij de behandeling van haar zaak aanwezig te zijn of zich door een gevolmachtigd raadsman te laten verdedigen, brengt het vorenoverwogene mee dat - aangenomen dat zich niet het geval voordoet als bedoeld in art. 16, eerste lid, Sv onderscheidenlijk art. 509a, eerste lid, Sv - de verdachte de mogelijkheid dient te hebben om haar zaak alsnog in hoger beroep in haar tegenwoordigheid of de tegenwoordigheid van een gevolmachtigd raadsman te doen behandelen.

Het middel is terecht voorgesteld.

3. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, het tweede middel geen bespreking behoeft en als volgt moet worden beslist.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 mei 2016.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl RvdW 2016/687 NJB 2016/1189 SR-Updates.nl 2016-0241
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?